juli 2010     ingezonden  Bianca Nooijens       zie ook 044        

173

 

DADER WIL VAKER CONTACT MET SLACHTOFFER DAN ANDERSOM

 

Slachtoffers van een misdrijf maken weinig gebruik van de mogelijkheid tot een gesprek met de dader. Het zijn vooral de veroordeelden die zich melden bij Slachtoffer in Beeld (SiB), de organisatie die de ontmoetingen regelt.
Vorig jaar kwam 86 procent van de aanmeldingen van daders, blijkt uit het SiB-jaarverslag. Er meldden zich 863 daders, tegen 140 slachtoffers die zouden willen praten of schrijven met de persoon die hen heeft neergeslagen of beroofd, of een naaste heeft gedood. Het percentage slachtoffers (45 procent) dat ingaat op het verzoek van de dader is vrijwel even groot als het percentage daders (48 procent) dat ingaat op het verzoek van een slachtoffer.
Dat relatief weinig slachtoffers het initiatief nemen, komt volgens Slachtoffer in Beeld doordat er meer organisaties zijn die zich bezighouden met daders of daderhulpverlening dan met slachtofferzorg. Hierdoor zijn meer daders op de hoogte van de mogelijkheid voor een gesprek.
Slachtoffers melden zich vooral aan via Slachtofferhulp Nederland, die slachtoffers na een misdrijf of ongeval bijstaat. ,,Maar in dat stadium is het vaak te vroeg voor iemand om aan een slachtoffer_dadergesprek te denken'', aldus een woordvoerder.
Het kan lang duren voordat er behoefte is om te praten, vaak pas na een juridische procedure. Slachtofferhulp ondersteunt het slachtoffer dan niet meer waardoor diegene geen informatie krijgt over de gesprekken.
De slachtoffer_dadergesprekken zijn in 2007 landelijk ingevoerd. Toenmalig justitieminister Piet Hein Donner benadrukte dat vooral slachtoffers baat kunnen hebben bij deze ontmoetingen, omdat ze kunnen helpen de gebeurtenis te verwerken.
Dat het initiatief vooral van daders komt, wil niet zeggen dat de gesprekken geen nut hebben, vindt Joost Eerdmans, voormalige Tweede Kamerlid en oprichter van het Burgercomité tegen Onrecht, dat de belangen van slachtoffers en nabestaanden van ernstig geweld behartigt. ,,Het slachtoffer is er bij gebaat als de dader wordt geconfronteerd met wat hij iemand heeft aangedaan'', zegt Eerdmans. ,,Dat gebeurt nu te weinig.''
Het aantal contacten blijft overigens ver achter bij de verwachting. Donner rekende destijds op 1500 gesprekken per jaar. In het eerste jaar waren er 184 ontmoetingen, in 2008 371 en vorig jaar 483.
Om meer slachtoffers te bereiken wil Slachtoffer in Beeld lotgenotengroepen benaderen en informatie via arrondissementsparketten te verstrekken. Daarnaast werkt het ministerie van Justitie aan een folder waarin slachtoffers die aangifte doen bij de politie meer wordt verteld over de bemiddelingen.

Weinig slachtoffers van een misdrijf nemen het initiatief tot een gesprek met de dader. Het is vooral de veroordeelde die contact wil. ,,Ik wil niet met hem in één ruimte zijn.''

 Het verzoek van de moordenaar kwam uit het niets. Of Bianca ervoor voelde eens met hem te praten. Dan kon hij uitleggen waarom hij twee van haar familieleden had gedood. ,,Alles werd opgerakeld. Ik was misselijk, kreeg weer keel- en rugpijn net als de eerste jaren na de moorden'', vertelt Bianca*.
Ook wilde hij zijn excuses aanbieden, las Bianca in de brief die de organisatie Slachtoffer in Beeld (SiB) namens de veroordeelde had gestuurd. Bianca: ,,Dat hij wil praten vind ik eng. Ik wil niet met hem in één ruimte zijn.''
Zo denken meer slachtoffers, weet begeleider Annemoon Segers die sinds 2007 namens SiB zogeheten slachtoffer_dadergesprekken organiseert.
,,Er zijn slachtoffers die niet meer aan de gebeurtenis willen denken. 'Ze weten niet wie ik ben en dat wil ik graag zo houden', is een vaak gehoorde uitspraak.''
Vorig jaar was er in 463 gevallen wél contact tussen slachtoffer en dader, in levenden lijve of via een briefwisseling. Dat is meer dan voorgaande jaren en het contact wordt vaak door beide partijen als positief ervaren, aldus SiB. Zowel het slachtoffer als de dader kunnen het initiatief nemen. In veruit de meeste gevallen neemt de dader de eerste stap.
Maar bijna de helft van de pogingen _1050 afgeronde zaken in 2009 _ loopt op niets uit. Omdat iemand niet is te vinden, één van de partijen geen behoefte heeft aan contact, of de dader niet gemotiveerd is. ,,Wanneer blijkt dat een dader alleen wil deelnemen om zijn eigen geweten te sussen en het slachtoffer hem eigenlijk weinig interesseert, zal de bemiddelaar het traject stopzetten'', aldus SiB-woordvoerder Anne-marie Zegers.
Voormalig justitieminister Piet Hein Donner voerde de gesprekken-op-vrijwillige-basis in 2007 landelijk in. Uit de evaluatie van enkele proefprojecten, waarin slachtoffers vooral contact met jeugdige daders contact hadden, bleek dat deze gesprekken kunnen bijdragen aan de verwerking van het delict door het slachtoffer. Voor daders geldt dat zij de kans krijgen berouw te tonen en zich kunnen voorbereiden op hun terugkeer in de maatschappij. Sinds vorig jaar bestaat ook voor volwassen daders de mogelijkheid om zich aan te melden.
,,Sommige mensen zullen er ongetwijfeld baat bij hebben'', zegt Ybo Buruma, hoogleraar strafrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ,,Maar dat slachtoffers een punt kunnen zetten achter wat er is gebeurd, dat geloof ik gewoon niet. Zeker niet bij zware geweldsdelicten.''
De indruk dat de meeste slachtoffers geen trek in contact hebben, klopt volgens de SiB niet helemaal. ,,Een toenemend deel is wel bereid tot contact, omdat zij vragen hebben die alleen de dader kan beantwoorden'', aldus Zegers.
Het gaat dan om vragen als: 'waarom ík', 'waarom gebruikte je zoveel geweld', 'had je me vooraf al in de gaten gehouden'?
Ook hebben slachtoffers volgens SiB vaak de behoefte om aan de dader te vertellen wat de gevolgen van het misdrijf zijn geweest. ,,Door deel te nemen aan een bemiddeling laat het slachtoffer aan de dader zien: ik ben er ook nog! Slachtoffers pakken hiermee de regie op hun leven weer terug'', aldus Zegers.

John Blad, universitair hoofddocent strafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, is overtuigd van het nut van de gesprekken. Maar de huidige vorm gaat hem niet ver genoeg. ,,Nu zitten er aan het gesprek geen consequenties vast voor de dader'', aldus Blad. ,,Er zou veel meer worden bereikt als er overeenkomsten worden gesloten over schadevergoedingen en bijvoorbeeld het werken aan een verslaving.''
Maar dit zou ook het doel van het gesprek -openheid, uitleg en excuses aanbieden- kunnen vertroebelen, stelt Antony Pemberton, senior onderzoeker slachtofferzorg aan de Universiteit Tilburg. De dader zou zich berekend kunnen opstellen in de hoop op een lichtere straf. ,,Dan wordt het slachtoffer voor de gek gehouden, daar zie ik geen rechtvaardigheid in'', zegt Pemberton.
Voor Bianca is en blijft het antwoord 'nee'. ,,Hij heeft nooit berouw getoond. Ook niet tijdens de rechtszaak'', zegt ze. ,,Hij moet nog een paar jaar zitten en ik heb het idee dat hij zich voorbreidt op de vrijlating. Volgens mij doet hij het vooral voor zichzelf, niet voor mij.''

 

PRATEN MET DE DADER
De slachtoffer_dadergesprekken werden in 2007 landelijk ingevoerd. Sindsdien is het aantal gesprekken jaarlijks gestegen, blijkt uit de jaarverslagen van de organisatie Slachtoffer in Beeld (SiB). In 2007 waren er 184 ontmoetingen, het jaar daarop waren dat er 371 en in 2009 483.
Slachtoffer_dadergesprekken zijn mogelijk bij zowel relatief lichte misdrijven zoals diefstal, als bij zware misdrijven zoals verkrachting en moord. Van een dodelijk slachtoffer kunnen de nabestaanden een gesprek voeren met de dader.
Het gesprek is grofweg onder te verdelen in vier fasen:
1. De begeleider brengt met beide partijen het misdrijf in kaart. Beiden vertellen wat er is gebeurd , hoe ze dit ervaren hebben en wat ze er bij gevoeld hebben.
2. Vervolgens vertellen beiden aan elkaar wat de gevolgen van het delict voor hen zijn (geweest).
3. Dan kunnen ze vragen stellen aan elkaar en dingen bespreken 'die nog niet zijn gezegd'.
4. Tot slot wordt er gepraat over hoe ze zich zullen opstellen tot de ander wanneer ze elkaar op straat tegenkomen.

 

 

   

 

 

 

 

 

 

 

 

Contact

A.D.S.home

Gastenboek

  Inschrijven

 TV en Radio

 

INDEX

 Interview 173