Gesprek met rechters, Utrecht vrijdag 06 juli 2007

Aan de aanwezige lotgenoten is gevraagd om een verslag/reactie te maken, wij hebben hen gevraagd:
Hoe vond u de dag
de dagindeling
de onderwerpen
de rechters
nuttig of niet nuttig.

Verslag van Piet Beekenkamp,

Op 6 juli zijn wij met ongeveer 30 mensen op bezoek geweest bij een aantal rechters in Utrecht.
Aanwezig waren als rechter:
Mevrouw Mr.Vivienne van Amstel rechter in Utrecht
Mevrouw Mr. Rosa Jansen rechter en waarnemend president van de rechtbank in Utrecht.
Mevrouw Mr.Nicolien Verkley rechter in Den Haag.
De Heer Mr.Jeroen Klaasen rechter in Den Bosch.
De Heer Mr.Nico Schipper president van het gerechtshof in Amsterdam.
Als gespreksleider trad op De Heer Martijn Gerritsen.
Tevens waren de Heren Victor Jammers en Arijan Doeser van Justitie aanwezig.
Martijn Gerritsen opende de bijeenkomst en heette ons welkom. De rechters stelden zich voor en vertelden in het kort hun werkzaamheden. Hierna stelden de aanwezigen zich voor en vertelden ook in het kort hun belevenissen. Toen kwam de discussie. Er werden veel vragen gesteld zoals: waarom 1/3 straf vermindering, waarom krijgt een dader voordat hij 2/3 van zijn straf uitgezeten heeft al beperkte vrijheid en wie houd er toezicht op naleving van de opgelegde straf. Wie maakt uit wanneer een dader vrij komt? Waarom verschillende straffen bij gelijksoortige delicten? Is het geen tijd om minimum straffen mogelijk te maken. De rechters hadden overal wel een antwoord op alleen beviel dit sommige van de aanwezigen niet altijd. Een taak van de rechtbank is onafhankelijk te handelen volgens de wet en hier moet de persoonlijke emoties buiten spel blijven.(Zij zijn hierop getraind) De wet wordt door de volksvertegenwoordiging gemaakt en de rechtbank kan en mag daar niet van afwijken. Rechters spreken niet met advocaten en officieren van Justitie om onafhankelijk te blijven. Indien de rechtbank duidelijk partijdig is kan de verdediging en of het OM de rechtbank weg sturen. (wraak nemen) Een straf wordt door de officier van Justitie geëist en de rechtbank moet uitspraak doen. Het bepalen van de strafmaat is iets wat vooral in zware zaken moeilijk is. Zware zaken zoals moord, verkrachting e.d. worden altijd door de meervoudige rechtbank behandeld. Na de behandeling van de zaak trekken de rechters en de griffier zich terug en doen na 14 dagen uitspraak. Zowel de verdachte als de officier van Justitie kunnen in hoger beroep gaan bij het gerechtshof en zonodig door naar de Hoge Raad. Er werden ook vragen gesteld die niet bij de rechtbank thuis hoorden maar bij het OM of de volksvertegenwoordigers. Immers het OM eist de straf en de rechtbank doet uitspraak. De volksvertegenwoordiging 1e en 2e kamer maken de wetten.
Na de lunch werden er groepen gemaakt en bij iedere groep sloot een rechter aan.
Wij konden nu met een kleine groep ongestoord met een rechter praten en hem onze vragen voor leggen.
Er was een vraag waarom kan een rechter tijdens de verlengings zitting van een TBS’er tegen het advies van de kliniek een verdachte vrijspreken. Het antwoord daarop was, dat dit van veel factoren afhangt en dit wel overwogen wordt gedaan .Meestal gebeurt dit bij lichtere vergrijpen en na een lange TBS tijd.
Op de vraag: bestaat er een voorlopige TBS straf, kregen wij ja als antwoord.
Ook dit kan gebeuren bij lichtere vergrijpen en de mogelijkheid bestaat om voorlopige TBS te geven als de verdachte niet meewerkt aan het onderzoek.
We moeten toe geven dat er nog veel vragen overblijven. En de tijd veel te kort was.
Conclusie:            
Rechters zijn ook mensen.
Zij doen hun best om alles zo goed mogelijk te laten verlopen.
Ik geloof dat er toch vooruitgang zit in het aanhoren en rekening houden met Slachtoffers en nabestaanden.
De rechters en wij, vinden dat we zeker nog een keer moeten samen komen.                                         

Verslag van Cees van Rooij

Daar zaten ze dan met z’n vijven op een rijtje. De vijf rechters Jeroen Klaassen, Vivian van Amstel,Nicolien van Kley, Nico Schipper en Rosa Jansen. Deze keer niet met zo’n uitgestreken gezicht zoals wij ze normaliter in de rechtszaal tegen komen. Het bleken warempel toch gewone mensen te zijn met een gevoel en een inlevingsvermogen en de conclusie daarbij was dat hun betrokkenheid bij een geweldmisdrijf naar de nabestaanden toe toch dikwijls meer aanwezig is dan we vooraf wel hebben gedacht. Hun afstandelijkheid en waardigheid tijdens rechtszittingen werd tijdens de bijeenkomst met name verklaard als zijnde een houding om vooral hun algehele onpartijdigheid uit te stralen. Vooral geen emotie tonen naar welke partij in de rechtszaak dan ook, want anders hangt hen wraking boven het hoofd en dan kunnen ze gewoon vertrekken. Achter die pose blijken, volgens hun eigen woorden, wel degelijk gevoelsmensen te schuilen, die meer waarnemen dan wij aan de andere kant van de tafel denken. Emoties, opstandigheid en het streven naar genoegdoening van de nabestaanden worden wel degelijk waar- en opgenomen en worden ook, volgens de rechters zelf, in hun uiteindelijke vonnis, waar dat mogelijk is, verwerkt. Advies van de aanwezigen was in dit kader om op subtiele wijze dat gevoel in de rechtszaal eens te tonen. Een ander advies was om in het vonnis ook eens naar de daders toe te refereren aan teksten die in het spreekrecht naar voren zijn gebracht, dat geeft nabestaanden al meteen het gevoel dat hun emotionele boodschap is overgekomen. Het verdriet zit immers zo diep……
Waar dat mogelijk is geeft in principe meteen aan dat rechters nu eenmaal aan de wet gebonden zijn. Regels die we met z’n allen hebben afgesproken en die ook door de politiek worden bepaald. Onze invloed daarop is ons recht om op democratische wijze die politiek vorm te geven.
Gevoelig lag het onderwerp dat de daders in de rechtszaal alles mogen zeggen en dat wij als nabestaanden dan wel recht hebben op spreekrecht, maar dat daaraan ook maar weer te veel regels en beperkingen zijn gesteld. Zo liet Ria van Rooij duidelijk horen dat zij erg gefrustreerd raakte toen zij bij haar spreekrecht inzake de moord op haar dochter,Tinka, in hoger beroep bij het hof in den Bosch meerdere malen door de rechter werd onderbroken. Dat moet toch eigenlijk niet kunnen. Zeker niet als je vooraf de tekst van je spreekrecht aan de advocaat generaal hebt overhandigd met het verzoek die tekst vooraf ook ter goedkeuring aan de rechter voor te leggen.
Opvallend tijdens de bijeenkomst was wel dat veel vragen,irritaties en frustraties eigenlijk meer voor het openbaar ministerie dan voor de rechters van toepassing waren. Het galmde constant door de zaal daar in Utrecht……waarom geen rechtsbijstand voor de nabestaanden, waarom als benadeelde partij geen betere regeling voor de toegekende schadevergoeding, waarom geen betere begeleiding, waarom krijgt niet iedereen de beschikking over het dossier of inzage daarin, waarom zo’n verschil in de strafmaat, waarom geen betere regeling voor shockschade….?????
Vertegenwoordigers van het departement gaven in dit kader veelvuldig aan dat een aantal van de zaken die naar voren werden gebracht wel degelijk in het vizier van justitie zitten en dat er aan veel zaken ook wordt gewerkt. Ja , ja onze stem wordt wel eindelijk gehoord. Er werd gesproken over een case-manager. Dat kan inderdaad veel toekomstige problemen oplossen.
Uitgebreid werd er gesproken over TBS. Uiteengezet werden de diverse mogelijkheden en tijdens die emotionele discussie bleek eens te meer dat rechters dan wel in hun vonnis een strafmaat toewijzen, al dan niet met TBS, maar dat zij verder geen zicht meer hebben of dat vonnis ook daadwerkelijk zo wordt uitgevoerd….Commotie alom !!! In een apart groepje kwam ook nog het verschijnsel voorwaardelijke TBS aan bod. Dan moet de dader bv verplicht contact onderhouden met de reclassering, met een inrichting of met een psychiater of psycholoog, maar hij is dan wel gewoon vrij om te gaan en staan. Geen straf derhalve maar een maatregel…Kritische kanttekening daarbij was wel dat in het strafrecht alles is gericht op de dader en in mindere mate op de bescherming van de maatschappij c.q. nabestaanden. Daar zou verandering in moeten komen….Aan bod kwam ook nog dat bij een nadrukkelijke maatschappelijke verontwaardiging over een delict over het algemeen zwaarder wordt gestraft….Overigens zeiden de rechters ook nog dat ze wel TV keken en kranten lazen,maar zich niet lieten leiden door de inhoud ervan. Anderen vermeden juist weer die informatie van buitenaf.
Een nieuw facet, of zeg maar probleem, werd tijdens de discussie naar voren gebracht door Harrie van der Meyden. Zijn kleinkinderen zijn vermoord, maar omdat hij juridisch niet de “ echte” opa van de kinderen is hebben hij en zijn vrouw in de rechtspraak geen enkele positie. Dat heeft te maken met het feit dat de mensen tegenwoordig gemakkelijker scheiden en als dan 2 gezinnen met kinderen weer in een nieuwe verbintenis van de ouders worden verenigd he b je te maken met een vreemde situatie. Opa’s en oma’s worden dan ook de opa’s en oma’s van de kinderen van hun nieuwe schoondochter of schoonzoon. Er ontstaat dikwijls ook een emotionele band met die nieuwe kleinkinderen, maar als er iets gebeurd hebben ze vervolgens juridisch geen enkel recht.!!! Dat gegeven kan soms tot de meest verschrikkelijk taferelen leiden…
Al met al was de bijeenkomst in Utrecht zinvol te noemen en is zeker voor herhaling vatbaar. Wel werd tot slot aan de rechters door de nabestaanden nog gevraagd om hun ervaringen , boodschappen,vragen en opmerkingen die ze tijdens de confrontatie met de slachtoffers hebben gekregen vooral ook te gaan delen met hun collega’s en trachten daarbij vorm te geven dan wel positief te adviseren aan de meest rechtvaardige verlangens van nabestaanden van slachtoffers van een geweldsmisdrijf……
e-mail: 
cees.en.ria@orange.nl

Verslag van Janny de Jongh

Een verslag zoals ik het ervaren hebt. Het gesprek met 5 rechters, die de moeite namen om met ons (nabestaanden van slachtoffers) in gesprek te gaan. 3 vrouwelijke en 2 mannelijke rechters uit de districten Den Bosch, Den Haag en Utrecht.
Martijn Gerritsen, communicatie adviseur van de rechtbank Utrecht leidde het gesprek en liet de rechters zich aan ons voorstellen. Daarna een kort rondje met het voorstellen van onze kant. Er werd uitgelegen hoe het programma zou verlopen, of een ieder zich daarin kon vinden.
Er stonden veel punten op de agenda, deze hebben we jammer genoeg niet allemaal kunnen bespreken. We waren met een 25 tal nabestaanden, ieder heeft vragen en met zoveel mensen lukt dat meestal niet. Zelf vond ik het een nuttige dag. We konden de rechters laten weten hoe het is als je kind, naaste vermoord wordt. Waar je, met je pijn, verdriet, woede en noem het maar op, doorheen moet. Het gevoel dat er rekening wordt gehouden met de dader(s), tijdens het proces en de tijd er na. De rechters hebben daar vaak geen weet van en zeiden dat ook. Ook zeiden zij dat de positie van slachtoffers, nabestaanden steeds meer in beeld komt. Maar de éne rechter is de andere niet. Zij gaan proberen (in elk geval bij hun eigen rechtbank) hun collega's rechters over deze dag vertellen. Zelf heb ik het gevoel dat in ieder geval deze rechters nu met andere ogen naar een zaak kijken.
Na de middag zijn we in kleine groepjes verder gegaan. De rechters verdeeld over deze groepjes. Zo kon men gericht vragen stellen, wat ik prettig vond. Een aantal rechters gaven hun e-mail adres, vragen die men (qua tijd) niet kon stellen, kunnen dan alsnog beantwoord worden. Maar nogmaals, veel vragen konden niet beantwoord worden. Vragen die ook niet op het terrein van de rechtbank liggen. Een zelfde soort bijeenkomst, maar dan met afgevaardigden van Justitie, zou ook veel vragen kunnen beantwoorden.
Zelf heb ik het idee dat deze dag nuttig is geweest. Dat we een klein steentje hebben kunnen bijdragen, uitleg hebben kunnen geven aan wat er leeft bij de slachtoffers/ nabestaanden.

Verslag van Jac Nooijens

Wij hebben iets over de denk- en handelswijze van rechters gehoord.
En zij hebben gehoord wat er bij ons lotgenoten speelt.
De dagindeling was op zich prima, maar in deze opzet misschien te kort.
Er waren meer vragen en onderwerpen dan we in dit korte tijdsbestek kwijt konden.
En met name de wat minder assertieve personen zijn hierdoor niet aan bod gekomen.
Wel had ik de indruk dat een aantal personen hun persoonlijke grieven en vragen kwijt
konden en dat dat ook goed voor hen was.
Wat beteft de rechters vond ik dat ze veel persoonlijker en geïnteresseerder overkwamen dan wat
wij, als lotgenoten in het algemeen, in de rechtzaal gewend zijn.
Ik denk dat we te maken hadden met de rechters die echt geïnteresseerd zijn in slachtoffers
en nabestaanden en niet alleen maar gefocused zijn op daders.
Voor mij was het een bijzonder nuttige dag.
Hoewel ik denk dat echte effecten alleen op langere termijn merkbaar kunnen zijn.

Verslag van Harrie van der Meijden  

Spannend. Voor mijn doen vroeg op. Ik moest om 9.30 in Utrecht zijn. Stipt op tijd stond ik voor de Jacobi-kerk. Daar stond een flinke groep ADS-ers. Ik dacht dat we nog niet binnen konden. Maar het bleken de rokers te zijn. Binnen was er koffie.
Er waren 5 rechters;
Nico Schipper, President van het Gerechtshof Amsterdam
CV: Advocaat, 10 jaar rechter, plaatsvervangend Nationaal Ombudsman, Lid van de Hoge Raad voor strafzaken
Nicoline van Kleij, Rechter rechtbank Den Haag
CV: Officier van Justitie (1991)
Rosa Jansen, Voorzitter sector strafrecht, vice-president rechtbank Utrecht.

Vivienne van Amstel, Rechter, Persrechter rechtbank Utrecht
CV: Bestuursrechter 
Jeroen Claassens, Hoger Beroep rechter/raadsheer Gerechtshof Den Bosch.

CV: Advocaat, rechter bij rechtbank
In de zaal zaten ook:
Arjan Doezer en Victor Jammers van het Ministerie van Justitie.
De laatste is hoofd afdeling Preventie en Slachtofferbeleid.
De ochtend werd geleid door Martijn Gerritsen van de afdeling Voorlichting van de rechtbank in Utrecht.
Na de inleiding en het voorstellen begon Vivienne van Amstel.
Ze had vorig jaar, samen met Rosa Jansen, al een keer een bijeenkomst bezocht van de VOVK. Daar was ze geschrokken van de emotie bij nabestaanden.
Zij probeerde in het kort weer te geven hoe de behandeling van een zaak verloopt.
Er wordt gewerkt volgens roosters. Daarna worden de zaken verdeeld. Bij zware zaken wordt rekening gehouden met de samenstelling van de rechtbank.
Daarna krijgt ze het dossier. Dan begint het lezen en er over praten. In het dossier staan veel privé-zaken. Daarbij moet ze haar gevoel dempen en zaken van een afstand bekijken. Op de zitting moet ze luisteren wat er gezegd wordt.
Daarbij kan en mag ze niet laten zien wat zij denkt. Ze moet onbewogenheid uitstralen ten behoeve van de objectiviteit.
Doet een rechter dat niet dan is de kans groot dat een advocaat of Officier van Justitie de rechtbank ‘wraakt’. Dan kan de behandeling maanden vertraging oplopen.
Na de zitting beraadslaagt de rechtbank in de raadkamer. We streven naar gelijkheid in de strafmaat. Als hulpmiddel hebben we daarvoor een databank.
Haar verhaal roept veel vragen en indringende reacties op. Hoe verklaart ze het verschil in straffen? Moord = moord. Dat moet overal hetzelfde bestraft worden.
Mw. Van Amstel antwoord o.a.: Iedere zaak is anders. We horen iedereen. Houden met alle factoren rekening.
Daarop wordt meteen gereageerd: Niet iederéen wordt gehoord. NIET de nabestaanden.
Antwoord: Slachtoffers hebben nu spreekrecht. Aan het spreekrecht voor nabestaanden wordt gewerkt.
Victor Jammers: We zijn ons bewust dat nabestaanden ‘zwaardere’ hulp nodig hebben dan nu. In augustus start een experiment bij Slachtoffer Hulp Nederland met de zg ‘casemanager’. Als dat slaagt wordt het in 2008 ingevoerd.
Dhr. Schipper spreekt van een voortschrijdend inzicht. En legt uit dat er ook bij rechters vooruitstrevende én behoudende mensen zijn. De eerste soort liet slachtoffers al tijdens de behandeling van de zaak aan het woord vóórdat dat wettelijk geregeld was. Er zijn ook nu nog rechters die daar grote moeite mee hebben. En dus slachtoffers in de rede vallen en zelfs schofferen. Dat is niet goed.
Intussen is de discussie roerig geworden en heeft Martijn Gerritsen grote moeite de zaak in de hand te houden. Dat lukt hem niet helemaal. Daardoor komen er wel zaken aan de orde die mij nog niet bekend waren.
In willekeurige volgorde:
Er is groot verschil in omgang met nabestaanden. Cees en Ria van Rooij zijn bijzonder tevreden over de behandeling en begeleiding die ze hebben gekregen na de moord op hun dochter Tinka. Ze kregen volledige inzage in het dossier. Voorafgaand aan de rechtzaak. Zodat ze niet tijdens de zitting voor het eerst al die gruwelijkheden zouden horen. Ze weten dus vrij nauwkeurig wat er allemaal met Tinka is gebeurd.
Janny de Jongh en haar ex-man Hans Windhorst spreken van het tegenovergestelde. Zij weten 5 jaar na de dood van Ellis nog steeds niet precies wat er is gebeurd. Ook in het belang van hun kleinkinderen willen ze alsnog inzage in het dossier. Zodat ze later alle vragen van hen kunnen beantwoorden.
Je kunt een verzoek om inzage doen bij de Officier van Justitie.
Als je als slachtoffer of nabestaande met een eis tot schadevergoeding in de rechtszaak ‘voegt’ krijg je inzage in het hele dossier. Inzage achteraf ligt het een stuk ingewikkelder ivm de privacy van de verdachte.
Dat op zich is ook een discussiepunt. De verdachte beschikt over het dossier. Daarin zijn alle gegevens van nabestaanden opgenomen. Plus de verklaringen die ze hebben afgelegd. De verdachte weet dus alles van de slachtoffers en hun nabestaanden. Maar de nabestaanden weten niet eens waar de veroordeelde wordt geplaatst, wordt niet gewaarschuwd bij proefverloven. Ook niet als het om een TBS-er gaat. Je kan hem zomaar tegen komen op straat.
Ook het onderwerp ‘minimum-straffen’ komt voorbij. Onderzoek heeft uitgewezen dat in andere landen, met een rechtsysteem gelijk aan het Nederlandse, waar wel minimumstraffen worden gehanteerd, de strafmaat nauwelijks verschilt van die in Nederland.
Opmerkelijk is ook dat de taak van de rechter ophoud na het vonnis. Hij ziet dus niet toe op de uitvoering er van. Daardoor kan het volgende voorkomen: (een zelfverzonnen voorbeeld.  Een veroordeelde krijgt 15 jaar. Daarvan moet hij 10 jaar uitzitten. Dan komt hij voorwaardelijk vrij.
Echter:  Als de directie van de gevangenis na 6 of 7 jaar vindt dat de verdachte klaar is om terug te keren in de maatschappij kan deze directie besluiten de veroordeelde vrij te laten!!! Ik viel bijna van m’n stoel toen ik dát hoorde.
Er is voor juristen een overkoepelende organisatie: De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak is de vakbond voor Officieren van Justitie en Rechters. De Raad voor de Rechtspraak vormt de schakel tussen de minister van Justitie en de gerechten. In wezen verdelen zij het geld wat beschikbaar is voor de rechtspraak.  Er zijn ongeveer 1500-1700 rechters in Nederland.
Nederland is ‘georganiseerd’ naar het beginsel van Trias Politica
Er zijn drie machten die onafhankelijk zijn van elkaar: de wetgevende (eerste en tweede kamer), de uitvoerende (regering: koningin en ministers) en de rechterlijke macht (de rechters)
Het verschil in strafmaat kan ook een gevolg zijn van het verschil tussen doodslag en moord.
doodslag = het opzettelijk doden in een opwelling
moord = het opzettelijk doden met een vooraf bedacht plan
Wel is er een verschuiving gaande voor de tijd die nodig was voor het maken van het plan. Vroeger moest vaststaan dat er dagen of weken aan het plan was gewerkt om moord bewezen te krijgen. Nu zijn er al voorbeelden van veroordelingen waarbij het bedenken van het plan maar een paar minuten voor de moord heeft plaatsgevonden.
TBS is geen straf maar een maatregel die opgelegd wordt aan iemand die ziek/gek/gevaarlijk is.
Als een dader kon helpen wat hij/zij heeft gedaan krijgt hij/zij gevangenisstraf
Als een dader NIET kon helpen wat hij/zij heeft gedaan krijgt hij/zij TBS.
Soms kan een dader ‘een beetje’ helpen wat hij/zij gedaan heeft maar ook een deel niet. Dan wordt gevangenisstraf met aansluitend TBS opgelegd.
Er zijn 2 soorten TBS:
TBS met dwangverpleging. Opname in een TBS-kliniek.
TBS onder voorwaarden. Behandeling maar niet in een inrichting. Verplicht contact met de reclassering. De veroordeelde kan zelfs thuis wonen.
Om de 2 jaar wordt een TBS-maatregel getoets door een rechtbank. Daarvoor moet een recente rapportage worden gemaakt door een psychiater en een psycholoog. Door overplaatsing of functiewijziging kan het gebeuren dat de rechtbank na een aantal jaren gevormd wordt door rechters die niet bij de oorspronkelijke rechtszaak betrokken zijn geweest.
‘Nabestaanden die volgens de wet geen nabestaanden zijn’ Uitgelegd dat die groep steeds groter zal worden omdat het taboe op scheiding in onze generatie is verdwenen. De rechters gevraagd om vooral het begrip ‘nabestaanden’ ruim uit te leggen.
Tijdens het middaggedeelte werd de groep opgesplits in vieren. Bij iedere groep een rechter. Samen met Janny de Jongh, Sita Zandberg en Cees & Ria van Rooij zat ik in een groep met Vivienne van Amstel.
Ook hier werd de mens achter de rechter zichtbaar. Ze legde uit dat ze afstand moet nemen om een zaak te kunnen behandelen. Ze vergeleek het met een arts die een klein kind op de operatietafel krijgt. Een klein kind emotioneert als het ziek is. Ook een arts geëmotioneerd raken. Maar dan schakelt hij de emotie uit, anders kan hij niet opereren.
Ze gaf toe dat het soms moeilijk is om niet betrokken te raken. Dat zij ook maar een mens is. Dat ze geraakt wordt door de gruwelijke foto’s die ze soms te zien krijgt.  Het praten met collega’s helpt wel. Ze neemt ook nooit een dossier in één keer door. Maar verdeeld in kleinere gedeelten.
Verder ging ze in op de verschillen in strafmaat. Soms begrijpt ze die ook niet. Maar zolang ze de dossiers niet kent kan ze eigenlijk niet oordelen.
Heel belangrijk is het om in een vonnis te verantwoorden waaróm die straf wordt gegeven. Ze had ook in het bestuursrecht gewerkt. Als dan in een vonnis de vergunning voor een dakkapelletje werd
afgewezen werd in het vonnis tot achter de komma uitgeschreven welke argumenten daartoe hadden geleid. Bij een moord komt daar geen letter van op papier. Daar wordt nu aan gewerkt.
Ook de onaantastbaarheid, de onaangedaanheid van rechters tijdens de zitting kwam ter sprake. Ze vertelde dat de beste rechter die ze kent een man is met een te fors postuur, die met ongekamde haren in de rechtzaal verschijnt. Hij zit een beetje onderuitgezakt met half gesloten ogen. Omstanders denken dat hij een ongeïnteresseerd is. Maar hij is de beste rechter die er is. Er ontgaat hem niets. Tegenwoordig wordt daar wel met rechters over gesproken.
Tijdens de afsluiting werd de rechters gevraagd wat ze er van vonden. In het algemeen een goede indruk. Nico Schipper was daarin het duidelijkst. Voor hem is dit initiatief voor herhaling vatbaar. Er is vandaag zoveel nog niet aan de orde geweest. Daar zijn meer gesprekken voor nodig.  Als hij wordt uitgenodigd komt hij weer. Bij de deelnemers leefde het gevoel dat er geen antwoord was gegeven op de vraag: Hoe kunnen er zo’n grote verschillen in strafmaat bestaan?
Persoonlijk vond ik het een bijzonder zinvolle bijeenkomst. Ik heb meer inzicht in hoe een rechter denkt en afweegt. Het zal me zeker helpen om de houding van de rechters te begrijpen als de zaak tegen Kim begint. Daarnaast heb ik ook veel geleerd van de andere deelnemers. Met name over de inzage van het dossier ben ik op een paar ideeën gebracht en heb ik argumenten gehoord die ik zou kunnen gebruiken bij een verzoek om inzage.
Ik vond het een prima dag. Heel nuttig en zou zeker een vervolg moeten krijgen.
Door de deelnemers en de emoties werden te veel onderwerpen opgebracht, waardoor het geplande onderwerp niet aan bod kwam. En er dus ook geen antwoord op is gekregen.
Als het een vervolg krijgt zou je een serie gesprekken kunnen plannen. Dan zou je één thema per gesprek kunnen afspreken. Dan kun je in andere gesprekken bespreking er van ook afhouden. En dat zou de rol van de gespreksleider ook weer eenvoudiger maken.
De dagindeling is goed.
Misschien een andere locatie? Of de volgende keer met de trein.
De rechters:
Rosa Jansen en Vivienne van Amstel waren open, persoonlijk betrokken en wilden de emoties van de deelnemers begrijpen.
Nicoline van Kleij maakte op mij een beetje de indruk zich aangevallen te voelen. Ze schoot nogal in de verdediging als ze aan het woord kwam.
Nico Schippers had wat meer afstand maar was vakmatig zeer geïnteresseerd. Hij staat open voor vernieuwing en is bereid daar een rol in te spelen.
Jeroen Claassens wekte bij mij de indruk dat hij gestuurd was. Hij leek er geen zin in te hebben. Moest ’s morgens gestimuleerd worden om iets te zeggen. ‘s Middags bij de afsluiting bleef hij op de vlakte met algemene bewoordingen. Een beetje ‘volgens het boekje’
De dag was voor mij zó waardevol dat ik vind dat er ook zo’n gesprek zou moeten komen met Officieren van Justitie. Veel vragen en emoties die vandaag naar voren kwamen zouden ook bij hen de ogen kunnen openen voor de belangen van nabestaanden.