Gesprek ADS commissie met 2e kamerleden, vaste commissie voor Justitie, Den Haag.

 donderdag 7 oktober 2010

 

07-10-2010 - Gesprek met Hero Brinkman en Lilian Helder van de PVV       

Van ADS waren aanwezig: Martin Roos, Wina Tjong, Piet Beekenkamp, Jack Keijzer en Jac Nooijens.

De volgende gespreksonderwerpen kwamen aan de orde.

DHG. De heer Brinkman is bereid om te proberen, samen met ons, de DHG een landelijke status te laten krijgen. Wij moeten daarvoor ideeën aanleveren hoe we dat wil gaan aanpakken. Het zal waarschijnlijk wel moeilijk worden, want er hangt toch een stevig kostenplaatje aan. Er moet een reclamecampagne komen en dat gaat o.a. gepaard met zendtijd op TV.

Spreekrecht. Met name mevrouw Helder was verbaasd over het feit dat het spreekrecht in de huidige vorm een “wassen neus” is. Zij was niet verbaasd over de willekeur die rechters aan de dag leggen hoe zij de wet hierover hanteren. Bij de ene rechter mogen er zelfs 4 mensen spreekrecht uitoefenen, terwijl de andere rechter de wet op de letter naleeft en slechts 1 persoon spreekrecht geeft. De PVV wil het slachtoffer c.q. de nabestaanden een actievere rol in het strafproces gaan laten spelen. Het tonen van emotie door slachtoffers c.q. nabestaanden moet mogelijk zijn in de rechtszaak. Spreekrecht mag niet beperkt zijn tot alleen wat er met de persoon zelf gebeurt. Natuurlijk moeten de fatsoensnormen hierbij gewaarborgd blijven.

Minimum straffen. De PVV is, net als wij, voor de invoering van minimum straffen. Mevrouw Helder formuleerde hierbij ook dat de minimum straffen niet alleen voor preventie van criminaliteit of recidive ervan is, maar ook voor de genoegdoening van slachtoffers en waarborgen dat rechters niet te lage straffen kunnen geven.

Mevrouw Helder wist ook te vertellen dat men bezig is met een apart artikel om op het moment dat iemand verdacht is van een zwaar delict, dat dan goederen “vastgezet” kunnen worden. Zodoende kunnen deze goederen c.q. financiële middelen niet meer “weggesluisd” worden. Tevens wist mevrouw Helder te vertellen dat een rechter wel TBS kan opleggen zonder dat er een psychologisch/psychiatrisch onderzoek aan vooraf is gegaan. De rechters zijn echter vanaf een bepaald moment geen TBS meer gaan opleggen zonder onderzoek.

Met name mevrouw Helder was bijzonder geïnteresseerd in wat wij te vertellen hadden en gaf de indruk zelf al diverse ideeën te hebben om hier iets aan te doen.


07-10-2010 - Gesprek met een aantal leden van de vaste commissie voor Justitie van de 2e kamer

Van ADS waren aanwezig: Martin Roos, Wina Tjong, Piet Beekenkamp, Jack Keijzer en Jac Nooijens.

Onderstaande leden van de commissie waren aanwezig:
De heer Recourt. PVDA. Voorzitter van de vergadering.
Mevrouw Berndsen. D66.
De heer Teeven. VVD.
Mevrouw Helder. PVV.
De heer van der Staaij. SGP.
Mevrouw van Toorenburg. CDA.
De heer Nava. Griffier.

De volgende onderwerpen zijn aan de orde geweest:

De willekeur van strafeisen door het OM en vonnissen door de rechterlijke macht.
Van onze kant hebben wij toegelicht dat het voor ons onbegrijpelijk is dat voor de ene moord een veel lagere straf wordt geëist door het OM of vonnis wordt uitgesproken door een rechter dan voor een andere vergelijkbare moord.

Invoering minimum straffen en eisen van zwaardere straffen.
Wij hebben uitgelegd dat het ons hierbij niet gaat om het voorkomen van criminaliteit, maar dat slachtoffers c.q. nabestaanden dan minder zijn overgeleverd aan de willekeur van het OM en de rechterlijke macht.

Spreekrecht.
Men was verbaasd over het feit dat het spreekrecht in de huidige vorm een “wassen neus” is. Ook hier voelen we ons weer overgeleverd aan de willekeur van de rechters zelf. Bij de ene rechter mogen er zelfs 4 mensen spreekrecht uitoefenen, terwijl de andere rechter de wet op de letter naleeft en slechts 1 persoon spreekrecht geeft. Tevens mag er in het spreekrecht niets over de daad of de dader gezegd worden en mag de spreker niet te veel emotie tonen, want de rechter zou daardoor beïnvloed kunnen worden. Wij hadden de indruk dat minimaal een aantal leden van de commissie hier niet van op de hoogte waren.

Wij kregen te horen van de heer Teeven dat de zogenaamde Fokkensregeling al gedurende lange tijd bevroren is.
Deze regeling maakte het voor veroordeelden mogelijk om al na 1/3 van de straf aan de TBS-behandeling te beginnen. Hierdoor kon het zijn dat een veroordeelde al sneller vrij kwam dan de eigenlijke duur van zijn straf. Nu kan dat pas na 2/3 van de straf.

Verplichte bezoeken van kinderen aan de ouder die de andere ouder om het leven heeft gebracht of laten brengen.
Wij hebben het standpunt duidelijk gemaakt, dat er totaal geen deugdelijk onderzoek wordt verricht naar de vraag of het wel goed is voor een kind om verplicht de ouder te bezoeken, terwijl die de andere ouder vermoord heeft. Hoe dubbel is het voor een kind? De ouder heeft het slechtste gedaan wat je kunt doen, maar ik moet toch naar hem/haar toe en met hem/haar spelen. Dit is voor een volwassene al niet te begrijpen, laat staan voor een kind.
Op de vraag wat te doen als een kind zelf wil, hebben wij geantwoord “het kind moet altijd centraal staan”. Het belang van het kind is het belangrijkste. Als uit gesprekken met deskundigen blijkt dat het voor een kind wel goed is, dan moet daar aan voldaan kunnen worden. Hierbij moet het kind wel goed en professioneel begeleid worden. Het kan bijvoorbeeld best zijn dat een kind zelf aan de ouder wil vragen waarom hij tot zijn daad is gekomen.
 


ADS leden inbreng donderdag 7 oktober 2010.

Wij hopen steun te krijgen vanuit de politiek en de 2e kamer leden van vaste commissie voor Justitie, voor onderstaande punten, die wij op deze dag willen toelichten.

Geweldsmisdrijf, politie, onderzoek, aanhouding, bewijs, requisitoir, strafeis:

Voor nabestaanden van slachtoffers ernstige geweldmisdrijven, zoals moord en doodslag is het onverteerbaar dat Justitie (OM) de ene moord zwaarder laat wegen dan de andere. Men verliest een dierbare door het ergste wat een mens kan overkomen, moord. Het verlies, verdriet en vooral de machteloosheid die nabestaanden moeten doorstaan in de rechtszaal doet alle vertrouwen in de rechtstaat en maatschappij verliezen. Je bent ongewild getuige van onderhandelingen over wat het OM kan en gaat eisen. Met regelmaat moet je aanhoren dat het toch steeds gaat om de positie van de dader.

OM altijd de maximum straf voor moord en doodslag eisen

Wanneer een misdrijf, zoals moord of doodslag is gepleegd, dit duidelijk kan worden bewezen of als er een dader is die zijn/haar daad bekent dan is het toch de plicht van Justitie om daarvoor de maximum straf te eisen? Justitie zegt er te zijn is voor de mensen, maar dan toch wel de fatsoenlijke en eerlijke mensen. Justitie (Overheid) behoort een misdrijf te bestraffen door altijd de zwaarste (maximum) straf te eisen voor het gepleegde misdrijf. De huidige werkwijze van Justitie (Overheid) en de grote verschillen in strafeis na moord en doodslag getuigen van weinig tot geen respect voor slachtoffers en nabestaanden van deze slachtoffers.

Wie kan en durft ons “nabestaanden” uit te leggen waarom onze dierbaren allemaal een verschillende waarde hebben voor Justitie (Overheid)?

Wie kan en durft ons “nabestaanden” uit te leggen waarom de ene moordenaar korter gestraft moet worden dan de andere?

Wij, nabestaanden, en een merendeel van de samenleving zijn er van overtuigd dat Justitie (Overheid) voor een moordenaar altijd de zwaarste (maximum) straf moet eisen.

Uitbreiding spreekrecht voor slachtoffers en nabestaanden van slachtoffers:

Voor nabestaanden van slachtoffers ernstige geweldmisdrijven, zoals moord en doodslag is het belangrijk dat het huidige spreekrecht wordt uitgebreid.

Wij zijn van mening dat niet de rechter moet/mag bepalen wat een nabestaande zegt ter zitting, maar dat dit in overleg en met hulp van de officier van Justitie / advocaat generaal moet gebeuren.

Op deze manier is de verhouding gelijk aan advocaat / verdachte, omdat bij verdachte de rechter ook niet bepaald wat verdachte wel of niet mag zeggen.
Het is voor alle nabestaanden belangrijk dat meerdere nabestaanden kunnen/mogen spreken.
Het recht van vrij en fatsoenlijk spreken, spreekrecht, voor (meerdere) nabestaanden ter zitting kan ruimschoots worden toegepast nadat de rechters het vonnis hebben bepaald.
Uit respect voor slachtoffers en nabestaanden kan de rechter na het spreken van nabestaanden het vonnis uitspreken.

Een wettelijke minimum gevangenis straf voor moord (20 jaar) en doodslag (15 jaar)

Is op dit moment net zo belangrijk voor nabestaanden van slachtoffers ernstige geweldmisdrijven, omdat de rechter uiteindelijk de strafmaat bepaald (wij zijn ervan overtuigd dat wij dat nooit kunnen veranderen) en dat een wettelijke minimum straf het verschil in vonnissen niet al te groot wordt zoals het huidige (keuzepakket van 0 tot levenslang) systeem.

Hoe is het mogelijk dat een opgelegde levenslange gevangenisstraf, zonder nieuwe rechtszaak wordt omgezet in TBS met behandeling en alle bijkomende regels (verlof e.d.) van deze behandeling?

Volgens de wet kan een levenslang gestrafte alleen vrijkomen door gratie van de koningin. Staan gevangenisdirecteuren, verzorgers, deskundigen, psychiaters boven rechters en koningin? Is het vreemd dat de samenleving het vertrouwen en geloof in de rechtstaat verliest?

Wetswijziging: 1/3 (automatisch) vervroegde invrijheidstelling is nu 1/3 voorwaardelijke invrijheidstelling.

Veel nabestaanden zien deze wetswijziging als doekje voor bloeden. Een wetswijziging die voor veel geweldplegers (moordenaars) niets veranderd. Deze beseffen donders goed dat zij zich aan de regels moeten houden gedurende dat voorwaardelijke deel. Tot op heden worden er geen extra sancties (voorwaarden) opgelegd door de rechters. Deze wetswijziging biedt desondanks wel mogelijkheden voor Justitie en rechters om veroordeelden pas in het voorwaardelijke deel verlofmogelijkheden te bieden.

Na 2/3 van de opgelegde straf, voorwaardelijke detentie met beperkte vrijheden zoals verlof met gebied en contactverbod, werken met gebied en contactverbod, en later in vrijheid met gebied en contactverbod dagelijkse meldplicht, bij heel goed gedrag wekelijks en later eventueel maandelijkse meldplicht als alles goed verloopt. 

Bij de 1/3 voorwaardelijke invrijheidstelling dienen ook nadrukkelijke voorwaarden van slachtoffers en nabestaanden van slachtoffers tijdens zitting te worden opgenomen. 

De opgelegde straf, het aantal jaren onvoorwaardelijk en het aantal jaren van de 1/3 voorwaardelijke invrijheidstelling, met data opnemen in het arrest.

Plegers van ernstig geweld, moord, doodslag en verkrachting, niet plaatsen in gevangenissen van woongebieden alwaar slachtoffers en nabestaanden van Slachtoffers woonachtig of werkzaam zijn.

Het is onacceptabel en onbegrijpelijk dat een tot TBS veroordeelde moordenaar nooit de opgelegde gevangenisstraf moet uitzitten. Na 1/3 van de opgelegde gevangenisstraf of eerder gaat de tot TBS veroordeelde al naar een TBS kliniek.

Ook de tot TBS veroordeelde moordenaars behoren 2/3 van de opgelegde gevangenisstraf uit te zitten alvorens zij naar een TBS kliniek worden overgeplaatst.

Voor nabestaanden van slachtoffers ernstige geweldmisdrijven en een groot deel van de samenleving is het onbegrijpelijk dat de ene moordenaar als gek wordt beschouwd en TBS krijgt opgelegd en dat een andere moordenaar als niet gek wordt beoordeeld en gevangenisstraf krijgt. Met de reeds vaker genoemde verschillen van strafmaten en TBS opleggingen. Justitie en de rechtspraak lijkt op een beurs met steeds verschillende koersen, dalingen en stijgingen. Kopen / niet kopen. Moorden / niet moorden. 

Er is bij nabestaanden van slachtoffers grote behoefte aan goede, eerlijke en duidelijke informatie.

Media in Nederland:

Media verbod op het gebied van interviews of programma’s waarin verdachten van moord, doodslag en verkrachting aan het woord of in beeld komen.
Media verbod op het gebied van interviews of programma’s waarin gedetineerden van moord, doodslag en verkrachting aan het woord of in beeld komen.
Media verbod op het gebied van interviews of programma’s waarin plegers van moord, doodslag en verkrachting, na hun detentie, aan het woord of in beeld komen.

Verbod op boeken, documentaires, actualiteiten programma’s en films op het gebied van interviews of programma’s waarin een slachtoffer van moord, doodslag en verkrachting wordt beschreven, besproken of getoond zonder toestemming van nabestaanden van slachtoffers.

Zonder wettelijk verbod, zoals de huidige situatie nu, worden veel slachtoffers en nabestaanden van slachtoffers (zonder overleg of toestemming) met regelmaat geconfronteerd met het misdrijf en alle leed dat zij hebben ervaren.

Detentie in Nederland:

Waarom worden plegers van ernstig geweld, moord, doodslag en verkrachting niet geplaatst gevangenissen waar alleen veroordeelden van moord, doodslag en verkrachting zitten?

Het is zeer vreemd en onbegrijpelijk dat een fietsendief, een fraudeur, een niet betaler van geldboete of een nabestaande (om 1 van genoemde oorzaken) in dezelfde gevangenis zitten als plegers van ernstig geweld, moord, doodslag en verkrachting.

Een duidelijke situatie waar waarschijnlijk nooit is over nagedacht.

Veroordeelden voor kleine vergrijpen zien dat de straf voor het plegen van een moord niet onder doet voor het plegen van een klein vergrijp.

De uitwerking hiervan wordt dagelijks ondervonden.

Wanneer plegers van ernstig geweld, moord, doodslag en verkrachting apart worden geplaatst kan deze detentie inrichting makkelijker worden voorzien van een sober en streng regime.

Geen telefoon, geen internet, beperkt bezoek.
Niet werken, geen beleg op het brood.
Werkzaamheden laten verrichten die direct betrekking hebben tot slachtoffers.
Er zijn landen (ook in Europa) waar een dergelijk regime wordt toegepast voor dit soort misdadigers.


stichting Aandacht Doet Spreken.