Verslag bijeenkomst vrijdag 26 september 2008

 met Advies- en Onderzoeksgroep Beke in Arnhem.

 

Beke voert in opdracht van het Ministerie van Justitie, onderzoek uit naar de dienstverlening van Slachtofferhulp Nederland aan nabestaanden van moord en doodslag.

 

Van de Beke groep waren hierbij aanwezig:
Nicole Arts, Henk Ferwerda en Ilse van Leiden
ADS en VOVK werden vertegenwoordigd door:
Janny de Jongh, Mieke van Dorst, Wina Tjong Kim Sang,Wil Vreeburg en de fam. Sluys.

 

Met de aanstelling van drie (volgens Beke zes) casemanagers voor nabestaanden van moord en doodslag, is in 2006, als pilot, een nieuwe vorm van intensievere dienstverlening van start gegaan.

 

Beke volgt de ontwikkelingen van deze vorm van dienstverlening en onderzoekt in hoeverre SHN tegemoet komt aan de noden en behoeften van nabestaanden van geweldsslachtoffers.

 

Om een beeld te krijgen van de hulpverlening van SHN, in de periode vóór de aanstelling van de casemanagers, en om de dienstverlening van de casemanagers beter te doen aansluiten bij de behoeften en wensen van nabestaanden tijdens de gebeurtenissen en de moeilijke tijden, die volgen na de moord, heeft Beke groep ons uitgenodigd voor een gesprek, waarin wij hen onze ervaringen met SHN konden vertellen.

 

Behalve een paar schrijnende ervaringen, waren er gelukkig ook goede, tot zeer goede ervaringen met vrijwilligers van SHN.
Er was zelfs één bij, waarvan alle aanwezigen vonden, dat die betreffende vrijwilliger als casemanager aangesteld zou moeten worden.
Dit wordt door Beke meegenomen.

 

Er zijn grote verschillen in de behoeften van nabestaanden. De ene gaf aan dat die heel graag meteen na het gebeuren hulp had willen hebben van SHN, de andere dat die het heel vervelend vond dat er meteen al een wildvreemde van SHN in huis kwam.
 

Geadviseerd is om SHN een map te laten samenstellen, met daarin alle benodigde informatie voor nabestaanden van geweldsslachtoffers.
 

Als de politie het bericht aan de familie gaat melden, gaat de casemanager mee.
Bij dit bezoek neemt de casemanager meteen de informatiemap, met daarin zijn/haar visitekaartje, mee voor de familie.
Als de betreffende familie aangeeft geen behoefte te hebben aan de hulp van een casemanager, laat de casemanager de informatiemap achter, met de mededeling dat de familie bij behoefte contact met hem/haar kan opnemen.
Als dat niet gebeurt, neemt de casemanager na verloop van een aantal weken zelf contact op met de familie om te vragen of hij/zij nog iets voor hen kan betekenen.
Ook hoelang na het gebeuren nabestaanden hulp willen hebben van SHN verschilt van de een tot de ander.

 

We waren het er wel allemaal mee eens, dat je niet kunt verwachten dat SHN ten eeuwige dage tot je beschikking kan blijven, maar het moet wel mogelijk blijven, indien noodzakelijk, SHN te kunnen benaderen voor hulp. Daarvoor is wel noodzakelijk dat er een dossier van betrokkenen is aangelegd.

 

De ervaring van één van de aanwezigen was dat er, na wisseling van contactpersonen (vrijwilligers) en het overlijden van haar laatste contactpersoon (vrijwilliger) bij SHN,  geen dossier van haar situatie was gemaakt bij SHN. Dit met alle vervelende gevolgen van dien.

 

SHN zou hierover goede afspraken moeten maken met haar vrijwilligers.

 

Hoewel wij dit al wisten, kregen wij van de kant van Beke alsnog te horen, dat de hulpverlening van de casemanagers alleen zal gelden voor ‘nieuwe gevallen’.

 

Er wordt wel van uitgegaan dat ‘oude gevallen’, waar de huidige casemanagers mee bezig zijn, door hen zullen worden afgemaakt.

 

De mensen van Beke waren blij dat wij onze ervaringen met hen hebben willen delen en hen wat voorstellen tot verbetering van de hulpverlening gedaan hebben. Afgesproken is dat Beke ons volgend jaar weer zal uitnodigen voor een vervolggesprek.

 

Op het eind van de bijeenkomst had ik de indruk dat alle partijen terug konden kijken op een nuttige dag.

 

Wina, Janny en Mieke


 

Aandacht voor een verhaal apart

Een actie-onderzoek naar de voorziening nabestaanden van slachtoffers van moord en doodslag

 

Omschrijving

Sinds de zomer van 2007 is Slachtofferhulp Nederland (SHN) gestart met het project: 'Een verhaal apart'. Dit project richt zich op de specifieke doelgroep nabestaanden van slachtoffers van moord en doodslag. Het project is mede ontstaan op initiatief van lotgenoten en komt voort uit onvrede met de generieke aanpak. Wij zullen het project, de casemanagers, ketenpartners van SHN, lotgenotengroepen en een groep nabestaanden tot het najaar van 2010 volgen. De vraagstelling daarbij luidt: 'hoe verloopt het project 'voorziening nabestaanden', in hoeverre is het adequaat opgezet en in hoeverre voldoet het aan de behoeften van de doelgroep?'. In het onderzoek staan de volgende onderzoeksdomeinen centraal:
projectontwikkeling, samenwerking, kwaliteit, gevolgen en behoeften én tevredenheid.

 

Opdrachtgever

Ministerie van Justitie: WODC - EWB

 

Projectteam

Nicole Arts, Henk Ferwerda, Ilse van Leiden en Anton van Wijk