|
2009
Casemanagers actief in de op de kaart aangegeven volgende SHN-regio's
Alle contact verloopt via de regiokantoren. Het regiokantoor kan u in contact brengen met de casemanager in uw regio.
2008
Nabestaanden moordzaken krijgen eigen begeleider
Slachtofferhulp Nederland heeft medewerkers aangesteld die de nabestaanden van slachtoffers van moord begeleiden tijdens de afhandeling van de zaak. De persoonlijke begeleiding is vooral bedoeld voor nabestaanden van „zware delicten”, zoals moorden en familiedrama's. Het gaat vaak om zaken die een enorme impact hebben op maatschappelijk niveau. De medewerker is de 'spin in het web' van de hulpverleners. Deze begeleider brengt alle betrokken partijen bij elkaar. Ook tijdens de rechtsgang blijft hij betrokken bij de nabestaanden. Het voordeel is dat zij voor een langere periode dezelfde contactpersoon hebben. Het project is opgezet in nauw onderling overleg met de nabestaanden.
Betere hulp voor nabestaanden
Meer
ondersteuning bij verwerking na moord. Nabestaanden
van personen die zijn vermoord of om het leven gebracht kunnen binnenkort meer
ondersteuning verwachten bij het verwerken van hun verlies door slachtofferhulp.
JOOST VAN DER WEGEN reporters.email@metronieuws.nl
2007
Eind 2006 zou een proef van start gaan waarbij Slachtofferhulp Nederland een belangrijke rol gaat vervullen bij de hulpverlening (in brede zin) aan nabestaanden o.a. door het aanstellen van “case managers”.
Dat
is dit jaar ook niet gelukt, maar vanaf 01-01-2007 (operationeel waarschijnlijk
vanaf februari) gaat dit “hulpverleningsprogramma” in de helft van de
regio’s bij SHN als een proef van start.
Dit
brengt ons bij de vraag: lost de “case manager” alle problemen op? Nee, dat
natuurlijk niet. Hij of zij is wel het
aanspreekpunt bij SHN voor nabestaanden. De
“case manager” regelt en stuurt. Hij/zij begeleid de nabestaanden
waar nodig op diens verzoek of op voorstel van de “case manager” zelf. De “case manager” begeleidt het slachtoffer of de nabestaande naar de politie (aangifte, identificatie etc), neemt contact op en overlegt met de werkgever en/of uitkeringsinstantie(s). Hij/zij gaat mee naar een (gratis) advocaat, naar slachtofferhulp/lotgenotenorganisaties, naar de arbo-arts, naar de huisarts, naar de woningbouwcorporatie of waar het slachtoffer of de nabestaande ook maar mee te maken krijgt. De “case manager” legt een dossier aan en coördineert het geheel. De “case manager” bouwt een heel netwerk van hulpverlenende instanties of personen om hem/haar heen. Hij/zij verwijst bijvoorbeeld naar welke advocaat, psychiater, psycholoog of naar welke instantie (traumahulp, BNMO) dan ook maar gegaan kan worden. In ieder geval dient de hulpverlenende instantie een gedegen kennis te hebben van de opvang en begeleiding van slachtoffers of nabestaanden van geweldsdelicten. Kortom, voor alles wat je maar kunt bedenken zal hij/zij zich beschikbaar stellen om te helpen, te verwijzen en/of te begeleiden. Hij/zij is dus niet zelf een psychiater of advocaat, maar heeft wel het nodige “know how”. Hij wordt bij zijn werkzaamheden bijgestaan door nog twee mensen om hem /haar heen (“de vliegende brigade”). Uiteraard bepaalt de nabestaande of hij van bovenstaande dienstverlening (deels) gebruik wil maken. Uiteraard zullen wij dit hulpprogramma kritisch blijven volgen.
2001 - 2006
Casemanager:
Het idee en het verzoek voor de nu genoemde
casemanager, is al in 2001 ontstaan
en pas in 2003 goed uitgewerkt door deelnemers (nabestaanden van slachtoffers
van moord en/of doodslag en slachtoffers van ernstige geweldsmisdrijven) van de
Stichting Aandacht Doet Spreken. De lijst ziet er als volgt uit: 1)
De politie moet altijd vergezeld zijn
van een casemanager of medewerker uit het team van de casemanager bij het melden
van een ernstig geweldsmisdrijf aan familieleden. 2)
De casemanager moet, als begeleider van politie en hulpverlener voor
familieleden, altijd een informatiepakket afgeven aan de familie of achterlaten
bij eventueel contactpersoon van de familie. 3)
Indien slachtoffer / nabestaanden niet direct hulp van casemanager wenst/wensen
en daarna ook niet binnen een week reageert/reageren, neemt casemanager zelf
contact op met slachtoffer / nabestaanden. 4)
De casemanager doet de volledige begeleiding van slachtoffer / nabestaanden
tijdens onderzoek, opsporing en aanhouding dader. Verleent bijstand aan
slachtoffer / nabestaanden bij rechtszaken en uitspraak en stelt slachtoffer /
nabestaanden op de hoogte van verder verloop, verlof en vrijlating daders.
5)
Voert bemiddeling en begeleiding uit van SH / Slachtoffer / Schadefonds /
Slachtofferzorg / bedrijfsarts/
UWV / verzekeringen / gedwongen of noodzakelijke verhuizing / regioverbod
daders na vrijlating 6)
Bouwt vanaf dag 1 een dossier op,
met daarin kopieën van proces verbaal, requisitoir, vonnis enz. 7)
Zorgt, na verloop van tijd, voor de mogelijkheid dat slachtoffer / nabestaanden
(er even tussenuit) op een geschikte locatie, eventueel met lotgenoten, rust en
ontspanning kan/kunnen vinden . 8)
Verwijst door naar regio bijeenkomsten van SHN en naar bijeenkomsten van andere
lotgenoten verenigingen. 9)
Blijft contact onderhouden, naar gelang behoefte van slachtoffer / nabestaanden
laat bij afbouw van contact adres gegevens achter. Altijd slachtoffer /
nabestaanden in kennis stellen als er van casemanager wordt gewisseld. 10)
Verstrekken van dader informatie moet altijd via de casemanagers plaatsvinden. Hieronder
staat het concept dat is ingeleverd bij Slachtofferhulp en Justitie m.b.t. de
casemanager. Coördineren,
aansturen, regelen, oppakken: De rechtszaak: o
Advocaat, lijst
met beschikbare namen van gespecialiseerde advocaten; o
Begeleiding en
uitleg tijdens de rechtszaak; o
Officier van
Justitie, Advocaat Generaal; o
Politie/familierechercheur; §
contact met politie; §
begeleiding
bij contact met politie; §
begeleiding
bij het doen van aangifte; §
begeleiding
bij identificatie lichamen; o
Voorlichting; o
Voegen,
spreekrecht, etc.; o
Strafrecht –
civiel rechterlijk; o
Opvragen dossier. ·
Hulpverlening: o
Crisishulp; o
Maatschappelijk
werk; o
(Psycho)therapie
voor: §
Opgelopen
trauma’s; §
Depressie,
angst, woede; §
Psychosomatische
klachten; §
Relatieproblemen
partners, gezinsleden, familieleden, vrienden, kennissen, schoolgenoten,
leraren, collega’s, etc; §
Opvoedingsproblematiek; §
Gedragsproblemen; o
BNMO; o
Huisarts, fysiotherapeut, etc.; o
Lotgenotencontactgroepen
(meegaan naar eerste contact). ·
Hulp
bij het regelen van de uitvaart. ·
Media: o
Informeren hoe
het werkt, wat men te wachten staat, waarschuwen voor negatieve effecten, hulp
om positieve effecten te bewerkstelligen; o
Kranten; o
Tijdschriften; o
Radio; o
TV: §
Journaal; §
Hart
van Nederland, etc.; §
Discussieprogramma’s; §
Themaprogramma’s. ·
Werkgever,
school, ARBO, verzekeringsmaatschappijen, gemeente, overheid. ·
Politie
en justitie. ·
Familie,
vrienden, kennissen. ·
Dossier
bijhouden (blijft bij Slachtofferhulp Nederland). Indien nodig uitgebreide
dossieroverdracht. Bij vakantie, ziekte, etc. altijd zorgen voor backup!
Uitreiken brochure en informatiepakket. ·
TBS
en gevangenis: o
Informatie
verschaffen over: §
Verblijf
– waar dader verblijft; §
Verlof; §
Vrijlating. ·
Hulp
bij financïele administratieve zaken. Begeleiding
in de diverse fasen ·
De
gebeurtenis: o
Trauma; o
Apatisch. ·
De
rechtszaak (2 tot 4 jaar) o
Weinig tot geen
rouwverwerking; o
Zeer veel
spanning. ·
Incidentele
terugval na de rechtszaak. ·
Vrijkomen,
verlof dader(s). Speciale aandachtspunten ·
De
casemanager moet vanaf het eerste begin betrokken worden bij de hulpverlening
aan slachtoffers/nabestaanden. Ze moeten door de politie direct worden
ingelicht. Indien men aanvankelijk geen hulp wil, dan later toch nog eens de
hulp aanbieden. ·
Moeilijke
tijden: o
Dag van de
gebeurtenis; o
Verjaardagen; o
Familiefeestdagen
(kerstmis, etc). ·
Rouwverwerking: o
Zolang de
rechtszaak loopt, slechts stukje bij beetje; o
Na de rechtszaak
komt de rouwverwerking vaak pas echt op gang. ·
Bij
moord in het buitenland fungeren als tussenpersoon. ·
SHN
moet draaiboeken hebben m.b.t. slachtoffers/nabestaanden zware geweldsdelicten
met o.a.: o
Rechtsgang; o
Informatievoorziening; o
Therapie; o
Fasen
rouwverwerking/trauma; o
Uitleg
instanties. o
Hulp bij
administratieve zaken. Een
niet onbelangrijke toevoeging aan dit concept is het meenemen van een aantal
‘oude zaken’ voor alle casemanagers en in alle regio’s die gaan starten.
Vanuit ADS is een aantal (begripvolle) nabestaanden bereid hieraan mee te
werken. Wij en zij willen hier graag aan meewerken vanuit ons project:
‘Slachtoffers Helpen Slachtoffers’. Met onze hulp en ervaringen, hopen wij,
met ongeveer twee of drie ‘oude zaken’ per regio, de casemanagers in alle
regio’s te helpen, zich, in het belang van slachtoffers, nabestaanden en
Slachtofferhulp, tot deskundige hulpverleners te ontwikkelen. Wij zijn er van overtuigd dat het meenemen van een aantal ‘oude zaken’ zal bijdragen aan het slagen van ‘de casemanager’ bij diens werkzaamheden en hulpverlening
Jac Nooijens (commissielid ADS) s
|