J.
Serné, zoon
van de vermoorde weduwe uit Sint-Philipsland
‘Die
gruwelijkheid blijft mij altijd bij’
2003
- Vier jaar gevangenisstraf en tbs voor de dood van de tachtigjarige
mevrouw Serné uit Sint-Philipsland is niet in overeenstemming met de
genadeloze en meedogenloze manier waarop zij om het leven is gebracht. Dat
vindt de 58-jarige zoon van het slachtoffer. „Vier
jaar is verrekte weinig. Maar ook twintig jaar was niet genoeg geweest.
Gevangenisstraf is in dit soort gevallen altijd te weinig. Ik had die
snuiter opgehangen!“
Tegen de negentienjarige dader was zes jaar gevangenisstraf en tbs geëist.
J. Serné had zich min of meer voorbereid op een lagere straf dan was geëist.
„Er zou sprake zijn geweest van doodslag in plaats van moord. Ik bekijk
het wél als moord en niet als doodslag. Vier jaar is niet veel voor een
moord. Hij is twee, drie keer in de tuin van mijn moeder geweest en toch
is hij naar binnen gegaan. Is dan geen sprake van voorbedachte rade? Hij
zal best wel kortsluiting hebben gehad in zijn hoofd. Een mens is ook maar
een raar ding. Natuurlijk heb ik ook medelijden met de familie van de
dader. Je zult maar zo’n zoon hebben. Mijn woede richt zich ook niet op
de familie.“ De negentienjarige dader werd gisteren door de rechtbank in
Middelburg veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf en tbs. De man bracht
vorig jaar december de bejaarde mevrouw Serné met geweld om het leven.
Zij werd in haar woning in Sint-Philipsland verkracht en gedood. De moord
zorgde voor veel ophef in het dorp. Na een grootschalig dna-onderzoek kon
de dader worden aangehouden.
„Deze snuiter heeft mijn moeder dertien, misschien wel vijftien of
zestien keer met de vuist geslagen. Je moet het met je eigen ogen gezien
hebben om te weten hoe gruwelijk het was. Dan zie ik weer de dichtgeslagen
ogen van mijn moeder, de gebroken kaak, de snee boven haar neus. Toen ik
bij de begrafenisondernemer was, herkende ik het gezicht van mijn moeder
niet eens. Zo ernstig was ze toegetakeld. Dat beeld hou ik alsmaar voor
me. Naderhand heeft hij zijn handen nog staan wassen om zijn sporen uit te
wissen.“
„Ik kan dat beeld niet loslaten. Hij is meedogenloos te werk gegaan. De
gruwelijkheid zal mij altijd bijblijven. Tijdens de zitting heeft hij
gezegd zich niets meer te kunnen herinneren. Maar hoe kun je je sporen
uitwissen en je niets meer herinneren. Hij had ook 112 kunnen bellen. Dat
snap ik niet.“
De zoon had zes jaar gevangenis verwacht, conform de eis van de officier
van justitie. „Ik kan nu wel lopen jammeren dat ik vier jaar te weinig
vind, maar daar schiet ik niets mee op. Ik moet ook verder leven. Hij
heeft tijdens de zitting zijn excuses aangeboden aan de familie en gezegd
dat het hem speet. Wat een flauwekul! Ik zou het niet gek vinden als in
dit soort gevallen een familielid naast de rechter zou zitten. Het was een
heel laffe moord.“