De
weduwe van de Surinaams-hindoestaanse Wienodj Ramesar (42) uit Den Haag
tast al sinds de moord op haar man in Paramaribo, een maand geleden, in
het duister over wat er is gebeurd.
„Wat moet ik onze dochtertjes van 9 en 6 vertellen?
We hadden nooit kunnen dromen dat dit zou gebeuren.
Hij is met zijn moeder naar Suriname gegaan, voor het eerst in 17,5 jaar
zonder mij.
Onze huisarts vroeg nog: ’Waarom ga je niet met je gezin?’
Maar hij wilde zijn moeder begeleiden.
Hij is op onze trouwdag, 26 februari, overleden.
Zolang we de toedracht niet kennen, kunnen we dit ook niet
verwerken.’’
Wat de weduwe en de vrienden van Ramesar weten, hebben ze uit Surinaamse
kranten.
Dat Ramesar met zijn neef en diens vrouw ’s nachts thuiskwam in het
huis van zijn neef en dat de gewapende overvallers al in huis waren.
Ramesar, die als hoofd van de administratie van de afdeling
bestuursrecht in het Haagse Paleis van Justitie werkte, werd beschoten
en overleed even later in het ziekenhuis.
„De rest van wat we horen, moeten we zelf uit de kranten halen. De
rest van wat je uit Paramaribo hoort, zijn geruchten.’’
De bekende Surinaamse mofokoranti (’mondkrant’, geruchtencircuit)
werkt als nooit tevoren.
Familieleden, kennissen en buren, iedereen suggereert raak, maar niemand
weet wat er werkelijk is gebeurd.
Zelfs over Ramesars achtergrond gingen verschillende verhalen.
Surinaamse kranten schreven bijvoorbeeld dat hij politieagent was in
Rotterdam. Maar dat bleek allemaal uit ’onbetrouwbare bron’ te zijn
vernomen.
Zelfs de naaste familie in Suriname is niet goed op de hoogte.
„We weten ook daar niets. Iemand zei dat er een verdachte is
aangehouden, maar of dat waar is, is nog maar de vraag,’’ vertelt
een neef van Ramesar die het stoffelijk overschot uit Suriname naar
Nederland begeleidde.
Tijdens de crematie van Ramesar waren volgens de familie ’zeker
duizend mensen’ aanwezig, maar niemand kon bij de toespraken écht
vertellen hoe hij om het leven is gekomen en zeker niet waarom.
De
familieleden van de eveneens in Paramaribo vermoorde Hagenaar Roland van
de Luytgaarden (43) willen niet in de publiciteit, maar weten ook niet
wat er precies is gebeurd.
Van de Luytgaarden had zijn baan als vrachtwagenchauffeur in Nederland
opgegeven om zich eind december 2006 met zijn Surinaamse vrouw in
Suriname te vestigen.
Op de avond van 23 januari is hij vermoord en van zijn geld beroofd.
Omdat er geen geld was om het stoffelijk overschot naar Nederland te
halen, is Van de Luytgaarden in Suriname begraven. Vrienden van Ramesar
hebben wel een idee waarom Nederlanders slachtoffer worden van de
bendes.
„Nederlanders hebben over het algemeen veel contant geld bij zich,
omdat je in Suriname niet overal kunt pinnen en je voor elke
pinhandeling veel commissie moet betalen,’’ zegt Bobby, vriend van
Wienodj Ramesar.
„Een handeling met een creditcard kost algauw vijftig euro per keer.
Veel bankautomaten doen het vaak niet, omdat er in Suriname geregeld
stroomuitval is.’’
De angst zit er goed in bij de weduwe van Ramesar.
„Elk laat telefoontje doet weer terugdenken aan dat ene telefoontje
waaruit bleek dat mijn man is vermoord. Bovendien ben je meteen bang dat
er weer iets is gebeurd met een andere dierbare.’
De nabestaanden willen graag in contact komen met mensen die hetzelfde
in Suriname hebben meegemaakt.
U kunt de familie e-mailen naar:
slachtoffers.geweld.in.suriname@live.nl.
Door
MAAIKE KRAAIJEVELD en PERDIEP RAMESAR
Bron: AD