|
Verslag bijeenkomst vrijdag 26 september 2008
met
Advies- en
Onderzoeksgroep
Beke in
Arnhem.
Beke voert
in opdracht
van het
Ministerie
van
Justitie,
onderzoek
uit naar de
dienstverlening
van
Slachtofferhulp
Nederland
aan
nabestaanden
van moord en
doodslag.
Van de Beke
groep waren
hierbij
aanwezig:
Met de
aanstelling
van drie
(volgens
Beke zes)
casemanagers
voor
nabestaanden
van moord en
doodslag, is
in 2006, als
pilot, een
nieuwe vorm
van
intensievere
dienstverlening
van start
gegaan.
Beke volgt
de
ontwikkelingen
van deze
vorm van
dienstverlening
en
onderzoekt
in hoeverre
SHN tegemoet
komt aan de
noden en
behoeften
van
nabestaanden
van
geweldsslachtoffers.
Om een beeld
te krijgen
van de
hulpverlening
van SHN, in
de periode
vóór de
aanstelling
van de
casemanagers,
en om de
dienstverlening
van de
casemanagers
beter te
doen
aansluiten
bij de
behoeften en
wensen van
nabestaanden
tijdens de
gebeurtenissen
en de
moeilijke
tijden, die
volgen na de
moord, heeft
Beke groep
ons
uitgenodigd
voor een
gesprek,
waarin wij
hen onze
ervaringen
met SHN
konden
vertellen.
Behalve een
paar
schrijnende
ervaringen,
waren er
gelukkig ook
goede, tot
zeer goede
ervaringen
met
vrijwilligers
van SHN.
Er zijn
grote
verschillen
in de
behoeften
van
nabestaanden.
De ene gaf
aan dat die
heel graag
meteen na
het gebeuren
hulp had
willen
hebben van
SHN, de
andere dat
die het heel
vervelend
vond dat er
meteen al
een
wildvreemde
van SHN in
huis kwam.
Geadviseerd
is om SHN
een map te
laten
samenstellen,
met daarin
alle
benodigde
informatie
voor
nabestaanden
van
geweldsslachtoffers.
Als de
politie het
bericht aan
de familie
gaat melden,
gaat de
casemanager
mee.
We waren het
er wel
allemaal mee
eens, dat je
niet kunt
verwachten
dat SHN ten
eeuwige dage
tot je
beschikking
kan blijven,
maar het
moet wel
mogelijk
blijven,
indien
noodzakelijk,
SHN te
kunnen
benaderen
voor hulp.
Daarvoor is
wel
noodzakelijk
dat er een
dossier van
betrokkenen
is
aangelegd.
De ervaring
van één van
de
aanwezigen
was dat er,
na wisseling
van
contactpersonen
(vrijwilligers)
en het
overlijden
van haar
laatste
contactpersoon
(vrijwilliger)
bij SHN,
geen
dossier van
haar
situatie was
gemaakt bij
SHN. Dit met
alle
vervelende
gevolgen van
dien.
SHN zou
hierover
goede
afspraken
moeten maken
met haar
vrijwilligers.
Hoewel wij
dit al
wisten,
kregen wij
van de kant
van Beke
alsnog te
horen, dat
de
hulpverlening
van de
casemanagers
alleen
zal gelden
voor
‘nieuwe
gevallen’.
Er wordt wel
van
uitgegaan
dat ‘oude
gevallen’,
waar de
huidige
casemanagers
mee bezig
zijn, door
hen zullen
worden
afgemaakt.
De mensen
van Beke
waren blij
dat wij onze
ervaringen
met hen
hebben
willen delen
en hen wat
voorstellen
tot
verbetering
van de
hulpverlening
gedaan
hebben.
Op het eind
van de
bijeenkomst
had ik de
indruk dat
alle
partijen
terug konden
kijken op
een nuttige
dag.
Wina, Janny en Mieke
Aandacht voor een verhaal apart Een actie-onderzoek naar de voorziening nabestaanden van slachtoffers van moord en doodslag
Omschrijving
Sinds de
zomer van
2007 is
Slachtofferhulp
Nederland (SHN)
gestart met
het project:
'Een verhaal
apart'. Dit
project richt
zich op de
specifieke
doelgroep
nabestaanden
van
slachtoffers
van moord en
doodslag.
Het project
is mede
ontstaan op
initiatief
van
lotgenoten
en komt
voort uit
onvrede met
de generieke
aanpak. Wij
zullen het
project, de
casemanagers,
ketenpartners
van SHN,
lotgenotengroepen
en een
groep nabestaanden
tot het
najaar van
2010 volgen.
De
vraagstelling
daarbij luidt:
'hoe
verloopt het
project
'voorziening
nabestaanden',
in hoeverre
is het
adequaat
opgezet en
in hoeverre
voldoet het
aan de
behoeften
van de
doelgroep?'.
In het
onderzoek
staan de
volgende
onderzoeksdomeinen
centraal:
Opdrachtgever Ministerie van Justitie: WODC - EWB
ProjectteamNicole Arts, Henk Ferwerda, Ilse van Leiden en Anton van Wijk
|