Archief:

Moord en Vonnis 2008

Moord en Vonnis 2009

Moord en Vonnis 2010

 
 
 

Terug naar Moord & Vonnis

 

Terug naar index Onderwerpen

 

Voor wat betreft moord, is maar 1 straf aanvaardbaar: Levenslange gevangenisstraf. 
In de afgelopen jaren is een aantal keren levenslang opgelegd, maar ook heel veel onaanvaardbare vonnissen voor moord.

De 39-jarige F.H. uit Baexem is op 19 november 2010 door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Roermond veroordeeld voor moord op zijn achtjarige dochter en poging tot moord op zijn toen tienjarige zoon. De vader kreeg een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 20 jaar opgelegd met TBS (terbeschikkingstelling) en dwangverpleging. De rechtbank acht de man verminderd toerekeningsvatbaar. Volgens de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de vader op 11 februari 2010 te Baexem opzettelijk en met voorbedachten rade zijn dochter van het leven heeft beroofd. Hij heeft met opzet en na kalm beraad en rustig overleg meermalen met een mes de keel van zijn dochter doorgesneden. De rechtbank acht daarnaast bewezen dat de vader dezelfde avond zijn zoon opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven wilde beroven door meermalen de keel van de jongen door te snijden.

Het gerechtshof in Den Bosch heeft woensdag 17 november 2010 zeventien jaar celstraf opgelegd aan de 30-jarige Bosschenaar S.C., die twee jaar geleden zijn 35-jarige stadgenoot Sarwan Ramlal doodstak. Tegen C. was 22 jaar cel geëist, dezelfde straf die hij in april vorig jaar van de rechtbank kreeg. Het hof motiveerde de lagere straf met de opmerking dat 'het belang van een consistente straftoemeting niet uit het oog mag worden verloren'. Slachtoffer Sarwan Ramlal werd op 23 januari 2008 in Den Bosch met een mes in de hals gestoken op een parkeerterrein bij een tankstation aan de Gestelseweg, waar hij door C.'s vriendin H.T. (31) naartoe was gelokt. Op camerabeelden is te zien dat zij in haar auto zit te wachten, terwijl C. zich verdekt opstelt op het parkeerterrein. Als het slachtoffer arriveert, loopt C. op hem af. Volgens het hof stak C. het slachtoffer vervolgens in zijn hals. Ramlal probeerde nog hulp te zoeken, maar bloedde dood in de hal van een nabijgelegen flatgebouw. Tegen T. was in hoger beroep 12 jaar cel geëist voor het medeplegen van de moord, terwijl de rechtbank haar eerder veroordeelde tot twee jaar cel voor medeplichtigheid. Het hof ziet voor het medeplegen, noch voor de medeplichtigheid bewijs en heeft haar vrijgesproken. Ze wist volgens het hof niet dat C. een mes bij zich droeg. Door na afloop het bebloede mes waarmee de moord was gepleegd weg te gooien maakte T. zich wel schuldig aan het verduisteren van bewijsmateriaal, maar daarvoor is ze volgens het gerechtshof niet strafbaar omdat ze in paniek handelde. De aanleiding voor de moord is nooit helemaal duidelijk geworden. Het slachtoffer had een relatie gehad met T. en zou haar geregeld om geld hebben gevraagd.

Jacob G. is woensdag 27 oktober 2010 opnieuw vrijgesproken van de moord op Tamara Wolvers. Het gerechtshof in Den Haag kan niet met zekerheid vaststellen dat de man Wolvers heeft gedood, zo maakte een woordvoerster de reden voor de vrijspraak bekend. De rechtbank in Den Haag sprak de man in 2008 ook al vrij. Tamara Wolvers was 28 jaar toen ze in de zomer van 2006 met veel geweld om het leven werd gebracht. Het Openbaar Ministerie (OM) kwam afgelopen voorjaar in de hoger-beroepszaak nog met nieuw bewijs tegen G.: een DNA-spoor van de kamerjas die het slachtoffer aanhad toen ze werd gevonden. Het DNA zou overeenkomen met dat van G. Toch heeft dit bewijs het gerechtshof niet kunnen overtuigen van de schuld van de verdachte, die getrouwd is geweest met een tante van Wolvers. G. heeft altijd ontkend dat hij Tamara Wolvers heeft vermoord. Het hof legt in zijn arrest uit dat de sporen die zijn gevonden wel in de richting van de verdachte wijzen, maar dat het bewijs niet sterk genoeg is om hem te veroordelen. Het is bijvoorbeeld niet zeker dat het celmateriaal van G. ten tijde van de moord op de badjas van Wolvers terecht is gekomen. Omdat ander bewijs ontbreekt, heeft het hof hem niet slechts op basis van het DNA-spoor kunnen veroordelen. „Bij twijfel moet ten gunste van de verdachte worden beslist. Ook in geval een dergelijke beslissing geen enkele vorm van soelaas biedt aan de nabestaanden”, verklaart het hof. ► Lees hier de uitspraak

De rechtbank in Roermond heeft dinsdag 26 oktober 2010 besloten de 27-jarige Vincent van der P. niet te veroordelen voor de moord op een hulpverlener in zijn woonplaats Heythuysen op 15 april dit jaar. Ze neemt de conclusie van gedragsdeskundigen over dat de man volledig ontoerekeningsvatbaar was toen hij zijn persoonlijk begeleider met 46 messteken doodstak. Om de samenleving te beschermen tegen Van der P., legde de rechtbank hem wel tbs met dwangverpleging op. De uitspraak is conform de eis van het Openbaar Ministerie (OM). De rechtbank volgt de lezing van het OM dat Van der P. het slachtoffer met een smoesje naar zijn huis heeft gelokt, ruzie heeft gemaakt, hem heeft doodgestoken en verstopt in een berging. Dat blijkt ook uit de tientallen briefjes die in zijn woning zijn gevonden. Tot in gruwelijke details had hij al beschreven hoe hij zijn begeleider zou doden. Volgens de advocaat handelde de zwakbegaafde Van der P. uit noodweer: de hulpverlener zou hem hebben aangevallen en zijn keel hebben dichtgedrukt. Het motief voor de moord moet in de geestelijke vermogens van de man worden gezocht. Hij heeft een autistische stoornis en is psychotisch. Volgens gedragsdeskundigen ontwikkelde hij een waanbeeld over zijn woonbegeleider. In dat beeld was de begeleider een man die zijn leven tot een hel maakte en daarom moest sterven. „Deze man is door zijn onvoorspelbare gedrag extreem gevaarlijk”, concludeerde officier van justitie Monique Smits.

De twee 46-jarige mannen die in januari een Ierse cafébezoeker doodschopten voor de deur van een kroeg in Dordrecht, zijn donderdag 22 oktober 2010 door tot 8 en 9 jaar cel veroordeeld. Het duo is door de rechtbank in Dordrecht schuldig bevonden aan doodslag. Volgens de rechter kwamen mannen tot hun daad omdat zij teveel hadden gedronken. Toen de Ier een biertje wilde bestellen weigerde de barkeepster omdat de man volgens haar al genoeg op had. Ze verzocht twee bekenden om de man naar buiten te brengen. Daar ontstond een handgemeen, waarbij het slachtoffer op de grond viel. De mannen schopten hem daarna zodanig dat hij aan zijn verwondingen overleed. De twee uit Dordrecht en Middelburg hebben al meer geweldsdelicten op hun naam staan. De rechter hield in de uitspraak ook rekening met het leed dat door hun handelen voor de nabestaanden is veroorzaakt. Een van de twee daders kreeg een hogere straf omdat hij volgens de rechter meer geweld heeft gebruikt. De daders moeten naast hun straf ook de materiële schade van ruim 15.000 euro aan de nabestaanden vergoeden.

Het gerechtshof in Den Haag heeft op 27 september 2010 een verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 jaren wegens onder meer doodslag en wederrechtelijke vrijheidsberoving. De rechtbank in Rotterdam had de verdachte tot eenzelfde straf veroordeeld, maar kwalificeerde het eerstgenoemde feit als zware mishandeling de dood ten gevolge hebbend. De verdachte heeft het slachtoffer opgezocht, haar tegen haar wil in een auto naar zijn woning in Rotterdam meegenomen en daar vernederd en haar daar ernstig mishandeld. Het slachtoffer probeerde te vluchten, waarbij zij van een balkon, van een hoogte van circa 6,5 meter, is gevallen of gesprongen. Dit heeft uiteindelijk tot haar dood geleid. Op basis van een gewijzigde tenlastelegging heeft het hof geoordeeld dat er onder die omstandigheden sprake was van doodslag.

De rechtbank ’s-Hertogenbosch heeft op 15 september 2010 een 48-jarige man veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor doodslag op een man uit Helmond. Ook moet de verdachte een schadevergoeding van ruim 6700 euro betalen. De verdachte bracht in zijn eigen woning in oktober 2009 in Helmond een eveneens 48-jarige man om het leven. Hij heeft met een kloofbijl excessief geweld uitgeoefend op vooral het hoofd van het slachtoffer. De rechtbank vindt de verklaring van de verdachte niet aannemelijk dat een derde persoon de bijl aan het slachtoffer zou hebben aangereikt. Ook is niet aannemelijk dat het slachtoffer hem met de bijl belaagde en hij zich er tegen moest verweren. Verder acht de rechtbank het ongeloofwaardig dat de man uit angst handelde voor de aanwezigheid van een vuurwapen bij het slachtoffer. De verdachte heeft het slachtoffer op zeer gewelddadige en gruwelijke wijze om het leven gebracht. Volgens de rechtbank moet het voor de nabestaanden extra traumatisch zijn geweest om te vernemen wat het slachtoffer heeft moeten meemaken. Bij het opleggen van de straf heeft de rechtbank er strafverzwarend mee rekening gehouden dat de verdachte al eerder voor een poging tot moord is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf en recent is veroordeeld voor geweldsdelicten. De rechtbank houdt er anderzijds licht strafmatigend rekening mee dat niet kan worden uitgesloten dat de verdachte eerder die dag in zijn woning door het slachtoffer met een vuurwapen is bedreigd. De rechtbank spreekt de man vrij van moord, omdat er geen sprake was van voorbedachten rade. Daarbij overweegt de rechtbank dat er geen bewijsmiddelen zijn die voldoende wijzen op een reëel moment van bezinning bij de verdachte.

Het gerechtshof in Den Haag heeft op 9 augustus 2010 in hoger beroep een 43-jarige man veroordeeld voor de moord op zijn ex-schoonouders. Het hof heeft de man een gevangenisstraf voor de duur van twintig jaren opgelegd. De man was verwikkeld in een echtscheidingsprocedure. Hij verdacht zijn gewezen schoonouders ervan de oorzaak te zijn van het moeizame verloop van die procedure. Hij is op 2 november 2007 vanuit zijn woonplaats Naaldwijk naar de in Monster gelegen woning van zijn ex-schoonouders gefietst en heeft hen aldaar met pistoolschoten om het leven gebracht. De rechtbank in Den Haag legde in eerste aanleg op 14 juli 2008 achttien jaren gevangenisstraf en de maatregel tot terbeschikkingstelling op. Het hof komt tot een hogere vrijheidsstraf dan de rechtbank, omdat er volgens het hof onvoldoende aanleiding is om genoemde maatregel op te leggen.

Twee zussen uit Ridderkerk die een derde vrouw hebben vermoord omdat zij een verhouding met de man van de oudste zus zou hebben, moeten de gevangenis in. Het gerechtshof in Den Haag veroordeelde de oudste zus vrijdag 30 juli 2010 tot vijftien jaar cel, haar zusje moet vijf jaar het gevang in. De twee vrouwen hebben hun best gedaan de moord eruit te laten zien als een zelfmoord. De oudste zus dwong het slachtoffer een afscheidsbrief te schrijven en medicijnen en bleekwater in te nemen. Vervolgens moest ze met een touw om haar nek ergens op stappen. Uiteindelijk wurgde de vrouw het slachtoffer. De jongste zus was volgens het hof steeds in de woning van het slachtoffer aanwezig en deed niets om de dood van de vrouw, die vijftien weken zwanger was, te voorkomen. De vrouwen waren zo gewiekst om een colablikje en een asbak met sigarettenpeuken mee te nemen, om hun betrokkenheid bij de moord te verhullen. Aanvankelijk gingen de vrouwen naar het huis van de 'rivale' om met haar te praten. De oudste zus vermoedde dat de vrouw al jaren een verhouding had met haar man. Uit angst haar man en stiefdochter kwijt te raken, besloot ze uiteindelijk de Ridderkerkse uit de weg te ruimen. De rechtbank veroordeelde de oudste zus ook al tot vijftien jaar, maar sprak de jongere vrouw vrij. Het hof vindt nu echter dat de jongste zus mede pleegster van de moord is. Aan de straf voor de oudere vrouw heeft het hof niets willen veranderen, mede omdat de vrouw weigert mee te werken aan psychisch en gedragskundig onderzoek.

Linda V. heeft vrijdag 30 juli 2010 twaalf jaar celstraf opgelegd gekregen voor de moord op haar man, bijna elf jaar geleden. De rechtbank in Rotterdam acht bewezen dat zij haar man heeft laten vermoorden om een miljoenenerfenis op te strijken. Volgens de rechtbank heeft de vrouw „op koelbloedige wijze moordplannen gesmeed” om aan de 10 miljoen gulden van haar man te komen. Uiteindelijk heeft ze zich samen met een ander schuldig gemaakt aan een gewetenloze moord, waarbij het slachtoffer in de kelder van zijn winkel een kogel in het hoofd werd geschoten, aldus de rechters. De man van V. werd op 9 september 1999 doodgeschoten in de kelder van zijn elektronicazaak aan de Benthuizerstraat in Rotterdam. Degene die de schoten zou hebben gelost, is inmiddels overleden. De vrouw werd weliswaar in 2000 al aangehouden, maar toen was er nog onvoldoende bewijs. De zaak werd heropend in 2006 toen zich een kroongetuige meldde. V. verhuisde in 2004 naar Costa Rica met haar nieuwe echtgenoot, een doelbewuste actie volgens de rechter omdat dat land geen uitleveringsverdrag met Nederland heeft. Toen haar tweede huwelijk op de klippen liep, openbaarde haar ex-man tegenover de rechtbank in Rotterdam en voor de camera bij Peter R. de Vries dat zij de moord had beraamd vanwege het geld. De relatie met haar man was destijds slecht en bij een eventuele scheiding zou ze het geld dat hij bezat mislopen. „Ze heeft haar man om laten brengen in haar kennelijk zeer vergaande belustheid op geld, en daarmee ook de vader van haar eigen kind. De verdachte heeft zich zeer berekenend en manipulatief getoond door kort voor de moord de winkelmedewerker van het slachtoffer voor een groot deel van de middag weg te lokken voor niet noodzakelijke opruimwerkzaamheden elders. Zo bleef het slachtoffer alleen achter en verschafte zij zichzelf een alibi”, stellen de rechters. Vrijwel direct na de moord ging de verdachte naar Luxemburg om van de rekening van het slachtoffer omvangrijke bedragen op te nemen, de rekening op te heffen en het resterende saldo naar haar eigen rekening in Zwitserland over te maken. Kort daarna is ze met haar nieuwe geliefde verloofd en naar Costa Rica verhuisd. „Profiterend van het geld van het slachtoffer heeft ze daar een nieuw leven kunnen opbouwen.”
 

Het gerechtshof in Den Haag heeft op 26 juli 2010 een 34-jarige man veroordeeld tot 15 jaar gevangenisstraf voor de moord op de eigenaar Cees Toet van café ’t Snuitje in Scheveningen en enkele andere (gewelds)delicten. Op 12 augustus 2007 kreeg de verdachte in het café onenigheid met de eigenaar. Nadat de verdachte het café had verlaten en de eigenaar had bedreigd, keerde hij korte tijd later in het bezit van een mes terug. Buiten het café heeft hij het slachtoffer neergestoken. Het slachtoffer is vrijwel direct daarna overleden. De rechtbank legde in eerste aanleg eveneens 15 jaar gevangenisstraf op. Het openbaar ministerie vorderde in hoger beroep bevestiging van het vonnis van de rechtbank en het hof komt – vrijwel geheel op dezelfde gronden – tot dezelfde straf als de rechtbank.

Het gerechtshof in Leeuwarden heeft de 21-jarige Dirk Z. veroordeeld tot veertien jaar gevangenisstraf voor doodslag. In november 2008 heeft de man de 25-jarige Suzanne Martens met messteken om het leven gebracht. Het Openbaar Ministerie had achttien jaar celstraf geëist voor moord. De rechter vond dat moord niet kan worden bewezen. Uit het rapport van de patholoog-anatoom kon niet worden vastgesteld in welke volgorde de verwondingen op het slachtoffer waren aangebracht. Dit maakt het volgens de rechter onmogelijk te concluderen of de man met voorbedachten rade heeft gehandeld. Op doodslag staat maximaal vijftien jaar gevangenisstraf.

Het gerechtshof te Den Haag heeft 22 juli 2010 een man veroordeeld tot 8 jaar gevangenisstraf voor poging doodslag en verkrachting van een 81-jarige vrouw in haar woning op 6 maart 2007 in Spijkenisse. Ook is hij veroordeeld voor een reeks van woninginbraken. De advocaat-generaal had 9 jaar gevangenisstraf geëist. Verdachte werd eerder door de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot 6 jaar cel. De rechtbank sprak hem echter vrij van de verkrachting. Tegen deze vrijspraak stelde het OM hoger beroep in. Het Hof acht in tegenstelling tot de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte ook de verkrachting heeft gepleegd. Het OM is zeer tevreden met deze uitkomst.

De rechtbank in Rotterdam heeft vrijdag 10 juli 2010 de 19-jarige L.A. veroordeeld tot tien jaar celstraf voor de fatale steekpartij tijdens het Zomercarnaval in Rotterdam. Medeverachte R. R. kreeg een celstraf van acht maanden voor mishandeling, maar hij heeft die straf inmiddels al uitgezeten. Dat heeft een woordvoerster van het Openbaar Ministerie (OM) vrijdag laten weten. Het incident vond vorig jaar plaats. Tijdens het Zomercarnaval ontstond ruzie tussen een aantal personen op de Mauritsstraat in het hart van de havenstad. Dat mondde uit in de fatale steekpartij, waardoor een 20-jarige Rotterdammer om het leven kwam. Een 19-jarige plaatsgenoot raakte gewond. De ruzie zou zijn ontstaan vanwege onenigheid over een vrouw. A. werd veroordeeld voor doodslag en een poging daartoe. R. werd alleen veroordeeld voor mishandeling. Justitie eiste twee jaar geleden twaalf jaar cel. Het OM vroeg twee weken geleden al vrijspraak voor doodslag en poging tot doodslag en eiste vijftien maanden voor de mishandeling.

De rechtbank in Breda heeft donderdag 1 juli 2010 tien jaar celstraf opgelegd aan de 66-jarige Waalwijker Paul Q. voor brandstichting in het kantoor bij de woning van hem en zijn echtgenote in mei vorig jaar. Zijn vrouw raakte bij de brand ernstig verbrand. De rechtbank veroordeelde hem voor poging tot moord. Tegen de man was 12 jaar gevangenisstraf geëist. De man en vrouw lagen in scheiding toen hij op 26 mei 2009 in het kantoor benzine over de vloer en voor haar voeten goot. De vrouw wist te vluchten maar liep ernstige brandwonden op. Ook de man raakte ernstig gewond. Door de brand moesten woningen in de buurt worden ontruimd. Volgens de rechter was Paul Q. op het moment van de daad niet volledig toerekeningsvatbaar maar was er geen sprake van psychische overmacht, zoals zijn advocaat betoogde.

De 30-jarige Brayner B. is veroordeeld tot 2,5 jaar cel voor een fatale klap die hij tijdens nieuwjaarsnacht uitdeelde op Coolsingel in Rotterdam. Dat heeft de rechtbank op 29 juni 2010 in die stad dinsdag bepaald. Het Openbaar Ministerie (OM) had vier jaar geeist. Het slachtoffer kreeg een vuistslag in zijn gezicht, viel steil achterover, liep daarbij een schedelbreuk op en overleed een dag later in het ziekenhuis. Volgens de rechters is de dood dan wel niet de bedoeling van B. geweest, het overlijden is wel het gevolg van het letsel dat hij zijn slachtoffer toebracht. De twee kregen tijdens de viering van de jaarwisseling een woordenwisseling. B. haalde vol uit met zijn vuist, aldus verscheidene getuigen. Zelf houdt hij het op een afwerende beweging. Volgens B. bedreigde het 26-jarige slachtoffer hem en leek het erop of hij naar zijn broeksband greep om een wapen te pakken. Maar die bewering vindt geen steun in de getuigenverklaringen. Van noodweer was dan ook geen sprake, meenden de rechters. In zijn nadeel spreekt dat de dader al eerder is veroordeeld voor een geweldsmisdrijf. Bovendien beoefent hij een vechtsport en had hij dus kunnen weten welke gevolgen zijn klap zouden kunnen hebben.

De rechtbank in Alkmaar heeft dinsdag 22 juni 2010 straffen van dertien en acht jaar cel opgelegd aan twee mannen voor de moord op de 23-jarige Raoul Cuevas vorig jaar juli in Alkmaar. Tegen de twee was vorige maand achttien jaar cel geëist. Het Openbaar Ministerie (OM) maakte direct na de uitspraak bekend in hoger beroep te gaan. De 28-jarige hoofdverdachte uit Den Bosch heeft bekend het slachtoffer te hebben doodgeschoten. Zijn 27-jarige mededader uit Alkmaar verschafte volgens de rechtbank het moordwapen en een vluchtauto. Ook voorzag hij de Bosschenaar volgens de rechtbank tot het laatste moment van essentiële informatie over het slachtoffer.
Lees hier de uitspraak

De 37-jarige Dennis G. heeft op dinsdag 22 juni 2010 door de rechter tbs met dwangverpleging opgelegd gekregen omdat hij zijn 7-jarige zoontje op de A22 voor een vrachtwagen gooide. Justitie eiste twee weken geleden dezelfde straf als de rechters nu hebben opgelegd. De Beverwijker was sinds 2005 geregeld psychotisch. Daar slikte hij medicijnen voor, maar die nam hij lang niet altijd in. Hij was geobsedeerd door spiritisme, numerologie, spirituele en occulte zaken. Op de bewuste dag, 22 september 2009, vond hij dat hij 'een offer moest brengen'. Op de A22 bij Beverwijk gooide hij zichzelf en zijn zoontje Amon voor een vrachtwagen. Amon was op slag dood, G. overleefde het. De verdachte zei voor de rechtbank in Haarlem zich niets meer van de bewuste dag te herinneren.

De rechtbank in Amsterdam heeft maandag 21 juni 2010 de 22-jarige Rex van P. veroordeeld tot zestien jaar celstraf voor het doodsteken van een medewerkster van een Amsterdams opvanghuis. De rechter achtte doodslag en poging tot doodslag op twee anderen bewezen. De uitspraak wijkt af van de eis van het Openbaar Ministerie (OM). Dat eiste achttien jaar cel en tbs met dwangverpleging. De rechtbank zag geen wettelijke mogelijkheid de verdachte tbs met dwangverpleging op te leggen. De gevangenisstraf viel lager uit omdat de rechter moord en pogingen tot moord, waar justitie hem van beschuldigde, niet bewezen achtte. Van P. sloeg op 15 juni vorig jaar toe nadat hij ruzie had gekregen met de drie medewerkers over zijn agressieve gedrag. Toen hij vreesde dat hij uit het huis zou worden gezet, stak hij op het drietal in met een klapmes dat hij op zak had. Een 38-jarige medewerkster overleed aan de verwondingen die Van P. haar toebracht. De twee anderen raakten ernstig gewond. Volgens de rechtbank heeft Van P. met zijn actie de levens van de nabestaanden van het slachtoffer ingrijpend veranderd. Ook de twee vrouwen die gewond raakten hebben het zwaar sinds de steekpartij. Een van hen moest stoppen met haar werk als hulpverleenster en kampt met een posttraumatische stressstoornis. De ander is haar gevoel van onbevangenheid en veiligheid verloren, aldus de rechtbank. Volgens de rechter is een langdurige gevangenisstraf op zijn plaats omdat hulpverleners een grote mate van bescherming verdienen. Daarnaast heeft bij het bepalen van de strafmaat meegewogen dat de verdachte eerder is veroordeeld voor zaken waarbij gebrek aan beheersing een rol speelde. Ook heeft Van P. geweigerd mee te werken aan een psychologisch en psychiatrisch onderzoek. De rechtbank acht daardoor bij gebrek aan kennis over hem de kans op herhaling groot. Deskundigen gaven dit tijdens de behandeling van het proces ook aan. De verdachte verklaarde tijdens de zitting dat hij niet kan geloven dat hij iemand van het leven heeft beroofd. „Ik ben een monster”, constateerde hij. Volgens Van P. had hij een black-out op het moment van de steekpartij, waardoor hij zich er niet veel meer van kan herinneren. Het OM reageerde teleurgesteld op de uitspraak en overweegt in hoger beroep te gaan. „Wij vinden dat hij doordat hij zijn agressie niet kan beheersen, behandeld moet worden”, zei een woordvoerder.

De 23-jarige Sidney B. uit Steenwijk moet twaalf jaar de cel in omdat hij vorig jaar november de oma (76) van zijn vriendinnetje Ingrid de hersens heeft ingeslagen terwijl de vrouw in het nieuwe optrekje van het stel aan het klussen was. Oma Berta Luchtmeijer, die de twee al een tijdje in haar eigen huis in Steenwijk opving en zelfs haar eigen slaapkamer afstond, zou een krenkende opmerking tegen Sidney hebben gemaakt. Ze vond dat Sidney lui was en dat schoot hem in het verkeerde keelgat. Met een tafelpoot sloeg hij haar op de zolder tegen het hoofd en tegen haar lichaam. De rechtbank vindt dat sprake is van moord met voorbedachten rade, omdat hij er doelbewust voor koos het leven van de oma te beëindigen toen hij een prop in haar mond stopte op het moment dat hij controleerde of ze wel echt dood was. Sidney nam na de moord de pinpas van oma mee, pinde er 900 euro van, haalde Ingrid van haar werk en gaf haar 100 euro, die hij zogenaamd had gevonden. Wordt normaal gesproken tien jaar cel opgelegd voor moord met voorbedachten rade, de rechtbank in Zwolle vindt op 18 juni 2010 een straf van twaalf jaar meer op zijn plaats. Men vindt zijn reactie op de krenkende opmerking buiten proporties. Daarnaast heeft de rechtbank zorgen over het risico van herhaling. Sidney is snel gekwetst en kan gevaarlijk heftig reageren. Daarom moet hij door middel van een forse celstraf ondervinden dat zijn reactie niet wordt getolereerd.

Een 17-jarige jongen uit Den Haag heeft van de rechtbank 20 maanden gevangenisstraf en jeugd-tbs opgelegd gekregen voor de moord op een 33-jarige man. De rechter neemt het de minderjarige niet alleen kwalijk dat hij de man heeft neergestoken, maar ook dat hij vervolgens de hulpdiensten op het verkeerde been heeft gezet. Dat heeft het Openbaar Ministerie (OM) in Den Haag woensdag 9 juni 2010 laten weten. De jongen belde na zijn daad 1-1-2 met de melding dat hij zelf gewond was geraakt. Terwijl ambulancepersoneel hem behandelde, lag het slachtoffer een paar meter verderop te bloeden. „Al de tijd dat de ambulancemedewerkers zijn been verzorgden, kon de verdachte zijn slachtoffer op straat zien liggen. Maar hij deed niets om hem te helpen”, aldus het OM. De 17-jarige en de volwassene kregen op 3 september rond half vier 's morgens ruzie. De jongen was onderweg naar het huis van zijn zus toen de 33-jarige Hagenaar hem op het Hobbemaplein aansprak. Ze praatten een tijdje met elkaar in een portiek. Volgens de jongen deed de man hem een oneerbaar voorstel, waardoor ze ruzie kregen. De verdachte trok een mes, rende achter de man aan en stak hem drie keer in de rug. Even verderop belde de jongen het alarmnummer en vertelde hij dat hij was gestoken. Van de fictieve verdachte gaf hij een signalement op. Ambulancemedewerkers kwamen ter plaatse en hielpen de jongen, die gewond was aan zijn knie. Gelijktijdig zocht de politie naar de 'dader'. De politieagenten hadden het echte slachtoffer wel gezien, maar ze dachten dat het om een dronkaard ging. Pas later zagen ze dat hij onder het bloed zat. De hulpdiensten hebben de man gereanimeerd, maar deze overleed kort nadat hij in het ziekenhuis was aangekomen.

De 49-jarige Geert B. uit Glanerbrug heeft donderdag 20 mei 2010 twaalf jaar cel en tbs met dwangverpleging opgelegd gekregen. De rechtbank in Zwolle achtte bewezen dat B. in 1991 in Deventer de 8-jarige Semiha Metin van het leven heeft beroofd. De zaak kwam weer aan het rollen met een aangifte in 2009 van misbruik van een nu 3-jarig meisje uit Glanerbrug. Het meisje zei dat buurman Geert het had gedaan. Behalve voor doodslag is B. ook veroordeeld voor ontucht met twee minderjarige meisjes en het bezitten en vervaardigen van kinderporno. Bij zijn aanhouding vorig jaar werden op zijn computer 18.000 kinderpornografische afbeeldingen en films gevonden. Tegen de verdachte was achttien jaar cel en tbs met dwangverpleging geëist. Semiha werd op 14 februari 1991 levenloos in haar ouderlijk huis in Deventer aangetroffen. Ze was met een nachthemd gewurgd. B. woonde destijds in de flat tegenover het appartement van het vermoorde meisje. Hij was even in beeld als verdachte, maar er was onvoldoende bewijs om hem vast te houden. Op het hemd waren speekselsporen gevonden van een onbekend persoon. In 2003 werd het mogelijk uit dit speeksel DNA-sporen te halen. De politie arresteerde B. in 2009 op verdenking van misbruik van zijn nu 3-jarige buurmeisje Rachela. Op zijn computer werden naaktfoto's van het meisje aangetroffen. Het DNA-materiaal dat hij in deze zaak moest afstaan, bleek overeen te komen met dat op het nachthemd uit Deventer. B. heeft bekend Semiha, Rachela en een derde slachtoffer misbruikt te hebben. Volgens zijn advocaat heeft B. deze bekentenissen echter in de war en onder druk afgelegd. „Uit de beelden van de verhoren blijkt daar niets van”, zei de voorzitter van de rechtbank. B. verklaarde later dat hij slechts bij Semiha aan de deur was geweest en dat zijn speeksel tijdens een niesbui op haar nachthemd is gekomen. De rechtbank kwalificeerde deze verklaring als leugenachtig. De opgelegde straf is lager dan de eis. Volgens de rechtbank staat de hoger geëiste celstraf zicht op een terugkeer in de maatschappij in de weg.

Jos P. (50) en Ron R. (46) uit Eindhoven zijn op 4 mei 2010 in hoger beroep door het gerechtshof in Den Bosch veroordeeld tot respectievelijk veertien en zestien jaar cel wegens de moord op hun stadsgenote Suzanne Geuze in september 2008. De rechtbank veroordeelde hen eerder tot veertien en achttien jaar cel, wat ook de strafeis was in hoger beroep. De mannen brachten Geuze om in haar eigen huis. P. was haar partner. Net als R. kende zij hem uit het daklozencircuit. De vriendin van R., de 43-jarige Ans F., is vrijgesproken van betrokkenheid bij de moord. De rechtbank kwam ook tot die conclusie, maar het Openbaar Ministerie had in hoger beroep acht jaar gevangenisstraf tegen haar geëist.

De rechtbank in Arnhem heeft dinsdag 3 mei 2010 marktkoopman Marcel B. (49) en diens zoon Mark B. (22) uit Hellevoetsluis veroordeeld tot dertig jaar gevangenisstraf, de maximale tijdelijke straf. De rechtbank acht hen schuldig aan de moord op een 52-jarige textielleverancier en diens 23-jarige zoon uit het Gelderse Hurwenen in september 2008. De slachtoffers werden gekneveld en door het hoofd geschoten. Hun huis werd in brand gestoken. De veroordeling is conform de eis van het Openbaar Ministerie (OM), maar het OM vond de twee schuldig aan doodslag. Het rijke slachtoffer was zakenpartner van de marktkoopman en had hem wel eens een groot bedrag geleend. De marktkoopman had nog steeds torenhoge schulden. Hulpdiensten troffen in de brandende woning ook een lege kluis aan. Behalve voor moord zijn de vader en zoon uit Hellevoetsluis veroordeeld voor brandstichting en diefstal. De rechtbank gelooft dat Marcel en Mark B. samen met Marks kameraad Ricky Scholtz naar het huis gingen met puur roofzuchtige bedoelingen. De rechtbank acht anders dan het OM bewezen dat zij de mannen doelgericht doodschoten en de jongste in brand staken, nadat de slachtoffers waren mishandeld en gewurgd. Koelbloedig en wreed en volgens vooropgezet plan. Het drietal had een vluchtauto, maar daarmee zijn ze niet vertrokken. Marcel B. werd zwaargewond naast die auto op de oprit gevonden. De autosleutels lagen in het brandende huis, per ongeluk achtergelaten toen een jas vlam vatte. Mark B. en Ricky vluchtten volgens de rechtbank te voet. Ricky is daarbij verdronken in het water van de Hurwenense Kil, die zij wilden oversteken. Zijn lichaam is daar later zonder sporen van geweld gevonden. De valse kentekenplaten op de vluchtauto zijn volgens de rechtbank gestolen door Merijn B., een andere zoon van Marcel. Marcel B. verklaarde voor de rechtbank dat afpersers van Marokkaanse komaf hen om geld naar de woning in Hurwenen hadden gedirigeerd en vervolgens de gruwelen hadden begaan. De rechtbank gelooft dat niet. Dertig jaar cel is de enige passende straf om de nabestaanden genoegdoening te geven en zulke misdaden in de toekomst te voorkomen, vindt de rechtbank. De advocaat van Mark B. wil in hoger beroep gaan.

De rechtbank in Utrecht heeft woensdag 28 april 2010 de 27-jarige Leonard S. veroordeeld tot dertig jaar gevangenisstraf. Volgens de rechtbank is bewezen dat S. in Utrecht samen met de 21-jarige Cartney K. een 30-jarige man heeft vermoord. K. werd veroordeeld tot zestien jaar gevangenisstraf. De twee verdachten wilden drugs kopen bij hun slachtoffer. De rechtbank woog heel zwaar mee dat S. op de dag van het misdrijf pas elf dagen vrij was. Hij was in 2003 tot negen jaar cel veroordeeld wegens doodslag.

De 25-jarige politieagent Quency M. moet acht jaar de cel in voor het doodsteken van zijn achttienjarige vriendin. Dat heeft de rechtbank in Rotterdam donderdag 8 april 2010 bepaald. Het Openbaar Ministerie had tien jaar geëist. De man bracht zijn vriendin met tientallen messteken om het leven, na een heftige ruzie tussen de twee. Volgens de advocaat van de man was er sprake van noodweer, maar de rechtbank verwierp dit. De vriendin was kleiner en tengerder dan M., waardoor hij haar volgens de rechter gemakkelijk een mes dat zij in handen had kon afpakken. In de relatie zou sprake geweest zijn van enig fysiek geweld door de vriendin, waarbij zij volgens de rechtbank niet naliet de agent erop te wijzen „dat hij zijn baan bij de politie zou kwijtraken als hij haar zou slaan.” Daarom week de rechtbank enigszins af van de eis van de officier van justitie.

De man die Joanne Noordink uit Aalten verkrachtte en doodde, gaat voor vijftien jaar de gevangenis in. Dat heeft de rechtbank in Zutphen woensdag 7 april 2010 bepaald. De 33-jarige Ehsan B. heeft verklaard de vrouw op 11 december 2008 na een vrijpartij te hebben gewurgd, omdat hij bang was dat ze zwanger van hem was. Na haar dood begroef de Iraniër het lichaam in zijn tuin. Daar werd ze 3,5 maand later gevonden. Het Openbaar Ministerie (OM) eiste twee weken geleden twintig jaar celstraf. Omdat de rechters niet bewezen vinden dat B. zijn misdrijf met vooropgezet plan pleegde, is B. niet voor moord maar voor doodslag veroordeeld. Daarom valt zijn straf lager uit dan geëist. Helma en Arent Noordink, de ouders van Joanne, waren blij met de verklaring van de drie rechters, hoewel de celstraf tegenviel. „Gevoel en verstand zijn in gevecht met elkaar. Hij had veel langer achter tralies gemoeten. Maar de rechter heeft wel doorgehad hoe het in elkaar stak.” Advocaat P. Pel kon nog niet zeggen of hij in hoger beroep gaat. „Ik moet nog naar de details kijken. Het kan alle kanten op. Mijn cliënt was gespannen, maar deze uitspraak gaf hem toch ook een stukje rust.” Ook het OM beraadt zich nog. Voor de familie Noordink mag er nu wel een einde komen aan alle rechtszaken, vindt moeder Helma. „Eigenlijk willen we nu maar één ding en dat is rust”. Ze hoopt wel dat B., die nog altijd verwikkeld is in een asielprocedure, na het uitzitten van zijn straf het land wordt uitgezet. Raadsman Pel geeft toe dat het er niet gunstig uitziet voor zijn cliënt.

Het gerechtshof in Amsterdam heeft vrijdag 2 april 2010 Martin M. (23) en Kenneth C. (18) tot achttien jaar cel straf veroordeeld voor de moord op garagehouder Rick Haster. Haster werd in februari 2008 doodgestoken in zijn garage in de Chrysantenstraat in Amsterdam-Noord. De uitspraak in de zaak is conform de eis. De rechtbank veroordeelde M. en C., neven van elkaar, eerder tot elk twintig jaar cel. Het hof spreekt van een 'oninvoelbare, gruwelijke daad waarbij het slachtoffer na marteling en massaal bloedverlies de dood heeft gevonden'. Samen met een broer en een neef had het tweetal kort voor de moord voor 700 euro een auto bij Haster gekocht. Na enkele dagen hield de auto ermee op en kwamen de jongens verhaal halen. Volgens het hof viel het tweetal de garagehouder eerst aan in zijn kantoor. Toen hij zwaargewond probeerde te vluchten, werd hij meegesleurd naar de garage. Haster werd vele malen gestoken met een mes, vastgebonden aan een motorblok en opnieuw gestoken, waarna het tweetal hem achterliet en de garagehouder doodbloedde. Kenneth C., was ten tijde van de moord zestien jaar oud. In beginsel zou hij volgens het minderjarigenstrafrecht berecht moeten worden, maar gezien de ernst van het misdrijf past het hof, net als de rechtbank eerder, het gewone strafrecht toe. Volgens het hof lijdt C. aan een ernstige en groeiende persoonlijkheidsstoornis die niet te behandelen is.

De rechtbank in Den Bosch heeft maandag 22 maart 2010 de 23-jarige Rawas A. uit Eindhoven voor het doodschieten van de 38-jarige Basz Zwijsen uit Uden veroordeeld tot zeven jaar cel en tbs met dwangverpleging. Het vonnis is conform de eis van het Openbaar Ministerie. Zwijsen werd op 31 augustus vorig jaar doodgeschoten op de zolder van een door hem verhuurd pand aan de Adolf van Cortenaerstraat in Eindhoven. Hij was daarnaartoe gelokt door de 16-jarige vriendin van A., met wie hij contact had in verband met een te huren kamer. Zij had tegen A. verteld dat ze door Zwijsen werd misbruikt en tot prostitutie werd gedwongen. Het verhaal was gelogen, maar bracht de zwakbegaafde A. ertoe om gewapend met een pistool de confrontatie met Zwijsen te zoeken. Kort nadat deze in de woning arriveerde schoot A. hem in de borst.

Het gerechtshof in Arnhem heeft donderdag 18 maart 2010 een 26-jarige man van Poolse komaf veroordeeld tot 12 jaar cel wegens doodslag, in juli 2007, op de 56-jarige Enschedese schoonmaker Henk Koop op basisschool 't Stadsveld in Enschede. Het hof neemt het de dader extra kwalijk dat hij iemand op een basisschool het leven benam. Een school moet bij uitstek gelden als een veilige plek en dat beeld is voor de scholieren nu verstoord, aldus het hof. De aanklager in hoger beroep had 15 jaar cel wegens moord geëist, maar net als de rechtbank eerder, kon het hof niet nagaan of er een plan vooraf was. Ook het motief is niet opgehelderd. Slachtoffer en veroordeelde kenden elkaar slechts kort en oppervlakkig. De rechtbank had de Pool eerder ook al tot 12 jaar veroordeeld. Het hof acht de schuld van de 26-jarige aangetoond, onder meer met het patroon van de bloedspetters van het slachtoffer op zijn shirt. Het scenario dat hij de conciërge vond en de steekwonden probeerde te stelpen met zijn T-shirt, is onwaarschijnlijk. De schoonmaker was over een langere tijdspanne met een mes talloze keren gestoken in zijn hoofd, hals, romp, armen en buik. Behalve veel sporen van de veroordeelde, zijn geen sporen van anderen gevonden.

De rechtbank in Den Haag heeft woensdag 17 maart 2010 veertien jaar gevangenisstraf opgelegd aan een 53-jarige man uit Den Haag. Volgens de rechters heeft hij op 18 november vorig jaar op klaarlichte dag een 54-jarige plaatsgenoot met meerdere kogels doodgeschoten op de Paul Krugerlaan. Dat gebeurde voor de ogen van tientallen mensen. De verdachte en het slachtoffer waren in het verleden zakenpartners. De veroordeelde Hagenaar meldde zich in de nacht van 18 op 19 november zelf op het politiebureau. Hij had toen een geladen pistool bij zich. De dader heeft bekend. De inwoner van Den Haag verklaarde dat hij zijn plaatsgenoot heeft doodgeschoten omdat die zijn familie bedreigde en beledigde. De rechtbank legde twee jaar minder cel op dan het Openbaar Ministerie (OM) tijdens de behandeling van deze moordzaak had geëist. De rechters hebben bij het bepalen van de strafmaat rekening gehouden met de grote financiële problemen waarin de schutter verkeerde en de omstandigheid dat zijn vrouw al lange tijd ziek is. „De rechtbank kan zich voorstellen dat verdachte door die omstandigheden ten tijde van het delict een verhoogd stressniveau had en daardoor meer dan anders gevoelig was voor beledigingen en bedreigingen, met name tegen zijn vrouw. Dit neemt uiteraard niet weg dat verdachte nooit op deze wijze had mogen reageren”, stellen de rechters in hun vonnis.

De rechtbank in Den Haag heeft woensdag 10 maart 2010 een 26-jarige man uit Nieuwkoop veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf wegens moord op de 37-jarige Ingrid Rijnsburger. De vrouw werd op 6 juni vorig jaar in haar woning op het park Dolce Vita in Zevenhoven met circa twintig messteken gedood. De verdachte meldde zich na het geweld op het politiebureau in Alphen aan den Rijn. Hij zei toen dat hij zojuist een vrouw had vermoord. Zijn kleding zat onder het bloed. Toen de politie ter plaatse ging kijken, bleek er een gordijn in de woning in brand te staan. Volgens de rechtbank heeft de man brand gesticht in een poging zijn sporen uit te wissen. De verdachte heeft verklaard dat hij een mes uit zijn auto heeft gepakt alvorens hij de woning van het slachtoffer binnenging. Bij het doden van de vrouw raakte de man zelf gewond aan zijn hand. Na zijn vertrek belde de man een vriendin om te vertellen wat hij had gedaan. Daarna zou hij terug naar binnen zijn gegaan om het slachtoffer nogmaals te steken, om zeker te weten dat ze dood was. Nadat zij het brandje had geblust, trof de politie de vrouw dood in het toilet. De verdachte heeft haar niet alleen een groot aantal messteken toegebracht, maar ook tegen het lichaam en hoofd getrapt. „Huiveringwekkend”, zo kwalificeerde de rechter de manier waarop de man tekeer is gegaan. Het rechtscollege vonniste overeenkomstig de eis van de officier van justitie. De man zou in de dagen vóór de fatale avond al een paar keer hebben bedacht dat hij de vrouw om het leven wilde brengen. Als motief heeft de man opgegeven dat het slachtoffer heeft gedreigd zijn familie en vriendin iets aan te doen. Volgens de rechtbank heeft de man dit motief niet aannemelijk kunnen maken. Als het wel waar zou zijn, zou hij tal van andere mogelijkheden hebben gehad om onder de druk van het slachtoffer uit te komen, aldus het vonnis.

Het hof Amsterdam heeft Ludson B., die in 2006 de 17 jarige Charel V. voor de ogen van het winkelend publiek op straat doodstak, 9 maart 2010 veroordeeld tot een gevangenisstaf van 12 jaar. In 2008 legde de rechtbank 5 jaar gevangenisstraf op met TBS. Het OM ging tegen deze strafmaat in beroep, en formuleerde op 23 februari jl. een eis van 8 jaar met TBS. Advocaat-generaal Oldekamp hield het hof voor dat er volgens het OM geen sprake was van noodweer, en wees op een tweetal vergelijkbare steekincidenten waarbij B. in het verleden betrokken was: “In deze zaak is de conclusie gerechtvaardigd dat geen sprake was van noodweer. B. is degene geweest die de confrontatie opzocht, waarbij hij nota bene in het bezit was van een mes. Een mes dat hij, net als in eerdere incidenten, niet schuwde om te gebruiken. Deze keer helaas met dodelijke afloop.” Het hof Amsterdam heeft het noodweer verweer verworpen en is bij het bepalen van strafmaat uitgegaan van volledige toerekenings-vatbaarheid van B.

De rechtbank in Breda heeft de 34-jarige Belg Abdelhafid K. dinsdag 9 maart 2010 veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor betrokkenheid bij de dood van een inwoner van Roosendaal in september 2007. Het slachtoffer werd neergeschoten in een woning boven een café aan de Stationsstraat. K. en medeverdachte Mohammed El K. wilden vijftig kilo hasj stelen. Deze partij drugs zou in het pand liggen. De inbrekers hadden niet op de aanwezigheid van een bewoner gerekend. El K. heeft altijd beweerd dat hij het slachtoffer in een worsteling per ongeluk dodelijk heeft geraakt. Het Openbaar Ministerie eiste twee weken geleden tien jaar cel. El K. is eerder veroordeeld tot veertien jaar cel voor zijn aandeel in deze zaak. De rechtbank houdt K. niet in dezelfde mate verantwoordelijk voor de dood van het slachtoffer als zijn medeverdachte. Mede daarom legde ze een lagere straf op dan geëist. De 34-jarige Belg is schuldig bevonden aan een gewelddadige poging tot beroving met dodelijke afloop. Zowel K. als zijn medeverdachte handelden in opdracht van een coffeeshophouder, die nog voor de rechtbank moet verschijnen.

De man die vorig jaar april in een kroeg in Rotterdam een man doodschoot en vier mensen verwondde, gaat vijftien jaar de cel in. Dat heeft de rechtbank in Rotterdam woensdag 24 februari 2010 bepaald. De rechters legden hem bovendien tbs met dwangverpleging op. De rechtbank veroordeelde de 45-jarige Luis A. voor doodslag, vier keer poging doodslag, een poging moord en bedreiging. Daar bovenop komt nog een jaar celstraf van een voorwaardelijke veroordeling uit 2006. Het Openbaar Ministerie (OM) eiste twee weken geleden achttien jaar. In het buurtcafé vond op de bewuste avond een talentenjacht met karaoke plaats. A. was onderweg naar huis, maar besloot nog een paar biertjes in het café aan het Poolsterplein te pakken. Daar kreeg hij naar eigen zeggen ruzie met een man die hem duwde, bespuwde en zijn moeder uitschold. Nadat hij het café was uitgezet, schoot hij buiten iemand neer en vuurde in de kroeg meerdere kogels af, op zoek naar de man die hem had beledigd. Een bezoeker wist A. uiteindelijk te overmeesteren. A. houdt vol dat hij het wapen al de hele avond op zak had. Het zou in een worsteling per ongeluk zijn afgegaan. Het Openbaar Ministerie (OM) geloofde daar niets van. Volgens de officier van justitie haalde de man het wapen thuis en schoot hij voor de deur iemand dood. Op zoek naar de man met wie hij ruzie had, ging hij de kroeg in en schoot daar vervolgens in het rond. De rechters constateerden dat A. tussendoor naar huis was gegaan, maar achtten moord niet bewezen. Volgens de rechters is niet vast te stellen dat hij tijdens zijn ritje van en naar de kroeg het voornemen had te schieten. Omdat hij bij de deur van de kroeg werd tegengehouden, denkt de rechtbank dat het waarschijnlijk is dat A. schoot in een gemoedsopwelling. Dat hij vervolgens in het café op zoek ging naar de man die hem bespuwde, kan volgens de rechters wel worden uitgelegd als een poging moord. De man is geen onbekende van de politie. Zo kreeg hij in 2002 een celstraf van drie jaar voor cocaïnesmokkel. Vier jaar later kreeg hij opnieuw drie jaar gevangenisstraf, waarvan een jaar voorwaardelijk, voor een poging doodslag. A. weigerde overigens mee te werken aan een onderzoek door het Pieter Baan Centrum. De tbs is dan mede gebaseerd op oude onderzoeken. Het herhalingsgevaar is volgens deskundigen groot, A. is minder toerekeningsvatbaar en is bovendien weinig intelligent.

De 51-jarige man die afgelopen juni in Rijswijk tijdens de ochtendspits op straat een man doodschoot, heeft vrijdag 26 februari 2010 vijftien jaar gevangenisstraf opgelegd gekregen van de rechtbank in Den Haag. De aanklager had zestien jaar gevangenisstraf geëist tegen de schutter uit Maarssen. De schutter schoot de 57-jarige man op 8 juni vorig jaar rond acht uur 's morgens neer op de kruising van de Huis te Landelaan en de Henriette Roland Holstlaan. Het was druk op de weg, waardoor veel mensen getuige waren van de schietpartij. De rechtbank sprak van een ijzingwekkende daad. Het slachtoffer had volgens justitie een nauwe band met de ex-vriendin van de man uit Maarssen. Het drietal werkte bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst. De man uit Maarssen dacht volgens de rechtbank dat de andere man zijn vriendin van hem had afgenomen. Getuigen die de verdachte nadat hij had geschoten in een auto zagen stappen, hebben het kenteken opgeschreven en doorgegeven aan de politie. Nog dezelfde avond meldde de man zich op het politiebureau in zijn woonplaats, omdat hij had gehoord dat de politie naar hem op zoek was. In de auto van de man vond de politie diverse kruitsporen en later werd ook het moordwapen gevonden in een loods in Loosdrecht. De rechtbank in Den Haag heeft de man veroordeeld voor moord. Hij zou van tevoren een plan hebben gemaakt, heeft zijn slachtoffer staan opwachten en heeft hem vervolgens „welbewust van achteren met een pistool in het hoofd geschoten”, aldus de rechters. Het berekenende van de man is volgens de rechtbank ook gebleken uit het feit dat hij zich had uitgedost in een opvallende gele jas, zodat getuigen zich die zouden herinneren en niet op zijn gezicht zouden letten. Nadat hij had geschoten,deed hij de jas uit, zodat hij niet meer zou voldoen aan het signalement van de schutter zoals getuigen zich dat zouden herinneren. Volgens deskundigen heeft de man een depressieve stoornis. De rechtbank ziet hem wel als enigszins verminderd toerekeningsvatbaar, maar vindt dat hij verantwoordelijk gehouden kan worden voor zijn daad.

Een vrouw uit Apeldoorn is dinsdag 23 februari 2010 door de rechtbank in Zutphen veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan zes maanden voorwaardelijk voor het laten verdrinken van haar pasgeboren baby in de toiletpot. De 30-jarige Sue L. hield tijdens de zitting twee weken geleden vol niets geweten te hebben van een zwangerschap of bevalling op de wc. De baby overleed aan onderkoeling, verdrinking of aan een combinatie van beide omdat ze met haar beentjes in de afvoer bleef vastzitten. Deskundigen meenden dat de vrouw uit paniek handelde omdat ze aan psychische stoornissen lijdt. Het Openbaar Ministerie eiste twee weken geleden nog een werkstraf van 240 uur en zes maanden voorwaardelijke celstraf. De rechtbank vergeleek deze kinderdoodslagzaak met soortgelijke zaken bij andere rechtbanken en kwam daardoor tot een hogere straf dan geëist.

De rechtbank in Arnhem heeft woensdagmorgen 17 februari 2010 dertien jaar cel opgelegd aan de 32-jarige Henk H. uit Nijmegen voor het wurgen van zijn vriend juni vorig jaar. Dat is de straf die het Openbaar Ministerie twee weken geleden eiste. De rechtbank gelooft dat H. zijn 37-jarige vriend Pascal bewust doodde in hun Nijmeegse flatwoning en het overlijden daarna deed lijken op zelfmoord. Dat baseert de rechtbank onder meer op verklaringen van de patholoog, volgens wie een langdurige en krachtige wurging met een riem of snoer de dood bij het slachtoffer veroorzaakte. Dat strookt niet met scenario's die de verdediging naar voren bracht: tijdens wurgseks zou de riem per ongeluk te strak zijn aangetrokken, doordat de verdachte op de riem ging zitten of met zijn been in de riem haakte. Nadat H. melding van zelfmoord had gemaakt, vond de politie het slachtoffer in de badkamer. Daar leek de situatie op het eerste gezicht op zelfophanging. Omdat de wurgsporen daar niet op wezen en andere aanwijzingen voor een zelfmoord 'over the top' waren, onderzocht de politie H. als mogelijke verdachte. H. week daarop uit naar de wurgseksscenario's. Dat hij de zelfmoord van zijn vriend nadien ensceneerde, kwam volgens H. voort uit paniek en angst voor gezichtsverlies wegens de wurgseks. Omdat hij vooraf op internet naar 'jezelf ophangen' zocht en de zelfdoding achteraf zorgvuldig in scène zette compleet met kleren voor de begrafenis, oordeelde de rechtbank dat H. zijn vriend doodde. De verdachte heeft geen inzicht in de precieze toedracht of het motief gegeven, omdat hij ontkent. En hij maakte het voor nabestaanden erger door zelfmoord te suggereren, aldus de rechtbank. De aanklager gelooft dat er sprake is van een 'crime passionnel', omdat H. het dreigende einde van de relatie niet kon verkroppen.

De 51-jarige Avi C., die in 2005 de twee kinderen van zijn vriendin doodde, moet van het gerechtshof in Arnhem, 17 februari 2010, vijftien jaar de gevangenis in en een tbs-behandeling met dwangverpleging ondergaan. C. pleegde zijn daad in het Groningse dorp Tolbert in een geweldsuitbarsting, die werd veroorzaakt door druggebruik. Amfetaminen (speed) dreven Avi C. op 1 augustus 2005 tot zijn bloedige daad. Eerst had hij het op zijn vriendin voorzien, maar die kon zich redden door van het balkon te springen. C. doodde daarna op brute wijze het 2-jarige zoontje en 4-jarige dochtertje van de vrouw. Volgens het gerechtshof was C. ten tijde van de doodslag licht verminderd toerekeningsvatbaar. Hij verkeerde in een drugspsychose, maar het inzicht in zijn handelingen was daardoor niet helemaal weg, meent het hof. Dat leiden de rechters onder meer af uit het feit dat C. het jongetje herkende als het zoontje van zijn vriendin. Ook een ernstige narcistische persoonlijkheidsstoornis doet af aan de toerekeningsvatbaarheid van C., aldus het hof. De straf valt lager uit dan de achttien jaar cel die het Openbaar Ministerie (OM) had geëist, omdat het hof niet bewezen acht dat het om moord gaat. C. zou niet van tevoren hebben bedacht dat hij het gezin iets ging aandoen. Nadat zijn vriendin zichzelf in veiligheid had gebracht, richtte Avi C. zijn razernij op de kinderen. Het meisje werd geslagen met een kandelaar en vervolgens stak C. haar met een mes en sneed hij haar hals door. Het jongetje werd geslagen en daarna gewurgd. De man zelf heeft gezegd dat hij door de amfetaminen en de psychose die daardoor ontstond, niet wist wat hij deed. Hij verklaarde onder meer dat hij zich verbeeldde dat hij de duivel aan het bestrijden was, toen hij zich overgaf aan geweld. Het hof meent dat de realiteit voor C. verwrongen kan zijn geweest op de bewuste momenten, maar dat hij wel degelijk enig inzicht had in zijn gedragingen. De Tolbertzaak is via de Hoge Raad bij het hof in Arnhem terechtgekomen. Voordat het hoogste rechtscollege zich over de zaak boog, had de rechtbank in Groningen C. in 2006 tot achttien jaar cel en tbs veroordeeld. In hoger beroep haalde het hof Leeuwarden de tbs daarvan af.

De voortvluchtige Turk Camali A. (nu 25) is dinsdag 16 februari 2010 in hoger beroep veroordeeld tot tien jaar cel. Het Gerechtshof in Arnhem achtte bewezen dat hij op 17 juni 2004 zijn geheime liefde, de getrouwde Denise Kavuncu (18) uit het Duitse Bönen in het Enschedese Dish Hotel om het leven bracht. Het hof kwalificeert dat als doodslag. Het Openbaar Ministerie had 14 jaar geëist, voor moord. Eerder sprak de Almelose rechtbank de man uit Steenwijk vrij. De rechters konden, ondanks onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), de doodsoorzaak niet onomstotelijk vaststellen. Het bewijs ontbrak. Na de vrijspraak schakelde het OM Independant Forensic Services (IFS) in. Met de laatste DNA-technieken stelde IFS dat het slachtoffer naar alle waarschijnlijk door externe druk op het strottenhoofd stierf. Dat extra onderzoek levert nu wel een veroordeling op. Denise's moeder krijgt de gevorderde 5575 euro toegewezen, de begrafeniskosten die zij maakte. Cumali A., die een strafblad heeft en bovendien een voorwaardelijke straf van zes weken moet uitzitten, woonde geen zitting bij.

Een 23-jarige asielzoeker die ruim vier jaar geleden een 16-jarige jongen doodstak in het Noord-Brabantse Dinteloord, is dinsdag 16 februari 2010 in hoger beroep door het gerechtshof in Den Bosch veroordeeld tot 6,5 jaar cel. De Irakees stond op 28 januari 2006 op de bus te wachten, toen een vriend van het latere slachtoffer hem aansprak. De 23-jarige asielzoeker zei iets terug, waarna de 16-jarige jongen uit Dinteloord hem een stomp in het gezicht gaf. Daarop trok de man een mes en stak de jongen in zijn borst. Het Openbaar Minsterie (OM) had acht jaar gevangenisstraf geëist. Dat was conform de straf die de rechtbank de man in 2006 had opgelegd.

Een Duitser is maandag 15 februari 2010 in zijn thuisland veroordeeld tot negen jaar cel voor de dood van een 72-jarige vrouw in Heerlen vijftien jaar geleden. Dat melden Duitse media maandag. Het Openbaar Ministerie had levenslang tegen de man geëist. De rechtbank veroordeelde de man voor verkrachting met de dood tot gevolg. De man uit Kaiserslautern werd medio vorig jaar aangehouden voor de vijftien jaar oude moord op basis van DNA-materiaal. De 72-jarige Fieny Wouters werd op 5 december 1994 dood aangetroffen in haar woning aan de Stationsstraat in Heerlen. Ze bleek door een misdrijf om het leven te zijn gekomen. Het onderzoek leidde destijds niet tot oplossing van de zaak. Onlangs werd de zaak als zogeheten 'cold case' opnieuw bekeken. De DNA-sporen werden vergeleken met het DNA-materiaal uit de databank in Duitsland. Materiaal uit deze databank bleek overeen te komen met de sporen die na de moord werden verzameld.

De rechtbank in Amsterdam heeft dinsdag 9 februari 2010 de 50-jarige Odhise K. veroordeeld tot dertien jaar celstraf voor het medeplegen van een moord eind 2008 in De Kwakel. De rechter achtte bewezen dat K. en zijn mededader het slachtoffer in koelen bloede hebben neergeschoten en vervolgens de benen hebben genomen. De andere verdachte moet nog voor de rechter verschijnen. Het misdrijf had plaats begin december 2009 bij de bloemenveiling. Volgens de rechter heeft K. samen met zijn kompaan opzettelijk en na kalm beraad op het slachtoffer geschoten, nadat ze hem van zijn tas hadden beroofd. Justitie eiste vijftien jaar gevangenisstraf. K.'s advocaat vroeg vrijspraak van moord tijdens de zitting, omdat niet zou blijken dat hij op de bewuste avond op de plek des onheils is geweest. K. heeft zelf tijdens het proces gezwegen. De rechtbank heeft daardoor geen volledig inzicht gekregen in de precieze achtergronden van de moord, luidde het vonnis. Ze gaat wel uit van een afrekening in het criminele circuit. K. is eveneens veroordeeld voor verboden wapenbezit, het voorhanden hebben van verdovende middelen en zogeheten opzetheling.

Het gerechtshof in Leeuwarden heeft voormalig politieagente Judith F. (47) uit Almere maandag 8 februari 2010 veroordeeld tot een celstraf van tien jaar. De wijkagente schoot op 10 december 2008 haar 28-jarige ex-partner dood met haar dienstwapen. Aanleiding voor het incident was een ruzie. Volgens het gerechtshof is er sprake van moord, omdat F. voldoende ruimte had om anders te handelen. „Ze was misschien wel de weg kwijt, maar ze had nog steeds met zichzelf kunnen overleggen”, aldus gerechtshofvoorzitter Oscar Anjewierden. Het Openbaar Ministerie (OM) had twee weken geleden een celstraf van twaalf jaar geëist. Die straf vindt het hof te hoog, omdat ze het als ex-agente zwaar heeft in de gevangenis. Ook houden de rechters rekening met de ruzie die aan de schietpartij voorafging.

Op 5 februari 2010 heeft de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Arnhem, een 47 jarige vrouw, A.P. B., veroordeeld wegens moord. Verdachte werd ervan verdacht in de periode van 19 tot en met 20 juni 2008 te Arnhem haar veertienjarige dochter Isabelle Quakernaat met voorbedachten rade van het leven te hebben beroofd door toediening van medicijnen en het opendraaien van een gasfles handelspropaan. Verdachte heeft verklaard dat zij geen herinneringen heeft aan de gebeurtenissen op 19 en 20 juni 2008. De raadsman heeft aangevoerd dat als er niet kan worden vastgesteld wat er precies is gebeurd, vrijspraak dient te volgen. Het hof heeft de conclusie dat de vrouw verminderd toerekeningsvatbaar was overgenomen. De gedragsdeskundigen hebben geconcludeerd dat onvoldoende argumenten zijn om een persoonlijkheidsstoornis te diagnosticeren, maar wel van een gebrekkige ontwikkeling harer geestvermogens. Verder wordt het recidiverisico van een soortgelijk feit klein geacht. Het hof heeft, gelet op de bijzondere ernst van het bewezenverklaarde misdrijf en de mate van toerekeningsvatbaarheid, de vrouw veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van acht jaar.

In een woning aan de Floris Burgwal in Capelle aan den IJssel vond op 21 juli 2009 een steekpartij plaats. Een man werd met meerdere messteken om het leven gebracht. De dader is veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf. De verdachten van de steekpartij werd eerder die dag al aangehouden op de Bermweg, omdat hij een vuurwapen bij zich droeg. Toen de man naar het politiebureau werd gebracht, vertelde hij dat hij 'iets ergs gedaan had'. Hij zou een man hebben neergestoken aan de Floris Burgwal in Rotterdam. Op dit adres de politie het reeds overleden slachtoffer aan. Er werd uitgebreid onderzoek verricht. De verdachte beriep zich tijdens de verhoren op het recht tot zwijgen. Dat maakte het onderzoek er niet eenvoudiger op. Toch kon, onder andere door de getuigenverklaringen en technisch onderzoek, voldoende bewijs worden geleverd tegen de verdachte en werd de zaak zaak op woensdag 20 januari 2010 inhoudelijk op de zitting gebracht. Een uitvoerig pleidooi van de Officier van Justitie en het verweer van de raadsman maakte er een zitting van bijna 6 uur van waarbij het OM uiteindelijk 9 jaar eiste en de advocatuur vrijspraak vroeg. De rechtbank heeft na bestudering van alle stukken op woensdag 3 februari 2010 uitspraak gedaan en de verdachte veroordeeld tot 8 jaar.

De rechtbank ’s-Gravenhage heeft op 2 februari 2010 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen de verdachte van de moord op een 78-jarige vrouw in haar woning aan de Laakkade op 6 maart 2009. De verdachte is voor deze moord veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. De officier van justitie had een gevangenisstraf van 18 jaar geëist. De rechtbank is van oordeel dat verdachte op een afgrijselijke wijze geweld heeft toegepast tegen een weerloze en slechtziende vrouw. Het slachtoffer moet een vreselijke doodsstrijd hebben doorgemaakt.Verdachte was werkzaam in de thuiszorg en heeft in het verleden ook aan het slachtoffer thuishulp verleend. Zij heeft volgens de rechtbank misbruik gemaakt van het vertrouwen dat in hulpverleners moet kunnen worden gesteld. De rechtbank gaat ervan uit dat dit vertrouwen het slachtoffer er waarschijnlijk toe heeft gebracht verdachte op de dag van haar dood toegang tot haar woning te verlenen. Verdachte heeft ervoor gekozen gedurende het hele strafproces te zwijgen en aan geen enkel onderzoek willen meewerken. Daardoor heeft de rechtbank geen inzicht gekregen in haar motieven en beweegredenen en evenmin antwoord op de vraag of er sprake is van een geestelijke stoornis. De aard van het misdrijf dat enerzijds blijk geeft van ongeremde agressie en anderzijds van zeer koelbloedig optreden, maakt dat verdachte in staat moet worden geacht nogmaals een dergelijk feit te plegen. Dat brengt naar het oordeel van de rechtbank mee dat het belang van de beveiliging van de maatschappij zwaarder moet wegen dan het belang van verdachte, met name haar belang om een tijdelijke gevangenisstraf opgelegd te krijgen. Om te voorkomen dat verdachte nogmaals de gelegenheid krijgt een dergelijk feit te plegen heeft de rechtbank een levenslange gevangenisstraf opgelegd.

De rechtbank in Zutphen heeft maandag 1 februari 2010 drie Apeldoornse mannen veroordeeld tot gevangenisstraffen van zeventien tot twintig jaar. Het trio wordt verantwoordelijk gehouden voor de moord op Gert Nijkamp. Deze Apeldoornse zakenman werd op 21 juni 2007 op klaarlichte dag bij de school van zijn zoontje doodgeschoten. Tegen de 25-jarige schutter Angelo M. eiste het Openbaar Ministerie (OM) enkele weken geleden achttien jaar cel. Deze straf kreeg de man ook van de rechtbank. Voor zijn twee 27-jarige Apeldoornse medeverdachten, Sezgin G. en Ümut U., had de officier van justitie twintig jaar gevangenisstraf geëist. Sezgin G. kreeg die straf, Ümut U. kreeg drie jaar minder van de rechters. Zijn rol was volgens hen die van helper. G. was volgens de rechtbank degene die M. de opdracht had gegeven Nijkamp dood te schieten. G. en U. ontkennen elke betrokkenheid. Er loopt nog een onderzoek naar de opdrachtgevers van de moord. De drie advocaten waren erg teleurgesteld over zowel de hoogte van de straffen als de redenering van de rechters. „Het is jammer dat de rechtbank er niet echt achter wil komen wat er mis is gegaan aan het begin van het onderzoek”, aldus advocaat Jan Vlug van schutter M. „Bovendien is het spijtig dat er geen consequenties aan worden verbonden.” De advocaten kwamen tijdens de zitting met vijf zogenoemde vormverzuimen (fouten die gemaakt zouden zijn in de verschillende onderzoeken), waarvoor niet-ontvankelijkheid van het OM werd gevraagd. Uiteindelijk besloot de rechtbank één daarvan te honoreren. Om schutter M. aan het praten te krijgen, werd een team van undercoverrechercheurs ingezet die een organisatie om hem formeerde. Hij moest allerlei klusjes doen en ontving daarvoor geld. „De misleiding van M. is daarmee te ver gegaan”, oordeelde de rechtbankvoorzitter. Het leidde niet tot een lagere straf, wel tot het uitsluiten van bewijs dat op deze manier was verkregen. „We krijgen toch gelijk met dat voortraject”, was de mening van Arne Kloosterman, advocaat van Ümut U. Raadsman Ron Heutink van Sezgin G. vindt dat de rechtbank in Zutphen een juridische misser heeft gemaakt. Volgens hem schort er veel aan het onderzoek in de zaak. De rechtbank is in zijn ogen daar volledig aan voorbijgegaan. Alle drie de advocaten gaan in hoger beroep.

Het gerechtshof in Den Bosch heeft maandag 1 februari 2010  twaalf jaar celstraf opgelegd aan de 26-jarige Clark C., voor zijn aandeel in de moord op de 20-jarige Faried Abdou uit Heerlen en het beroven van diens zwangere vriendin. Dat is dezelfde straf als C. eerder van de rechtbank in Maastricht kreeg. Het Openbaar Ministerie (OM) had in hoger beroep 15 jaar cel geëist. Het lijk van Abdou werd op 17 februari 2008 in Hoensbroek gevonden in de kofferbak van zijn eigen auto. Hij had meerdere schotwonden en zijn schedel was ingeslagen. Het initiatief voor de moord kwam van een zwager van C. Die had hem 30.000 euro beloofd als hij zou helpen met de moord op Abdou, een vriend van hen beiden die over veel zwart geld zou beschikken. Na afloop van de moord beroofden de twee de zwangere partner van het slachtoffer in haar woning aan de Anjeliersstraat in Heerlen. Ze vertelden haar dat ze haar vriend hadden gegijzeld en vertrokken uiteindelijk met een gsm en een ov-jaarkaart. De zwager van C., de 21-jarige Issam T., is door de rechtbank tot vijftien jaar cel veroordeeld.

Een 42-jarige man uit Capelle aan den IJssel heeft tien jaar cel gekregen in een negentien jaar oude moordzaak. De rechtbank in Rotterdam veroordeelde de man, Anwarali D., maandag 25 januari 2010 voor de moord op de Rotterdammer Hans Schouten. Daarmee neemt de rechtbank de eis van het Openbaar Ministerie over. ,,Deze moord van een zeer schokkend karakter rechtvaardigt een gevangenisstraf van zeer lange duur'', aldus de rechtbank, die hem aanrekende dat hij de moord jarenlang verzwegen heeft. De gewelddadige dood van Schouten (56) bleef tot enkele jaren geleden onopgelost tot een zogeheten coldcaseteam ontdekte dat het DNA van verdachte overeenkwam met DNA op een sigarettenpeuk in de woning van Schouten. Door een veroordeling waren gegevens van verdachte in de DNA-databank van de politie opgeslagen.