2005 - 2006          Cees en Ria van Rooij

 i.m. Tinka

 

zie ook 169

142

118 109 187

012

 

Politie en OM grote afwezigen bij uitreiking boek over Tinka  

 

Schitterend onderzoek teleurstellend afgerond  

BREDA – Het was op vrijdag 2 juni 2006een druk bezochte persmeeting in Motel Brabant aan de Heerbaan in Breda. Cees van Rooij, vader van de in 2004 vermoorde Tinka, presenteerde daar het echte verhaal over de moord op zijn 27-jarige dochter. Uit dankbaarheid voor de wijze waarop zij te werk is gegaan wilde Cees het eerste exemplaar van zijn boek overhandigen aan het ‘fenomenale’ rechercheteam van de politie in Midden en West Brabant.” Geheel onverwachts en tot grote teleurstelling van Cees en zijn vrouw Ria verbood het Ministerie van Justitie dat. Ook de Bredase Officier van Justitie mr. Ria Lemstra mocht de presentatie niet bijwonen.

 

 

‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij’, is de titel van het boek dat Cees van Rooij ten doop hield. Op de persbijeenkomst was het een drukte van belang. Lang voordat Cees en de presentator van het TROS programma ‘Vermist’, Jaap Jongbloed, arriveerden stonden er al veel tv-camera’s opgesteld. Jaap Jongbloed kwam met Cees mee omdat hij de presentator en de bewerker van het boek was. Bovendien had hij over deze roemruchte moordzaak een documentaire gemaakt die afgelopen zaterdagavond is uitzonden op TROS TV. De afwezigheid van politie en justitie bleef als een grauwe sluier over de bijeenkomst hangen, een tegenvaller voor Cees van Rooij die het er zichtbaar erg moeilijk mee had.

 

“Ons wordt de mogelijkheid ontnomen om onze dankbaarheid te tonen voor de enorme inzet van het rechercheteam, de persoonlijke begeleiding door Henk Roovers en Jan Leemans en de officier van justitie. Ik ben gedesillusioneerd,“ liet hij bij zijn inleiding weten. Ook Jaap Jongbloed had er geen goed woord voor over. “Ik kan dit niet uitleggen. Onzin dat de neutraliteit van het strafproces in het geding is. Formeel is de zaak nog wel onder de rechter, maar voor wie treedt het Openbaar Ministerie eigenlijk op? Voor slachtoffers en voor nabestaanden. Zo krijgt de familie nog eens een knauw. Dit is een heel grote inschattingsfout van justitie,“ liet hij verwijtend aan het adres van het Openbaar Ministerie weten. Een schitterend onderzoek is door toedoen van het Openbaar Ministerie teleurstellend afgerond. Juridische gronden zijn tot op de dag van vandaag nog steeds sterker dan de emotionele. 

 

Jammer dat alles zo moest lopen. Uit het boek van Cees van Rooij blijkt dat politie en justitie door hun voortvarende en methodische aanpak een flinke pluim verdienen. “Het rechercheteam, dat ons onder leiding van de onvolprezen Jan Leemans en Henk Roovers van het begin tot eind heeft begeleid, heeft fenomenaal werk gedaan,” schrijft hij Cees in het nawoord van zijn boek. Over de staande magistratuur schrijft hij: “Ook de officier van justitie en de advocaat-generaal verdienen alle lof voor hun deskundigheid en toewijding”. In zijn boek beschrijft Cees hoe hij en zijn vrouw de dagen na de moord op hun dochter Tinka doorkwamen. Groot verdriet vooral ook omdat hun dochter Tinka in de media in een vals daglicht werd geplaatst. Om het echte verhaal bekend te maken schreef hij aan de hand van zijn dagelijkse aantekeningen het boek: ‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij.’  “Het boek is ook monument voor Tinka,” laat Cees nog steeds met pijn in zijn hart weten.

 

Het door Jaap Jongbloed tot boek bewerkt verhaal werd aangeboden aan Mieke van Dorst van de stichting ‘Aandacht doet spreken’. Cees en Ria van Rooij hebben zich daar als lotgenoten bij aangesloten. Mieke Van Dorst is de moeder van de in Roosendaal door haar vriend vermoorde Sabrina Smit. Bij de overhandiging van het boek zei Cees: „Het gaat niet om aandacht voor ons, maar voor Tinka. Het is een boodschap aan de daders, aan de maatschappij en aan lotgenoten.“

 

Het boek is in de winkel verkrijgbaar onder ISBN nummer 90-808267-9-0 en kent een oplage van 15.000.

 

 

 

zaterdag 27 mei 2006

 

Inleiding:

Als rechtbankverslaggever voor BN/DeStem heeft Vif Janssen het strafproces tegen de vier verdachten van de moord op de 27-jarige Tinka van Rooij, een van de gruwelijkste, meest berekende misdrijven in dit land, van A tot Z meegemaakt. Geen luguber detail werd tijdens de vele zittingen uit de weg gegaan. Niet bij de rechtbank in Breda, niet tijdens het hoger beroep in Den Bosch. Rechters moeten zich een objectief oordeel vormen. De behandeling is zakelijk en kil. De verslaggever heeft tot taak de lezers een objectief verslag van de feiten en gebeurtenissen te geven.

Een journalist is echter ook een mens. Als het zoveelste gruwelijke detail tijdens de voorbereiding, de moord, het verdonkeremanen van het levenloze lichaam en de dagen erna wordt besproken, heb je wat weg te slikken. Als moeder van een even oude dochter dwalen de gedachten niet zelden af. Wat moeten de ouders en de zus, op een halve meter achter je in de bankjes in de rechtszaal, in vredesnaam doorstaan. Je hoort het gesnik, de worsteling, de pijn, het instorten. Je hoort de slachtofferverklaring aan van vader Cees in Breda, de slachtofferverklaring van moeder Ria bij het Gerechtshof in Den Bosch. Dat is emotie, en over het feit dat die er is, kun je berichten. Je praat met ze na over het verloop van het proces, de strafmaat en de frustratie dat Betty B. uit Oosterhout tot tweemaal toe wordt vrijgesproken. Zakelijk, want je bent verslaggever. Je kent de feiten, maar als mens wil je echter antwoorden op persoonlijke vragen, ook de lezer op afstand. Die geeft vader Cees van Rooij in zijn boek ‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij.’

 

 

EEN MONUMENT VOOR TINKA

 

Precies twee jaar geleden, op 26 mei, werd de 27-jarige Tinka van Rooij uit Breda op gruwelijke wijze om het leven gebracht in een wiethok in Zevenbergschen Hoek. Veertien dagen later wordt haar lichaam, verpakt in plastic en omwikkeld met touwen en een loodzware ankerketting, gevonden in de Biesbosch. Het levensgeluk van haar ouders Ria en Cees en haar zus Mariëlle sloeg 24 maanden geleden om in een nachtmerrie die tot op de dag van vandaag duurt. Vader Cees van Rooij schreef het verdriet, de woede, het onbegrip, de onmacht en verontwaardiging in een boek van zich af. Woensdag 31 mei ligt ‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij’ in de boekhandel.

 

Door Vif Janssen

 

Hoe is het om in oog in oog met de moordenaars van je kind te staan? Waarom sla je er dan niet op los? Hoe kom je de dagen en nachten van onzekerheid en angst door als je dochter wordt vermist? Hoe vertel je ouders dat hun dochter in het water is gevonden? In verregaande staat van ontbinding nog wel. Wie passeren er in je hoofd als mogelijke moordenaar? Wie vertrouw je nog? Wat vertelt de politie je tijdens het intensieve, langdurige onderzoek? Hebben ze hun dode dochter en zus nog gezien? Hoe was dat dan? Hoe leef je verder? Kun je nog verder leven? Ben je tevreden met de langdurige gevangenisstraffen die drie van de vier verdachten zijn opgelegd? Hoe kijk je aan tegen de vrouw die tot tweemaal toe werd vrijgesproken?

 

Het boek dat Cees van Rooij heeft geschreven, geeft antwoord op die talrijke vragen. Al is het niet op de hamvraag waarom hun kind dood moest. Was hoofddader Arno N. uit Made verliefd op Tinka en jaloers op haar nieuwe lover? Wist ze te veel? Of wilde Angelo de B. uit Oosterhout Tinka’s plaats als hulpje in wiethokjes overnemen? Het ware antwoord zal nooit boven water komen.

De vader probeert toch het meest waarschijnlijke scenario te schetsen op basis van het dossier. Een scenario van een levensechte, maar niet waargebeurde film. Een griezelig draaiboek van Tinkeltjes walgelijk goed voorbereide dood.

In ‘Vermist en vermoord: Tinka van Rooij’ worden alle facetten van de traumatische moord belicht. Het politieonderzoek, de verhoren en de rechtszittingen. De personen van de moordenaars: de griezel (Arno N. uit Made), de gluiperd (Angelo de B. uit Oosterhout), de gek (Jack(y) B. uit Ulvenhout) en de vrouw die van niks wist (Betty B. uit Oosterhout). De weerzinwekkende details worden daarbij niet uit de weg gegaan. Die zijn ook nodig, anders ontgaat de lezer de context, de ernst en de diepte van het verdriet.

 

‘Vermist en vermoord’, uitgegeven door Jaap Jongbloed, is vooral een boek van emotie. Knap dat het geschreven is. Knap hoe het geschreven is. Niet ranzig, niet sensationeel. Niet uit winstbejag, want het kost maar 9,95 euro.

Natuurlijk passeren ‘ellendige schoften, sensatielijers met zero inlevingsvermogen en gewetenloze beesten de revue. De vader heeft echter niet alleen een uitlaatklep willen vinden voor de ellende, het hartverscheurende verdriet, de machteloosheid en woede. Hij heeft vooral ook een monument neer willen zetten voor zijn dochter’, die tussen de moord en heden nog steeds door sommigen wordt gecriminaliseerd. Hij wil door genuanceerde informatie de indianenverhalen en het beeld corrigeren dat Tinka is afgerekend, omdat ze in een crimineel circuit verkeerde. Het eigen-schuld-dikke-bult-principe.

Hij wil afrekenen met gewetenloze journalisten die zonder hoor en wederhoor, zonder feitelijke kennis van zaken zich een ongenuanceerd oordeel hebben gevormd over zijn dochter.

Hij geeft ook lucht aan zijn onbegrip, ongenoegen en pijn dat familieleden in de eerste lijn, bepaalde vrienden en kennissen het helemaal hebben laten afweten. Ook Jeroen, de militair die Tinka’s grootste liefde was toen ze werd vermoord.

 

Cees heeft niet de illusie dat hij en zijn vrouw en dochter het immense verdriet ooit zullen kunnen verwerken. Ze zijn geamputeerd zonder verdoving. Maar Tinka heeft nu twee monumenten:

De urn in de vorm van een goudkleurige dolfijn met haar as op het gedenkkastje in het huis van Cees en Ria. En het boek. De lezer zij gewaarschuwd: het grijpt je regelmatig naar de strot.

 

Uit het dagboek van zus Mariëlle:

“ Het is donderdagavond 10 juni, 21.00 uur. De recherche belt dat ik NU moet komen. Ik mag vanaf dit moment met niemand meer contact hebben. Ik begin te trillen, te huilen en te roken. Ik roep: Ze is dood. Mijn zus is dood.” (…)

“Rechercheur Henk neemt het woord: We hebben een lijk gevonden in de Biesbosch en we hebben het vermoeden dat het om Tinka gaat. Dat kan niet, denk ik.

Vrouw, mist hoektand, blauwe spijkerbroek, witte Adidas-schoenen, witte korte badstof sokjes. Langzaam dringt  de werkelijkheid tot me door. De lijst gaat verder:

Hennes en Mauritz lingerie, wit T-shirt van Donna Karan, groen met aqua jasje, gelnagels, 1.73 meter lang, tatoeage met vlecht bij enkel.

Alles klopt, dit moet Tinka wel zijn.

“Het kan ook een ander zijn, toch? De rechercheurs zien het aan en laten ons dan de sieraden zien die ze van het lichaam hebben af gehaald. Daaronder een nieuwe armband. De letters J. en T. staan erin: Jeroen en Tinka.

Nee!!! Schreeuw ik en ik laat mijn hoofd op tafel vallen.” (…)

En nu… Naar mijn ouders om hen te vertellen dat hun dochter dood is. Dit is de verschrikkelijkste avond van mijn leven. Hoe ga ik dit in godsnaam vertellen.”

Op de parkeerplaats voor het huis bij mijn ouders kan ik nog wel zo helder denken dat ik om een dokter vraag en een ambulance. Dit overleven ze niet, denk ik…”

 

 Uit het dagboek van vader Cees:

“Een witte kist, zegt Ria resoluut. En dan krijgen we de volgende klap te verwerken. De uitvaartverzorger zegt dat Tinka’s lichaam in de aula niet in de kist kan liggen. Ze is erg verminkt en doordat ze twee weken in het water heeft gelegen, is haar lijk onwelriekende geuren gaan afgeven. Die zouden de aula naargeestig doen ruiken.

Wat, roepen Ria en ik in koor. Dat kan toch niet waar zijn. We gaan niet voor een lege kist zitten. Tinka moet erbij zijn. Het is of er naalden gestoken worden in een open wond. “En ik wil haar ook nog zien, voegt Ria er meteen aan toe. Als moeder wil ik haar hoe dan ook even aanraken. Al is het naar een hand of been.”

 

“Tinka ligt in een oranje kist. Ria en Mariëlle dragen mondkapjes en handschoenen. Ze mogen Tinka niet helemaal  zien. De witte bodybag is een stukje opengeritst. Ria kan alleen Tinka’s been zien met de tatoeage. Ze raakt het aan en wrijft over de afbeelding. Dan wil ze Tinka een kus geven maar ze wordt tegengehouden. Er zijn op het lichaam te veel bacteriën aanwezig door de lange periode in het water…”

 

Tinka’s avontuur eindigde in grauwe garagebox  

 

Uitbundig en levenslustig was de Bredase Tinka van Rooij. Met haar ouders reisde ze de hele wereld over. Maar ze had ook dubieuze vrienden, mannen die actief waren in de wiethandel. Tinka deed mee om wat extra geld te hebben voor een auto, nieuwe kleren en uitgaan, zegt haar vader Cees. De dood van Tinka bleek nog gruwelijker dan de ouders zich in hun ergste nachtmerries voorstelden. Ze werd vermoord in een garagebox in Zevenbergschen Hoek en haar lichaam werd in het water van de Biesbosch gegooid.

Woensdagavond 26 mei rond zes uur hebben Ria en Cees van Rooij hun dochter Tinka een kwartiertje aan de lijn. Ze is uitbundig, zoals altijd, en verheugt zich in het bijzonder op de dagelijkse chat-sessie die ze straks zal houden met haar grote liefde Jeroen. Met deze naar Irak uitgezonden militair wil de 27-jarige blondine in juli gaan samenwonen, een nieuw leven beginnen. Zoals altijd als pa en ma voor langere tijd in Zuid-Frankrijk op vakantie zijn, heeft de blijmoedige Tinka echter ook last van heimwee. Plagend eist ze dat haar ouders snel naar huis terugkomen.

Vier dagen later, weken vroeger dan gepland, staan beiden inderdaad op de stoep van Tinka’s woning aan ‘t Blokje in Breda. Niet om hun dochter in hun armen te sluiten, maar om haar te zoeken. Sinds de bewuste woensdagavond hebben Cees (60) en Ria (57), andere familieleden, vrienden en kennissen taal noch teken van haar vernomen. Dat is abnormaal voor de hoogst communicatieve vrouw, die bij wijze van spreken met haar mobieltje naar bed gaat. Zus Mariëlle heeft al aangifte van de vermissing gedaan. Pa Cees heeft vrijdagnacht heel angstig over Tinka gedroomd.

Onderweg in de auto naar huis hebben de ouders telefonisch contact gezocht met vrienden en kennissen van hun dochter. De eerste aan wie ze dachten, was Arno. Met deze 33-jarige man uit Made onderhoudt Tinka bij wijze van bijverdienste een aantal wiethokken die ze huren van particulieren. Dat gebeurt in dienst van een grotere, regionale wietorganisatie.

Arno heeft de nagelstiliste in de henneporganisatie geïntroduceerd, waar ze binnen een jaar tijd is opgegroeid van eenvoudige knipster van henneptoppen tot ophaalster van oogsten. Maar er is meer. Tinka weet dat de man verkikkerd is op haar. De sociaal begaafde en knappe jonge vrouw hoeft maar te kicken en Arno draaft op. Hij schenkt haar cadeautjes, zoals Lexus-achterlichten en dure velgen voor haar nieuwe Peugeot 206. Op de dinsdag voor Tinka’s verdwijning legt de handige Madenaar nog graszoden in haar achtertuin en grind in de voortuin. Ook timmert hij een nieuwe kleerkast op de eerste verdieping, want Tinka wil haar huisje keurig op orde hebben als Jeroen straks bij haar intrekt.

Arno vertelt de verontruste ouders telefonisch dat hij evenmin iets van Tinka heeft vernomen, wat hem bevreemdt. Hij zegt dat hij vrijdag nota bene voor niets bij haar aan de deur stond om een bed met elektrische lattenbodem te installeren. Als Cees en Ria zaterdagavond om half elf in Breda aankomen, belt Arno tien minuten later al aan. De man maakt een wat angstige en chaotische indruk: uit bezorgdheid over Tinka nemen de ouders zonder meer aan. Hun ongerustheid groeit alleen maar als de vriend wijst op een bijzondere gebeurtenis: op de avond van de verdwijning van Tinka is in Zevenbergen een kennis van haar aangehouden. Deze sportschoolhouder wordt verdacht van een geruchtmakende moord in België. Arno gelooft niet in toeval en suggereert dat dit met de verdwijning te maken heeft. Anders, zo houdt hij de radeloze ouders voor, is er wel een verband met het overhaaste vertrek naar Turkije van een andere ex-vriend van Tinka.

Mede op grond van deze informatie gaat het rechercheteam van de Bredase politie dat de verdwijning onderzoekt aan de slag: aanvankelijk in de verkeerde richting, want de mede door Arno verdacht gemaakte personen hebben niets met de zaak te maken, zo blijkt later.

Op tweede pinksterdag, vijf dagen na de vermissing, staat Arno opnieuw opnieuw op de stoep bij Cees en Ria. Dit keer met een vriend. Hij doet het dringende verzoek om de politie niets over hem te vertellen. Anders zou de recherche op het spoor komen van de wiethandel, wat zowel voor de organisatie als de spoorloze Tinka niet goed is. Op verzoek van Arno brengen de ouders met hem een bezoekje aan de woning van Tinka, waarbij de man uit Made onder meer zoekt naar lijstjes met namen en telefoonnummers welke verband houden met de hennepteelt.

De dagen verstrijken zonder bericht van Tinka. Moeder Ria ontpopt zich in deze periode als een rechercheur die met de moed der wanhoop eigenhandig adressen afrijdt in de hoop een spoor van haar dochter te vinden. Tevergeefs.

Langzaam maar zeker slaat totale paniek toe. Cees en Ria moeten slaap- en kalmeringsmiddelen slikken om overeind te blijven. Dat is des te moeilijker, nu in diverse media verhalen verschijnen over dubieuze vrienden die Tinka er op na houdt. Het zou gaan om zware criminelen uit West-Brabant met connecties in het xtc- en wapenmilieu. De ouders staan hier nagenoeg machteloos tegenover. Ze weten dat Tinka een feestbeest is dat met volle teugen van het leven geniet en mede door haar uiterlijk de aandacht trekt van mannen, onder wie mogelijk ook criminelen die goed in de slappe was zitten..

„Tinka is een sociaal slimme, ietwat naïeve meid, die goed in dat wereldje kan manoeuvreren. Maar ze is geen crimineel en heeft zelf zeker niet veel geld. Van de wietteelt kan ze alleen haar autootje rijden, leuke kleren kopen en uitgaan, meer niet“, weet vader Cees.

Ria omschrijft haar dochter als een ‘echte mammie- en pappie-meid’ die ‘ons verrast door aan te komen met kaartjes voor Lionel Richie en dat soort dingen’. Met hun levenslustige dochter reisden de ouders - op hun kosten - ook de hele wereld over: vakanties naar Mexico, Zuid-Afrika, Amerika, wintersport en autoraces. Tinka mag van avontuur houden, wereldvreemd is ze niet.

Dagen van wanhoop rijgen zich aaneen zonder echt nieuws, goed of slecht. In huize Van Rooij lopen vrienden, kennissen, schrijvende pers en cameraploegen af en aan. Vooral Cees zoekt de publiciteit in de hoop zijn dochter zo terug te krijgen. De ouders verschijnen bij het tv-programma Vermist en de zaak Tinka is niet weg te slaan uit de media.

Dan zorgt de familie zelf voor een kleine doorbraak. Op de dag van haar verdwijning heeft Tinka tegen bekenden gezegd dat ze ‘s avonds met een kennis naar een garage moest. Wie die man is en naar welke garage, blijft een raadsel. Totdat Ria in het toilet in Tinka’s woning een kalender ziet hangen die de politie kennelijk over het hoofd heeft gezien. In het vakje van woensdag 26 mei staat in het handschrift van haar dochter: ‘s avonds Arno.

De man, telg van een keurig gezin, wordt meteen verdachte nummer één. Hij blijkt een verleden te hebben dat het ergste doet vrezen: veertien jaar geleden kreeg Arno een celstraf met tbs opgelegd, omdat hij zijn toenmalige (ex-)vriendin met een honkbalknuppel zwaar had mishandeld.

Als ze dat al niet deed, houdt de familie Van Rooij vanaf nu rekening met het allerergste. Is Arno door het lint gegaan, toen hij, bijvoorbeeld tijdens het werk in een wiethokje, seksuele toenadering zocht tot Tinka? Kon hij het niet verkroppen dat de mooie vrouw voor wie hij alles over had, ging samenwonen met een ander? Is een wiethok niet een uitstekende plek om iemand ongezien te vermoorden? Talloze vragen spoken door de hoofden van de familieleden.

Een dag later stort de wereld van Cees en Ria compleet in elkaar: het lichaam van hun dochter wordt gevonden in de Biesbosch bij Lage Zwaluwe. Wat de ouders niet te horen krijgen, maar wat de recherche meteen weet, is dat Tinka door slagen met een hard voorwerp op het hoofd is vermoord. Haar lichaam is ingepakt in folie die veel wordt gebruikt in de wietteelt. Het pakket is verzwaard met stukken ankerketting.

Tot ontsteltenis van de ingestorte familie verschijnt Arno enkele dagen later gewoon op de crematie. Hij condoleert de familie niet, maar geeft wel een kus op Tinka’s doodskist.

Was het een Judaskus? De recherche denkt van wel. Op donderdag 1 juli houdt ze Arno aan op verdenking van de moord. De Madenaar ontkent elke betrokkenheid, wijst in vage verklaringen aanvankelijk beschuldigend naar anderen en beroept zich na tussenkomst van zijn advocaat Michel van Stratum vervolgens consequent op zijn zwijgrecht.

Intussen luistert de politie de telefoons af van bekenden van Arno, onder wie zijn vriend en hennepkweker A. de B. (40) uit Oosterhout en diens zwager S.B. (42) uit Ulvenhout. Het tweetal voert opmerkelijke gesprekken over de boot waarmee B. vaak gaat vissen in de Biesbosch. De B. waarschuwt zijn zwager onder meer om zijn fuiken niet meer te gaan lichten omdat ‘de politie anders te weten komt waar de boot ligt’. Is de boot gebruikt om het lichaam te dumpen?

Langzaam sluit het net zich. De recherche gaat zeer behoedzaam en tegelijk doortastend te werk. Want Arno en zijn medeverdachten hebben weken de tijd gehad om hun verhalen op elkaar af te stemmen en bewijsmateriaal te laten verdwijnen. Wat tevens zand in de onderzoeksraderen gooit, is dat de moord en het onderzoek zich afspelen tegen de achtergrond van een henneporganisatie. In die criminele omgeving praten getuigen niet graag, zeker niet omdat de bende volgens zegslieden wordt geregeerd door een als gewelddadig bekend staande crimineel. Deze veronderstelde leider wordt ook aangehouden ( en later weer in vrijheid gesteld). De politie onderzoekt zijn mogelijke betrokkenheid bij de moord.

Weken blijft het voor de buitenwacht stil aan het recherchefront, maar de speurders werken hard door. De weken worden frustrerende maanden waarin het leven van Cees en Ria zich voortsleept als een stroperige nachtmerrie: „Van slapen komt niks. De hele nacht lig je te malen: hoe is Tinka om het leven gebracht? Heeft ze pijn gehad? Waar is het gebeurd? Elk detail wil je weten.“

Begin oktober krijgen de ouders alle vreselijke antwoorden te horen. Door tactisch slim te manoeuvreren, en na N. de B. later ook diens vrouw aan te houden, weet de recherche de Oosterhouter in verhoren zodanig onder druk te zetten dat hij een bekentenis aflegt. Daardoor kan de politie een dag later ook zijn zwager J.B. aanhouden. Hij slaat eveneens snel door vertelt in geuren en kleuren over de leidende rol van Arno bij de moord.

Geconfronteerd met deze zwaar belastende verklaringen legt de hennepkweker uit Made na drie maanden van absoluut stilzwijgen ook een volledige bekentenis af. Hij heeft Tinka naar een garagebox in Zevenbergschen Hoek gelokt om haar daar met een hamer de schedel in te slaan.

De werkelijkheid blijkt nog gruwelijker te zijn dan Cees en Ria zich in hun ergste nachtmerries hadden kunnen voorstellen. Hun dochter Tinka is slachtoffer geworden van een weldoordachte moord. Een misdrijf met voorbedachte rade dus en geen opwelling of een pure crime passionel, zoals ze eigenlijk stiekem hadden gehoopt.

„Het is onvoorstelbaar. Arno heeft Tinka’s tuin omgespit, terwijl hij wist dat hij haar een dag later ging vermoorden. Ze kan nooit iets hebben vermoed“, weet Ria zeker. De drie (hoofd)verdachten blijken de moord tot in de puntjes te hebben voorbereid. Zo werd in de weken voor het misdrijf een geschikte locatie gezocht en gevonden in de vorm van het wiethokje met garage, dat Arno en De B. in Zevenbergschen Hoek huurden. Ook kochten ze speciaal voor het misdrijf drie prepaid gsm’s en werden stukken ankerketting gereed gelegd om het lichaam van Tinka met de boot van B. in de Biesbosch te gooien.

Als Cees en Ria hebben uitgevogeld waar in Zevenbergschen Hoek hun dochter is vermoord, nemen ze subiet ter plekke poolshoogte. Het bezoekje wordt een zeer emotionele maar ook ontnuchterende ervaring. „Als je dat kleine, armetierige garageboxje aan die winderige dijk ziet, dan kun je je toch niet voorstellen dat jouw lieve, prachtige dochter, die je hebt opgevoed en de hele wereld hebt laten zien, daar is vermoord. Het contrast is te verschrikkelijk voor woorden.“

Op maandag 11 oktober verschijnt Arno tijdens een proformazitting voor de Bredase rechtbank in het openbaar. Het heeft bijna drie maanden geduurd, maar nu zien Cees en Ria de man weer die heeft bekend hun dochter uit dit leven te hebben geslagen. Voor de gelegenheid hebben ze zich volgestopt met kalmeringsmiddelen. De ouders koken en staan niet voorzichzelf in. Vechtend tegen emoties en bevend van top tot teen weten ze de pijnlijke confrontatie echter te doorstaan zonder van de publieke tribune te vliegen. De pijn is er niet minder om.

Cees: „In het begin probeerden we elk detail te weten te komen en nu we alles weten, malen de gedachtes nog elke nacht door mijn hoofd. Elke keer draai ik de film van de moord terug en probeer ik me voor te stellen hoe Tinka’s laatste momenten waren in dat sullige schuurtje.“

De ouders twijfelen aan het motief dat Arno voor de moord heeft gegeven: chantage. Tinka moest volgens hem dood, omdat ze uit de hennepteelt wilde stappen en dreigde naar de politie te stappen, als ze haar deel van de opbrengst niet doorbetaald zou krijgen.

„Onzin, want dan zou ze zich zelf toch verraden? Die bende had haar net zo goed kunnen bedreigen. Dat is veel minder riskant“, meent vader. Dat hun dochter uit de wiethandel wilde, klopt volgens de ouders wel: „Ze was vastbesloten met Jeroen een nieuw leven beginnen.“

Die keuze is haar in hun ogen fataal geworden. „Arno, die zo veel voor Tinka had gedaan, wist definitief dat hij geen kans meer bij haar had.“

De gedachte aan de hennepkweker doet de ouders huiveren: „Stel je voor dat ze wel genoeg ankerketting hadden gebruikt en het lichaam van Tinka was nooit gevonden: dan hadden we nou nog gepraat over ‘die goede vriend uit Made’.“

 

Onbegrip bij moeder van Tinka over vrijspraak Betty B.

 

Woensdag 22 februari 2006 - DEN BOSCH – De 27-jarige Bredase Tinka van Rooij werd op 26 mei 2004 in een als wiethok ingerichte garage in Zevenbergschen Hoek vermoord. Op 9 juli van dat jaar werd haar in zwart plastic verpakte, met ankerkettingen verzwaarde lichaam aangetroffen in de Biesbosch. 

De ouders en zus van Tinka kunnen in principe vrede hebben met de straffen die de Bredase rechtbank de drie mannelijke verdachten heeft opgelegd. Dat Betty B. werd vrijgesproken, vinden ze echter tot op de dag van vandaag onverteerbaar. In de aangrijpende, met verdriet doorspekte slachtofferverklaring die deze keer de moeder van Tinka, Ria van Rooij, uitsprak, klonk het onbegrip en de machteloosheid stevig door. Hoewel door de presidente van het Hof gemaand elke opmerking over de persoon van de verdachten en de strafmaat te mijden, kon de moeder het niet laten. „Wat moet je nog zeggen, als je weet dat de vrouw ervan op de hoogte was dat Tinka omgebracht zou worden en nog steeds probeert onder haar verdiende straf uit te komen. Dat zij de dans wil ontspringen, daarmee is voor ons niet te leven. Ze had alles moeten doen om de moord te voorkomen, desnoods anoniem. Als je een jong mensenleven kunt sparen, hoef je blijkbaar niets te doen. Er is dan toch iets goed mis met ons rechtssysteem.“ De voorzitter van het Hof, mevrouw J. Huurman, onderbrak moeder Van Rooij een aantal keren en wees haar terecht, toen ze zich toch uitliet over de verdachten. „U mag het alleen over de gevolgen voor u en uw gezin hebben.“ Uiteindelijk liet ze de vrouw vrijuit spreken en bood zelfs excuses aan voor de eerdere onderbrekingen.

Ria van Rooij zei te hopen dat de laffe, intens gemene, meedogenloze moord de daders tot hun laatste snik zal achtervolgen. Ze vroeg tot slot het Hof begrip voor hun ontreddering en boosheid en riep de rechters op ervoor te zorgen dat alle, maar dan ook alle verdachten hun straf ‘in deze voor ons zo duidelijke zaak’ niet ontlopen.

Belastende verklaringen

Dat advocaat-generaal J. Fröberg de vlak voor kerst onverwacht afgelegde, voor Betty B. zeer belastende verklaringen van Angelo de B. niet mag gebruiken, was gisteren een lelijke streep door de rekening. De aanklager blijft van mening dat ze goed heeft gehandeld door de politie Angelo de B. alleen op die punten nader te laten horen, waarop hij zich tijdens alle eerdere verhoren op zijn verschoningsrecht jegens zijn toenmalige partner beriep. „Hoe kun je in een ook voor mij zo belangrijke strafzaak met zo grote belangen dergelijke informatie links laten liggen?“ Ze vindt echter ook in de oude reeksen verklaringen genoeg wettelijke en overtuigende aanwijzingen dat de vrouw een rol van betekenis heeft gespeeld in de voorbereidingen tot de moord. „Ze was een gelijkwaardige gesprekspartner, had Arno N. dagelijks over de vloer, wist wat er ging gebeuren en verrichtte zelf een aantal cruciale handelingen. Ze pakte de kaart van de Biesbosch waarop Arno en Jack de diepste putten aanwezen waarin het lichaam van Tinka moest worden gedumpt; ze programmeerde op de avond van de moord de speciaal gekochte mobiele telefoons en onderhield de bewuste avond van 26 mei telefonisch contact met alle betrokkenen.“ De aanklager erkent dat de eisen opnieuw hoog zijn. „Wat zwaar gewicht in de schaal legt, is de professionele manier waarop de moord is voorbereid en uitgevoerd en de wijze waarop het lichaam aan de opsporing is onttrokken.

Door Vif Janssen

 

Moeder Tinka wil naar Hoge Raad stappen            

Dinsdag 7 maart 2006

 

Als een mokerslag daalt het vonnis van president M. de Vries van het Gerechtshof in Den Bosch neer over de hoofden van de ouders en zus van Tinka van Rooij. Vrijspraak voor Betty B. De eerste reactie van vader Cees volgt onmiddellijk, nog in de rechtszaal: "Belachelijk. Hoe is dít mogelijk." Later zegt hij spijt te hebben van zijn emotionele uitval. "Ik ben zo gefrustreerd. Ik wilde nog excuses aanbieden aan het Hof." 
De emoties zijn tijdens de vier procesdagen van het hoger beroep in de afgelopen maanden dan ook enorm opgelopen. Steeds weer passeren de gruwelijke details van de moord en het verbergen van het lichaam de revue. De inzet van officier van justitie R. Lemstra van het Openbaar Ministerie in Breda en advocaat-generaal J. Fröberg (de openbaar aanklager in Den Bosch), en niet in het minst van Ria en Cees van Rooij en hun andere dochter Mariëlle, is het achter de tralies krijgen van Betty B. In hun ogen is de Oosterhoutse vrouw net zo medeplichtig aan de moord op Tinka als Angelo de B en Jacky B. "Wat heet", zegt Cees, "ze was misschien wel de grote stoker erachter." 
In de hoop en ook verwachting dat de vrouw op zijn minst een paar jaar cel het Paleis van Justitie. Als geslagen honden vertrekken ze weer richting Breda. De advocaten Jan-Hein Kuijpers (van B.) en Bo Tieman (van De B.) hebben veertien dagen de tijd om in cassatie te gaan bij de Hoge Raad in Den Haag. Ze twijfelen aan de haalbaarheid ervan. Ria van Rooij heeft geen seconde nodig. "Ik ga hogerop. Tinka zou hebben gezegd: Écht wel doorgaan. Dan nog maar een jaar wachten erbij. Het onmetelijke verdriet zit er toch, ik krijg haar ook niet terug." Haar man Cees weet het zo net nog niet. "Alleen als er een grote kans van slagen is, ga ik in cassatie. Weer een jaar wachten op gerechtigheid. Weer die martelgang."

De advocaat-generaal (AG) overlegt komende dagen met een team van specialisten over het nut, de zin en de mogelijkheid van cassatie. Daar moeten vooral juridische handvatten voor zijn, en het heldere vonnis van het Hof laat in die zin weinig ruimte. De hoop van de ouders en de AG is erop gevestigd dat bij de Hoge Raad wél de voor Betty B. zeer belastende verklaringen van Angelo mogen worden meegenomen. Die legde hij net voor kerst uit eigener beweging af, nadat Betty hun relatie had beëindigd. Van wraak zou geen sprake zijn. Het Hof oordeelde echter dat die niet voor het bewijs mochten worden gebruikt, omdat het jongste politieverhoor had plaatsgehad zonder aanwezigheid van advocaat Adam van Doesburg van de vrouw. Die protesteerde met succes. Dat was twee weken geleden een flinke streep door de rekening.

Maar ook zonder die nieuwe verklaring ligt er volgens Cees en Ria van Rooij zoveel bewijsmateriaal tegen de Oosterhoutse. Ze kennen het dossier van binnen en van buiten. "Ze is bij de besprekingen geweest; ze heeft een kaart van de Biesbosch aangereikt; ze heeft de gsm's geprogrammeerd en uitgedeeld op de avond van de moord, waardoor het stel contact met elkaar kon zoeken; en ze heeft de auto van Arno van bloedvlekken ontdaan. Wat moet je nou nog meer voor bewijs hebben? Dit snapt toch helemaal niemand?"

Het Hof is in navolging van de Bredase rechtbank echter streng in de leer. Twijfel mag nooit leiden tot een veroordeling. Door de talloze, zowel uiteenlopende als telkens wisselende verklaringen van N., De B. en B. is het bewijs in het dossier niet wettig en overtuigend. Het Hof: "Heeft ze op eigen initiatief de kaart van de Biesbosch aangereikt? Pakken en op tafel leggen is geen medeplegen van moord. Heeft ze daadwerkelijk deelgenomen aan de voorbereidende gesprekken? Alleen vast staat dat die in haar woning waren. Hen in haar woning laten levert geen medeplegen op. De kettingen in de schuur: wist ze waarvoor die waren? Het programmeren van de telefoons, het uitdelen ervan, het verschaffen van alibi's aan elk? Te weinig duidelijke aanknooppunten voor haar rol in het dossier. De auto achteraf schoonmaken? Als ze al heeft geweten, waarom dat van N. moest, dan nog is dat alleen het wegmaken van sporen. Dat is geen medeplegen, zoals in de
tenlastelegging staat." 
Het verrichten van voorbereidingshandelingen is niet ten laste gelegd. Vrijspraak. Het gevecht om de moordenaars van hun dochter in het gevang te krijgen, is voor 75 procent gelukt. De teleurstelling en frustratie over de vrijspraak overwoekert de (relatieve) vreugde over de zwaardere straffen voor Angelo de B. en Jacky B. Cees van Rooij: "Ze hadden van mij die extra jaren eigenlijk niet hoeven krijgen. Ze hadden die aan Betty moeten geven."

 

 

Aandacht doet spreken                                        november 2005 

 

 

Na het hoger beroep in Den Bosch en een kort interview op de radio van Omroep Brabant  hebben Ria en ik aan die radiojournalisten verteld dat we met een boek bezig zijn om alle dramatische gebeurtenissen rondom de moord op Tinka van ons af te schrijven. Een paar uur later was het al terug te vinden op de website van Omroep Brabant . In gedachten het gevoel dat elke aandacht aan de moord op Tinka besteed voor ons een extra uitlaatklep is om het diepe verdriet rondom onze nachtmerrie te uiten zijn Ria en ik de volgende dag al in het SBS programma Actienieuws te zien. In dit 121 misdaadprogramma lezen we teksten voor die in het boek verwerkt zijn. Al met al een mooi document. Datzelfde geldt voor de uitzending van Vermist waar we een paar dagen later wat stukjes uit het boek mogen voorlezen. Presentator Jaap Jongbloed spreekt in zijn uitzending over een aangrijpend boek waarin alle details over de gruwelmoord op Tinka zijn terug te vinden alsmede onze emotionele beleving daarbij. Op de vraag of we met het schrijven van dit boek ook het figuurlijke boek denken te kunnen sluiten is het antwoord van Ria dat de gevolgen van het misdrijf zo diep in ons zijn geworteld dat het intense verdriet en het gemis altijd nadrukkelijk in ons leven van alle dag verweven zal blijven.

De aandacht in de pers over de op handen zijnde uitgave van ons boek doen Ria en mij erg goed. Je moet het zien als een steunpuntje in je niet aflatende ijver om over de moord op je kind constant te verhalen en de daarmee gepaard gaande gevolgen,teleurstellingen en irritaties van je af te praten. Zeg maar schreeuwen !!!

Een organisatie die zorg en aandacht besteed aan de nabestaanden van slachtoffers van een geweldsmisdrijf  de stichting Aandacht doet Spreken heeft als uitgangspunt die nabestaanden bij te staan en activiteiten te ontwikkelen zodat er naar hen wordt geluisterd wanneer ze vast lopen in de grote ambtelijke molen.  ADS is ook een organisatie waar de nabestaanden van slachtoffers van een geweldsmisdrijf hun verhaal kwijt kunnen. Er wordt in dit kader wel gesproken over lotgenoten die hetzelfde hebben meegemaakt en elkaar dus als geen ander begrijpen. Begrip ook bij alle problemen die zich ineens op het pad van die nabestaanden voordoen om vervolgens te trachten samen aandacht voor die problemen te vragen. Het maken van een vuist zogezegd. Om bijvoorbeeld geweldplegers zwaarder te straffen wanneer zij blijk hebben gegeven geen respect meer te hebben voor een mensenleven. Een goed punt in de aandacht voor de nabestaanden van slachtoffers van een geweldsmisdrijf is de invoering van het spreekrecht in de rechtszaal.

Zoals ik reeds eerder in dit boek heb vermeld zijn Ria en ik in contact gekomen met “Aandacht doet spreken” ( ADS) door Mieke en Rinie uit Roosendaal. Hun dochter Sabrina  is met messteken vermoord door haar ex. Ook een zeer dramatische gebeurtenis. We hebben steun aan elkaar als we elkaar zien of spreken. Een vooral…we huilen met elkaar.

Als we bericht krijgen dat er 30 oktober in Amsterdam een concert is voor ons als lotgenoten( eigenlijk vind ik dat wel een rot woord, maar ja) besluiten we er samen naartoe te gaan. Het is voor Ria en mij de eerste keer dat we naar zo’n contactbijeenkomst gaan . Met Mieke en Rinie erbij  is onze eerste introductie een stuk gemakkelijker uiteraard.

 

Het blijkt een benefietconcert te zijn .Het televisieprogramma Twee Vandaag is er met televisiecamera’s en besteedt aandacht aan ADS en hun doelstellingen en deze keer met name ook welke financiële gevolgen  een misdrijf voor de nabestaanden van slachtoffers van een geweldsmisdrijf  kan hebben. Ik heb zelf  in het betreffende hoofdstuk in dit boek al aangegeven dat er via voeging in een strafproces dikwijls wel een veroordeling volgt waarbij daders veroordeeld worden voor de financiële consequenties die een misdrijf voor de nabestaanden heeft ,maar om dan ook dat bedrag binnen te krijgen is een ander verhaal . Ook extra kosten die gemaakt moeten worden om achtergebleven kinderen na een misdrijf adequaat te kunnen opvoeden verdriet extra aandacht. Er wordt wat dat betreft door ADS een warm pleidooi gehouden om ook de slachtoffers van overheidswege rechtsbijstand  te verlenen. De dader kan overal een beroep op doen ,maar de slachtoffers staan dikwijls in de kou wat dat betreft.

Als we die zonnige en uitzonderlijke warme zondag van 30 oktober 2005 in Amsterdam aankomen bij het Werktheater waar het concert wordt gegeven, ontmoeten we  de oprichter van ADS. Dat is Martin Roos. Zijn zoon Alan is vermoord, doodgeschoten nog wel. Op 2 januari, de geboortedag van Alan, richt hij in het jaar 2003 de Stichting Aandacht doet Spreken op .

Martin komt tijdens ons gesprek over als een man die nog met enorm veel opgekropte emoties en woede zit. Het is duidelijk dat de moord op zijn kind zijn sporen nog dagelijks na laat. Bij wie niet trouwens. Ook bij zijn vrouw Irene .In de vele werkzaamheden voor ADS vindt Martin zijn uitlaatklep en kan hij zijn opgekropte woede kwijt. Vooral als hij eens lekker tegen instanties kan aantrappen. Vele vele uren steekt hij in ADS . Zeg maar dat het zijn levensopdracht is geworden om alle lotgenoten een meer dan aanvaarde plaats in het hele strafproces tegen de dader of daders geven .

 

Aanwezig bij het benefietconcert is ook Maarten Fortuyn, de vader van Joost Kloppenburg, de ouders Bert en Gerda Dekkers en familie van Jeroen Dekkers die twee maanden na Tinka zes weken was vermist en uiteindelijk is teruggevonden in een dichtgemetselde ruimte in een pand van een huisjesmelker in Den Haag. Daarnaast natuurlijk tal van andere lotgenoten die met volle teugen genieten van het warme programma dat we krijgen voorgeschoteld. Een dans met de symboliek van witte en rode rozenblaadjes treft me erg en ook het lied van Mike. Hij is familie van Mieke en Rinie en zingt een lied speciaal voor dochter Sabrina. Medewerking is er ook van Willeke Alberti, Sandra Reemer en Judith. En Jacques D ‘Ancona verzorgt de presentaties van het geheel op een meer dan prima wijze.

Als we later horen dat ook de burgemeester Cohen is uitgenodigd, maar dat hij heeft afgezegd ben ik eigenlijk wel een beetje kwaad. Ja wij zijn natuurlijk geen bekende Nederlanders die een verschrikkelijk misdrijf is overkomen. De andere dag bij Theo van Gogh is hij er natuurlijk wel. Ik vind het meten met twee maten….

 

Fijn te horen was dat Peter R de Vries en donatie heeft gedaan voor de stichting ADS.

Als we in het voorbijgaan, tijdens de pauze , in de lounge Maarten Fortuyn aanspreken weet hij mij een goede gedachte mee te geven. Tijdens het concert verzwelgen we min of meer in veel verdriet als we de treffende teksten goed beluisteren van de liedjes die op het podium ten gehore worden gebracht. Maarten geeft aan dat het goed is om samen je verdriet te delen, maar dat we met z’n allen verder moeten kijken. Met ADS moeten we met voorbeelden vanuit de praktijk de politiek trachten duidelijk te maken wat een misdrijf of moord voor de nabestaanden betekent en welke terechte tekortkomingen er wat dat betreft nog in de wetgeving schuil gaan.

Er moet goede wetgeving komen en we moeten constant aan de bel trekken wanneer lotgenoten weer eens niet op de juiste waarde worden behandeld. De oogkleppen moeten eens en voor altijd van veel regelgevers af.. Fortuyn zegt verder dat de term ZINLOOS geweld niet een juiste is, immers is geweld niet altijd als zinloos aan te duiden.?

 

Erg veel indruk, tijdens het concert, op mij maakt het voorgedragen gedicht van Christa Jongkind. We willen u het gedicht dan ook zeker niet onthouden.

 

Alles in mij….

 

Met al mijn tranen zou ik het vuur willen doven

Zodat het nooit meer oplaaien kon.

Met dichte ogen zou ik willen aanschouwen

Hoe men met liefde de haat overwon.

 

Met mijn blote handen zou ik willen graven

Eenieder boven halen die wordt vermist.

Op mijn voeten mijlenver lopen

Naar alle landen waar zo hevig wordt getwist

 

Op mijn knieën zou ik willen vragen

Om te stoppen met zoveel geweld.

En hen mee terug willen dragen

Hen, voor wie nog steeds een mensenleven telt.

 

In mijn armen zou ik willen koesteren,

Al die mensen, vol afschuw, angst en verdriet.

Maar alles in mij, kan deze wereld niet veranderen

Omdat men tussen oorlog en vrede

Het verschil al lang niet meer ziet…

 

Wanneer Ria en ik na het fijne concert aan de praat raken met de familie Dekkers blijkt dat we als familie veel dezelfde dingen meemaken. Van het ineens niet meer zien van bepaalde mensen om je heen. Alles wat er zich afspeelt rondom de rechtsspraak en valse publicaties waarmee je moet leren leven. Dan vertelt de vrouw van de broer van Gerda Dekkers dat die verhalen in de Telegraaf van Jolanda van de Graaf tot stand komen omdat de “journaliste” goed bevriend is met advocaat van Stratum en laat deze laatste nu net de hoofddader van Tinka en die van Jeroen Dekkers verdedigen…Ook wordt duidelijk dat die van Stratum, die we zelf verbaal maar erg zwak vinden en zeker ook in zijn presentatie bij de rechtbank door veel aanwezigen als een lulletje rozenwater wordt gezien, voor zichzelf als strafpleiter is begonnen. Ja het zal wel , denken we dan…Aan het slot van ons gesprek zeggen we elkaar toe bij elkaars rechtszaken aanwezig te zijn. Wij bij die van Jeroen en zij bij het hoger beroep van Tinka.

Wel erg toevallig vinden we die middag in Amsterdam het verhaal van een persoon die via via in de gevangenis van Vucht heeft gehoord dat medeverdachte Jack Bogaarts voor zijn medegevangenen daar nog steeds volhoudt dat hij pas een kwartier voor de dropping in de Biesbosch wist dat het om een lijk ging. Insiders weten inmiddels als geen ander dat de waarheid anders is. Toen die medegedetineerde dat Jack, na juist ingewonnen informatie, hem dat te verstaan had gegeven had de zielige man uit Ulvenhout geen verweer…

Ook met Arno is via via door een bekende in de gevangenis van Breda gesproken. Arno begon over zijn misdaad met de woorden dat Tinka ook met andere dingen bezig was. Toch weer het vingertje naar een ander wijzen dus. Voorts bracht hij naar voren dat hij inmiddels op de hoogte was dat wij als ouders met een boek bezig zijn over de gruwelmoord op Tinka om er direct aan toe te voegen dat hij de moord met name voor ons heel erg vond en dat hij met ons meeleeft !!!! Had ie eerder aan moeten denken ..

 

En nu we het toch over de gevangenis hebben. Gedetineerden hebben er geen inkomen. Ze krijgen er eten en dat is het dan. Ze beschikken alleen over geld wanneer er betaalde werkzaamheden in de gevangenis worden verrichten. Televisie kunnen ze huren en alleen als ze zelf geld op hun rekening hebben staan kunnen ze met dat geld aankopen in de gevangeniswinkel  doet. Artikelen die bovendien nog behoorlijk aan de prijs zijn ook. Het doet me deugd dit te horen. Het saldo van de rekening van een gedetineerde neemt dus al snel af wanneer die niet aangezuiverd wordt. Je komt normaal gesproken dus al gauw in geldzorgen in de gevangenis en je kunt niet meer kopen wat je wilt. Alleen wanneer het thuisfront geld stort kunnen ze wat doen. Kijk, het geeft weer wat voldoening als je weet dat misdadigers  achter de tralies niet als een prins kunnen leven en zelfs telefoonkaartjes moeten kopen als ze naar huis willen bellen. Lucht me toch een beetje op als ik dit hier schrijf…Alleen wanneer het om gedetineerden gaat die goed bij kas zitten is het uiteraard een ander verhaal…Ik weet niet hoed dat zit bij Arno, Jack en Angelo. Dat merk ik gelijk wanneer ze Ria en mij de door ons gemaakte kosten in verband met de moord op Tinka moeten gaan vergoeden. Al met al een goede stok achter de deur dus..

 

Een aanwezige informatiestand bij het benefietconcert leert ons dat naast “Aandacht Doet Spreken” ook andere organisaties actief zijn om lotgenoten van geweldsmisdrijven te ondersteunen. “Kappen Nou” is een landelijke organisatie ter voorkoming van geweld in het openbaar en de doelstelling van de vereniging “Ouders van een vermoord kind” spreekt voor zich. De leeftijd van het kind is daarbij overigens niet het uitgangspunt. Immers, je kind blijft je kind.

 

Die avond rijden Ria en ik samen met Mieke en Rinie met een prettig gevoel weer naar Breda. We hebben weer kracht opgedaan en weten nu dat wij niet alleen zijn in ons verdriet. Als we onderweg stoppen om wat te eten betrap ik mezelf er zelfs op dat ik al wat vrolijk begin te worden. Vreugde die een paar dagen later nog eens extra voeding wordt gegeven wanneer Jaap Jongbloed mij belt met de mededeling dat hij na het lezen van het manuscript “ De Gruweldood van Tinka “, samen met zijn compagnon Simon Vuyk, voornemens is om het gelijknamige boek uit te gaan geven. Voor Ria en mij is daarmee het monument voor Tinka werkelijkheid geworden. En het dient gezegd te worden dat we er in al ons verdriet erg trots op zijn dat nu ook de hele buitenwereld en de daders kunnen laten kennis nemen van alle feiten en het criminaliseren van ons kind kunnen ontzenuwen . Ook expliciet met de gevolgen van wat er ons is aangedaan met de moord op ons Tinkeltje. We hebben het allemaal eens lekker van ons af kunnen schrijven….en dat lucht op, zeker weten.

 

Cees van Rooij

 

 

 

   

 

Contact

A.D.S.home

Gastenboek

  Inschrijven

TV en Radio

 

INDEX

 Interview 012