“De officier van justitie, de advocaat van de verdachte en
de rechter kregen negen zittingen lang alle tijd om over onze zoon, Alan
Roos, te praten. Soms wisten we zeker dat wat over hem gezegd werd niet
juist was, maar we moesten ons mond houden, ons beheersen. Soms hadden we
het tijdens de zitting wel uit willen schreeuwen. Zeur toch niet door over
details, onze zoon is verdomme vermoord!”
De ouders van Alan zetten de
balkondeur open.
Als het te koud werd, moest ik dat maar zeggen. Er werden
shagjes gedraaid en opgerookt. Achter elkaar door. Ze vertelden het hele
verhaal zoals zij dat al vele malen hadden gedaan. Op moederdag 14 mei
2000 werd opgemerkt dat Alan niet thuis was gekomen van een avondje naar
de disco. Er werd alarm geslagen. Alan bleek met een andere jongen, Daan
de Blok, te zijn vermoord. De lichamen van de jongens werden in de
parkeergarage van Loosduinen teruggevonden.
“We vroegen de rechtbank om het woord te mogen voeren
tijdens de zitting, maar dat werd ons geweigerd. Wel heeft één van de
rechters een stukje uit de brief voorgelezen die wij aan het dossier
hadden laten toevoegen. In hoger beroep vroegen wij wederom spreekrecht
aan. Weer werd het ons geweigerd. Ter compensatie las de advocaat-generaal
onze brief vrijwel geheel voor. Maar toch hadden we liever zelf het woord
gevoerd.
We voelden ons daar machteloos en boos over.
Wij kunnen toch het beste zelf vertellen hoe het voelt om
onze zoon te verliezen?”
Na de dood van Alan sloot het echtpaar Roos zich aan bij de
Vereniging “Ouders van een Vermoord Kind”. Deze Vereniging is steeds
een fervent voorstander geweest om het spreekrecht voor slachtoffers en
nabestaanden tijdens de terechtzitting in te voeren.
“Ik voelde me heel sterk”
In de praktijk reageren rechters verschillend op verzoeken
van slachtoffers en nabestaanden om tijdens de zitting het woord te
voeren. Soms wordt het spreken hen geweigerd, soms toegestaan.
De ouders van Joes Kloppenburg werden door de rechtbank zelfs
uitgenodigd om tijdens de terechtzitting te spreken. “We waren blij dat
we het woord mochten voeren. In de rechtszaal zaten we met de hele familie
naast elkaar. Op een stoel tussen ons in hadden we een grote foto van Joes
neergezet, bovenop een tas, zodat alle aanwezigen hem goed konden zien,”
aldus de vader van Joes.
“Toen ik de tekst schreef die ik tijdens de zitting zou
voordragen, kwamen de woorden als vanzelf”, zegt de moeder van Joes.
“Ik verwoordde wat zijn dood voor ons betekende. Ik probeerde eerst de
gevoelens van mij en mijn man samen te vatten met die van onze drie
dochters. Dat bleek niet te lukken. Toen heb ik na het verhaal van Jan en
mij nog kort de gevoelens van onze dochters opgesomd. Alledrie kwamen zij
apart aan bod. Het was heel aangrijpend. Alle aanwezigen waren geëmotioneerd,
ook de rechters en de officier van justitie. Ik heb de tekst nadien nooit
meer gelezen. Dat durf ik niet.”
De vader van Joes overhandigde mij de tekst en vroeg of ik
nog iets te drinken wilde.
“Nadat ik hoorde dat Joes er niet meer was, kon je me
opvegen. Ik kon het tuinpad nauwelijks meer aflopen, zo moe was ik. Maar
toen ik tijdens de zitting het woord mocht voeren, voelde ik me heel
sterk. Ik voelde me serieus genomen. De rechters moesten weten hoe ons
gezin er sinds de dood van Joes aan toe was. En ik deed het voor Joes. Ik
was het hem verplicht om te spreken nu hij dat zelf niet meer kon.”
Spreekrecht
voor slachtoffers en nabestaanden
Tweede
Kamerlid Boris Dittrich (D66) diende begin oktober 2001 een
initiatiefwetsvoorstel in. Slachtoffers van ernstige misdrijven, zoals
mishandeling, zedenzaken en ernstige verkeerszaken en nabestaanden van
moord- en doodslagzaken zouden in de toekomst gebruik moeten kunnen maken
van het spreekrecht.
De
beroepsvereniging van rechters en officieren van justitie in Nederland (NVvR)
en de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) vinden - zo blijkt uit de
toelichting van het wetsvoorstel – het zinvol dat bij alle gerechten
dezelfde regels ten aanzien van het spreekrecht gaan gelden. Zo moet in de
toekomst voorkomen worden dat sommige slachtoffers en nabestaanden wel
spreekrecht wordt toegekend en anderen niet.
Eind
vorig jaar heeft de Tweede Kamer unaniem ingestemd met het wetsvoorstel.
Komende maand zal het wetsvoorstel in de Eerste Kamer verder behandeld
worden.
Sinds
de jaren tachtig is er steeds meer aandacht gekomen voor de positie van
het slachtoffer in strafprocedures. Zo kan het slachtoffer sinds de jaren
negentig tijdens het proces een schadeclaim indienen tegen de verdachte.
Ook mogen slachtoffers in ernstige strafzaken bij een politiefunctionaris
uit het opsporingsteam een schriftelijke verklaring afleggen en deze aan
het strafdossier laten toevoegen. Verder zijn op veel parketten coördinatoren
aangesteld, die het contact met het slachtoffer of diens nabestaanden
verzorgen. Zowel de ouders van Alan Roos als die van Joes Kloppenburg zijn
positief over de wijze waarop zij door politie en justitie benaderd zijn.
“We mochten zo vaak naar het bureau komen als we wilden. En we hebben er
vaak gezeten... ze waren zo geduldig”, aldus mevouw Roos. En het
echtpaar Kloppenburg stelde het op prijs dat de politie de verschillende
verklaringen die zich in het dossier bevonden op hun verzoek had
samengevat.
“Toch
zijn we er met het spreekrecht nog lang niet”, zegt mevrouw Roos. “Zo
woonden wij gedurende twee jaar negen zittingen bij. Eentje duurde tot
negen uur ’s avonds. We hadden de rechtbank vooraf laten weten dat veel
familieleden, vrienden en lotgenoten met ons mee zouden komen ter
ondersteuning. Rond etenstijd werd de zitting geschorst. We werden de gang
opgestuurd en zochten naar een automaat om iets te eten en te drinken.
Alle automaten in het gerechtsgebouw waren leeg. Na enige tijd mochten wij
de rechtszaal weer in. Het rook er naar kippesoep! De pers, de rechters en
misschien ook wel de verdachte hadden soep gekregen. Maar de zitting ging
over onze zoon Alan die vermoord was, en wij kregen niets! En dan die keer
dat ik op de toilet in het gerechtsgebouw de familieleden van de daders
tegenkwam. Vreselijk!”
In
de toelichting op het wetsvoorstel wordt in dit verband opgemerkt dat het
onwenselijk kan zijn wanneer een slachtoffer of diens nabestaanden, die
gebruik willen maken van het spreekrecht, de verdachte(n) vóór de
zitting tegen het lijf lopen. De voorzitter van de strafkamer kan om die
reden bepalen dat voor het begin van de zitting in een aparte kamer kan
worden gewacht.
Voorlichting
Dittrich
wijst er in de toelichting op het wetsvoorstel op dat het van belang is
slachtoffers en nabestaanden te wijzen op de beperkingen van het
spreekrecht.
Zo
mogen zij niet hun visie geven op de verdachte of op de toe te kennen
straf. Een goede voorlichting is belangrijk. Om die reden moet een goed
contact bestaan tussen het slachtoffer of de nabestaanden en de politie of
de officier van justitie.
De
vader van Joes Kloppenburg beaamt dat het spreekrecht slechts een beperkte
reikwijdte heeft. “Ik heb niet het idee dat we tot de dader zijn
doorgedrongen. Hij heeft het gehele proces bijna niets gezegd. Soms
mompelde hij iets onverstaanbaars. Eén keer reageerde hij verontwaardigd.
Mijn vrouw was aan het woord. Zij beschreef hoe onze zoon op beestachtige
wijze was vermoord. Dat raakte hem. Ik ben geen beest, fluisterde hij. De
dader zal geen idee hebben wat hij heeft aangericht. Niet alleen jegens
ons gezin, maar ook jegens de verschillende groepen vrienden waar Joes mee
omging. Hij is al weer op vrije voeten en heeft zijn therapie niet
afgemaakt. Al zou hem maar opgelegd worden dat hij elke maand handmatig
een klein bedrag aan een goed doel zou overmaken, zodat hij zich altijd
blijft herinneren wat hij gedaan heeft. Het mag nooit weer gebeuren.
 |
Daar
zit je dan
in stil verdriet
de rechter heeft het woord
de schreeuw in mij
zij mogen niet
dat via mij
mijn kind eens wordt gehoord
Mijn kind met zoveel dromen
een toekomst in 't verschiet
met ouders in conflict te komen
nee deze woorden mogen niet
Geen stem vanuit het kind
voor mij is dat heel triest
maar luister toch
wat een ouder ondervindt
die zelfs het spreekrecht
vanuit het kind
zo zondermeer verliest |
Gedicht
van, Marijke Schipper
|