Verslag Justitie bijeenkomst

Donderdag 8 juli 2010 van 13:00 - 16:00 uur

Gebouw CAOP        Lange Voorhout 9 in Den Haag

Onderstaand verslag is verdeeld in tweeën. Om te beginnen aantekeningen in telegramstijl. Daaronder kort commentaar op enkele punten.
Afgevaardigden ADS: Jack Keijzer, Harrie van de Meijden, Cor Bouwens, Janny de Jongh, Karin van der Plas, Gonda Breuer, Sabrina Huisman.

13:00  Opening en welkom door Benjamin Jansen, hoofd afdeling Preventie en Slachtofferbeleid MinJus.
Plenair presentaties door organisaties betrokken bij jeugdige slachtoffers/nabestaanden.
Universitar Medisch Centrum Utrecht (UMC U) / Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZHS)
Landelijk Psychotraumacentrum voor Kinderen en Jongeren (LPKJ)

Drie medewerkers van het Landelijk Psychotraumacentrum voor Kinderen en Jongeren, vertellen over trauma’s bij kinderen en welke rol hun centrum daarin kan betekenen.
Het LPKJ behandeld eenmalig schokkende ervaringen. Chroniscshe trauma’s (bijv. kindermishandeling) worden doorverwezen naar Altrecht GGZ Utrecht.

LPKJ
stelt een diagnose
verleent hulp
doet onderzoek
geeft onderwijs

Het eerste proces in traumaverwerking verloopt ongeveer als volgt:
herbeleving
vermijding
verhoogde prikkelbaarheid
overige reacties

Deze moeten langzaam ‘uitdoven’ Dat duurt ongeveer 6 weken.

Een kind wat getuige is van de moord op een ouder door de andere ouder krijgt te maken met de volgende emoties.
Beide ouders kwijt
Veel strijd in familie
Chaos en ontreddering
Verlies op meerdere fronten: veiligheid, huis, beide ouders
Naast traumaverwerking ook rouwverwerking
Langdurige onrust en onzekerheid
Loyaliteitsproblemen

LPKJ direct na de gebeurtenis:
Consultatie over communicatie, opvang en uitleg over mogelijke reacties
Meedenken met hulpverleners
Eerste traumaopvang

LPKJ op langere termijn
Diagnostiek
Behandeling
Ondersteuning van verzorgers
Welke rol wil dader/ouder spelen?

LPKJ Onderzoek
Partnerdoding bij biologische ouders 50 casussen in 5 jaar
Meer kennis nodig over lange termijn gevolgen.
Er komt een follow-up van het onderzoek.
Getuige zijn van de moord = aanwezig geweest op de lokatie = moet naar andere woonsituatie.
⅓ gaat naar een neutraal pleeggezin
⅓ gaat naar een gezin uit het netwerk van het slachtoffer
⅓ komt in een gezin uit het netwerk van de dader

VRAAG:
Wat zijn de gevolgen voor kinderen van (verplicht) contact met de dader/ouder
Kinderen moeten geïnformeerd worden over het gebeurde (in grote lijnen)

ANTWOORD: Uitgangspunt moet zijn: WAT HEEFT HET KIND NODIG?

Thema: Jeugdzorg

Bureau Jeugdzorg valt onder het Ministerie voor Jeugd en Gezin
Raad voor de Kinderbescherming valt onder Ministerie van Justitie

Raad voor de Kinderbescherming (Renske Vreugdehil, raadsonderzoeker spoedafdeling)

1e   lijn is Bureau Jeugdzorg

2e  lijn is Raad voor de Kinderbescherming

Protocol:                                
Incident
BJZ Crisisteam    
   Intensieve samenwerking onderzoekers
RvK Spoedafdeling    
toetsen ouderlijk gezag     geen hulpverleners
Rechtbank      Mogelijke uitspraken:   (Voorlopige) Onder Toezicht Stelling (V/OTS)     (Tijdelijke) voogdij)     Machtiging uithuisplaatsing
RvK doet onderzoek door middel van gesprekken. Ook met kinderen. Eerlijkheid  is belangrijk (hard?)   Warme overdracht is zeer belangrijk.

BJZ Jeugdbescherming / uitvoerende partij

Bureau Jeugdzorg (Henry van de Bosch, MO groep)

In de MOgroep (Maatschappelijk Ondernemers Groep) bundelen ruim 1700 ondernemers in Welzijn & Maatschappelijk Dienstverlening, Jeugdzorg en Kinderopvang hun krachten. De MOgroep treedt voor de branches op als werkgeversorganisatie.

Jeugdzorg wordt uitgevoerd door:
3 landelijk werkende instellingen (LWI)
William Schrikker Groep
Leger des Heils
Stichting Gereformeerde Jeugdzorg

De toegang is in handen van het AMK (Advies- & Meldpunt Kindermishandeling

CIT: Crisis Interventie Team
In geval van crisis vraagt CIT kinderrechter om een machtiging uithuisplaatsing. De ouder moet daarna binnen 2 weken worden gehoord.

JEUGDBESCHERMING

V/OTS   40.000 gevallen                                                               
(Tijdelijke) voogdij (géén ouderlijk gezag) =  Rechtspersoon    Natuurlijk persoon     7000 gevallen

Bureau Jeugdzorg is in Nederland verdeeld in 15 gebieden. Ieder gebied is een zelfstandige stichting. Ieder stichting maakt haar eigen beleid.

Na de uiteenzettingen werd de groep in tweeën gesplits.

In de groep waar ik bij aanwezig was werden persoonlijke ervaringen uitgewisseld en vragen daarover gesteld.

De ervaringen zijn zéér uiteenlopend van bijzonder goed tot angstaanjagend slecht.

Commentaar:

De opkomst was laag. Daarmee geven we MinJus argumenten in handen om dit soort bijeenkomsten te heroverwegen. Als we willen dat er naar ons geluisterd wordt, zullen we moeten zorgen dat we er zijn.

Het bestaan van het Landelijk Psychotraumacentrum voor Kinderen en Jongeren was mij niet bekend. De uitleg was goed voorbereid, uitgebreid en gedegen. Volgens mij kunnen onze leden die met  -door oudermoord getraumatiseerde- kinderen te maken hebben veel hebben aan deze instelling.

Schokkend was voor mij het feit dat BJZ verdeeld is in 15 afzonderlijke stichtingen die ieder hun eigen beleid maken. Het verklaart de klachten van leden over de totaal verschillende beslissingen die in overeenkomende gevallen genomen worden. Onvoorstelbaar dat er landelijk dus geen uniform beleid is. Je zou moeten overwegen lotgenoten te adviseren om te verhuizen naar een regio waar anderen goede ervaringen hebben met BJZ. Te gek voor woorden.

Zeer storend vond ik het vertrek na de plenaire zitting van Henry van den Bosch. Hierdoor heeft hij de verhalen van lotgenoten niet gehoord. Dus kon hij ook geen verbeterpunten met ons vaststellen en dus ook niet overbrengen aan de BJZ’s die zijn aangesloten bij de Omgroep. En door zijn afwezigheid konden hem geen aanvullende vragen worden gesteld.

De gastvrijheid van MinJus was als vanouds.

Harrie van der Meijden

Hoe is het de ADS afgevaardigden vergaan, hoe hebben zij het ervaren en beleefd,
die bijeenkomst en gesprekken op donderdag 8 juli in Den Haag?
Deze vraag en de volgende vragen hebben wij gesteld.
Was het waardevol? Informatief wijzer geworden? Zijn er nog afspraken gemaakt?
Tevens hebben wij om ieders reactie verzocht. Een eerlijke mening, die wij ook op de website plaatsen.
Tot op heden hebben wij ontvangen:

Eerlijk gezegd zag ik er van te voren erg tegenop. Met name de voorlichting over het UMC vond ik heel interessant. En bij de uitleg over jeugdzorg kon ik mijn aandacht er ook nog wel bijhouden maar eerlijk gezegd heb ik weinig meer meegekregen over de uitleg van de raad voor de kinderbescherming. Misschien de warmte of gewoon omdat ik mijn aandacht nog niet zo lang bij dingen kan houden. Heel eerlijk gezegd had ik ook de titel van de bijeenkomst anders opgevat. Ik dacht had partnerdoding toegespitst op mijn eigen situatie, en dacht dus aan mensen van wie de partner vermoord was en het effect op hun kinderen. Het werd me snel duidelijk dat je die term ook heel anders uit kunt leggen. Duidelijk dat er aan de kant van de kinderbescherming nog veel verbeterd kan worden en hopelijk wordt dat ook meegenomen. Verschillende verhalen gehoord en er wordt naar mijn mening maar weinig echt naar het kind gekeken en geluisterd. Ook mijn eigen verhaal, en met name het feit dat er niemand ooit oog heeft gehad voor Joy, voor haar rechten, haar opvang, kon ik kwijt. Gelukkig kan ik, als het goed is, een afspraak voor haar maken bij het UMC om te kijken of het nu echt wel goed met haar gaat. En Jack en Harrie waren zo lief om te vragen voor me of ik het zelf moest betalen en of ik er zonder verwijzing terecht kon. Daar had ik zelf niet aan gedacht. Ik merk dat ik veel aan de lotgenoten heb, waar mijn hersencellen nog niet zo werken, letten zij op dit soort dingen, en krijg ik ook veel tips van de anderen w.b.t. schade proberen te verhalen e.d. Ben achteraf toch blij dat ik meegegaan ben. Hoop dat het iets kan toevoegen.

Karin v.d. Plas    http://rob-sitek.herinneringsplaats.nl

 

Mijn ervaring en antwoord na het gesprek met Jeugdzorg is, al snel bleek dat ze overal verschillend werken en denken. De een vind dat een kind niet op bezoek bij de vader (dader) moet, en de ander weer wel. Er zit totaal geen lijn in ...... Onbegrijpelijk dat hierin niet uniform wordt gewerkt. Ze hebben het wel allemaal over het belang van het kind .... Maar welk belang??? Het lijkt alsof zij dat zelf ook niet weten. Mijn gevoel zegt: zij hebben een goede job, denken dat ze hun best doen, maar zijn totaal niet betrokken en dus eigenlijk volkomen onwetend. Totaal onwetend over hetgeen wij, als nabestaanden van onze kinderen en kleinkinderen meemaken. Ik vind dat hier heel duidelijk een lijn in moet komen. Na deze bijeenkomst en het gesprek weet ik zeker dat het allemaal eilandjes zijn waarop ieder maar doet wat hij/zij denkt dat goed is. Kost niet alleen veel geld, maar draagt ook bij aan nog meer slachtoffers en is ook een belemmering voor nabestaanden van slachtoffers. Ook op dit gebied staan de daders, hoe gewetenloos dan ook, nog steeds voorop. Als er echt wordt geluisterd en dit niet veranderd dan hebben deze gesprekken ook geen waarde.

 

Cor Bouwens.

Eigenlijk weet ik nog niet zo goed wat ik van de bijeenkomst vond. Ik dacht dat het moest bezinken en dat ik de dag later zou weten wat ik vond. Inhoudelijk weet ik het even niet. Wat ik wel heel erg voel is de saamhorigheid als groep, maar ook de gezelligheid en het uitwisselen van ervaringen, contacten, tips... Ik hoop dat ik tevreden ben als ik hoor dat er wat wordt/ is gedaan met alles wat is gezegd door nabestaanden. Tot die tijd, heb ik geen mening...

Gonda Breuer