|
Verslag
bezoek Justitie op 03 november 2006 te Den
Haag.
Aanwezig: VOVK - Frits
de Jong, Piet Jenniskens, Sophia Kammeijer,Jef
Rijsbergen; ADS - Piet Beekenkamp,
Jacqueline van Veen, Martin Roos, Jac
Nooijens ; VVRS - Greetje Schmitz, Cor
Sterkenburg, Mans Kerstholt; Justitie -
Victor Jammers, Aafke Pleket, Marjan? + twee
afgevaardigden van Schadefonds
geweldsmisdrijven.
Voorziening
nabestaanden
Nadat Victor Jammers de vergadering had geopend werd ons meegedeeld dat het SHN helaas niet aanwezig kon zijn. Verder deelde hij mee dat m.i.v. 01 januari 2007 in de helft van de regio’s van SHN het experiment, betreffende de speciale voorziening voor nabestaanden, van start gaat. Alle inhoudelijke vragen en wensen die wij hebben kunnen wij (vooralsnog) op 30 november kwijt op een speciale bijeenkomst met SHN bij het ministerie van Justitie. Nadere uitnodiging/berichtgeving volgt.
Dus onze vragen over
en eisen aan een casemanager, onze vragen
over de BNMO en onze vragen hoe te verwijzen
naar een goede! gratis advocaat en de wensen
die wij hebben waaraan zo’n advocaat moet
voldoen (speciale training/opleiding) kunnen
we tijdens die bijeenkomst kwijt. Ook is het
mogelijk Aafke Pleket reeds van vragen en/of
info te voorzien zodat men daar bij SHN
meteen al mee aan het werk kan.
Kosteloze advocaat nabestaanden
De verwachting is dat
in de week van 5 december de (aangepaste)
wetgeving hieromtrent naar de Tweede Kamer
wordt gestuurd. De bedoeling is dat
nabestaanden in de eerste graad in
aanmerking komen voor gratis rechtsbijstand.
Behalve de Wet op de Rechtsbijstand dient
(althans voorzover ik dat heb begrepen) ook
de Wet Schadefonds Geweldsmisdrijven
aangepast te worden. De (voorlopige)
verwachting is dat deze wijzigingen van de
wet pas eind 2007 van kracht worden. Ja, de
gratis advocaat voor nabestaanden is een
moeilijke bevalling. Misschien moeten we
elke gelegenheid aangrijpen om politici
ervan te overtuigen dit toch te bespoedigen.
Voorschotregeling toegekende schadevergoeding
Het amendement dat
uiteindelijk moet gaan zorgen dat deze
regeling van kracht wordt zal
hoogstwaarschijnlijk binnenkort door de PvdA
en VVD worden ingediend. Zodra dit het geval
is kan de Wet op de Strafvordering en de
toevoeging van de PvdA+VVD naar de Tweede
Kamer gestuurd worden. De verwachting is dat
dit ook in de week van 5 december gaat
gebeuren, maar ook hier geldt: niets is
zeker.
Behalve het CJIB als
uitkerende instantie komt nu ook Schadefonds
Geweldsmisdrijven in beeld. Het is
afhankelijk van hoe breed het
wetsvoorstel/wijziging wordt aangenomen. Als
de voorschotregeling alleen zou gaan gelden
voor de categorie nabestaanden, geweld- en
zedenslachtoffers, die ook voor spreekrecht
in aanmerking komen, dan ligt het misschien
meer voor de hand dat het Schadefonds de
aangewezen instantie is.
Archiefwet
Op verzoek van ons
gaat Justitie i.p.v. een schriftelijk
verzoek eerst met het ministerie van Verkeer
& Waterstaat praten om te vragen hoe zij
tegen de ontstane situatie met de Archiefwet
aankijken, waarbij Justitie hoopt het
mondeling te regelen dat V & W de RDW
officieel verzoekt om persoonsgegevens ouder
dan negen jaar toch in een apart bestand te
gaan bewaren en deze gegevens alleen
verstrekt ten behoeve van (politie/justitie/aivd)
onderzoeken naar zware criminaliteit of
terreur.
Daarnaast wordt het in
een breder verband getrokken en gaan zij ook
in overleg met het OM, aangezien er een
toename is van Cold-case onderzoeken terwijl
er aan de andere kant een mogelijkheid tot
opsporen is verdwenen. Persoonsgegevens
ouder dan negen jaar zijn immers vernietigd.
Welke gevolgen heeft dit als deze situatie
zich ook bij andere instanties voordoet en
de opsporingsautoriteiten op deze wijze
nooit persoonsgegevens kunnen krijgen ouder
dan negen jaar?
Dag tegen Geweld & Dag voor Samenzijn en Herdenken
Justitie meldt dat de
zogenaamde Landelijke Dag tegen Geweld
gehouden op 05 oktober jl in Rotterdam geen
landelijke dag was maar een plaatselijk
gebeuren. De pers heeft het echter als
landelijk zo naar buiten gebracht. Justitie
heeft deze dag niet financieel ondersteund.
Wij hebben Justitie op
de hoogte gebracht dat we
hebben gekozen
om voor onze doelgroep een eigen landelijke
dag te kiezen, elk jaar op de zaterdag van
week 38.
De naam luidt: Dag van Herdenken
Geweldslachtoffers (DHG). Voor 2007 betekent
dat de DHG gehouden wordt op 22 september
2007. Justitie heeft deze datum inmiddels
genoteerd.
Subsidies 2006 en 2007
De verantwoording over
2006 mogen/kunnen we vanaf heden inleveren.
Voor 2007 geldt dat
de subsidie op dezelfde wijze weer
aangevraagd kan worden en wordt op dezelfde
wijze als in 2006 verstrekt.
Voorwaardelijke
invrijheidstelling
Justitie gaat alvast
voor ons uitzoeken welke voorwaarden gaan
gelden waaraan een dader zich moet houden
als hij, nadat hij 2/3 van de straf heeft
uitgezeten, in vrijheid wordt gesteld. De
wet moet nog door de Tweede Kamer. Mochten
wij nog “oneffenheden” zien in de
voorwaarden dan kunnen wij die misschien nog
op tijd melden aan justitie en aan de
politici voordat deze wet bekrachtigd wordt.
Informatieverstrekking aan slachtoffers
We hebben Justitie
meegedeeld dat er niet alleen informatie
moet worden verstrekt over de tot
tbs-veroordeelden, maar ook over de “gewone”
gevangenen. Tevens willen we óók dat de
plaats wordt vermeld waar iemand vastzit,
wanneer iemand precies (welke dag, dagen)
begeleid en onbegeleid verlof krijgt en
wanneer de dader vrij komt.
Justitie zegt
drukdoende bezig te zijn om te zorgen dat de
informatieverstrekking over de “gewone”
gevangenen van de grond komt. Wanneer dat nu
echt gaat gebeuren is nog (steeds) niet
bekend.
Na aandringen van onze kant wordt tijdens de evaluatie volgend jaar gekeken of de plaats waar iemand gedetineerd zit ook aan de nabestaanden vermeld moet worden. Voor ons als nabestaanden is dit een absolute “must” evenals de vermelding van de dag(en) wanneer de dader op (on)begeleid verlof gaat en de dag van vrijlating.
Waar Justitie (afd.
slachtofferzorg) zich tevens zorgen om maakt
is dat de ene kliniek uit zichzelf contact
opneemt met een nabestaande en dus wel
vermeldt waar de dader zit en de andere
kliniek(en) niet. Het komt er dus op neer
dat ene nabestaande wel mag weten waar de
dader verblijft en de andere nabestaande
niet, omdat die dader toevallig in een
andere kliniek vastzit. Dit is willekeur en
kan natuurlijk niet. Deze situatie wordt
z.s.m. intern besproken.
De desbetreffende
kliniek wist helemaal nog niet van het
bestaan van het “Informatiepunt TBS”
Bovendien was het in het onderhavige geval
zo, dat de nabestaande gevraagd werd mee te
denken met het behandelplan aangaande
begeleid verlof, terwijl er al een aanvraag
liep voor onbegeleid verlof. Op z’n zachtst
gezegd onzorgvuldigheid troef en men weet in
de justitieketen kennelijk niet wat er
allemaal gaande is. Communicatie?
Lotgenoten contactgroepen in brochures
Het lukt niet/past
niet om onze organisaties te vermelden in de
folder van Justitie om dat deze van te
algemene aard zou zijn. Wel is het mogelijk
om onze organisaties te linken op de website
van justitie, hetgeen gaat gebeuren. Men
verwees ons tevens nog naar de folders? en
de websites van SHN en Schadefonds
Geweldsmisdrijven. Ook daar kunnen wij ons
melden om hierover in overleg te gaan
voorzover dat nog niet is gebeurd.
Congres Schadefonds
Geweldsmisdrijven
We kregen een
uitnodiging om op 9 november aanwezig te
zijn bij een congres van Schadefonds in Den
Haag. Degene die zich nog niet had aangemeld
kon zich ter plekke alsnog aanmelden.
Risicotaxatie-instrument Bij navraag is gebleken dat het “risicotaxatie-instrument” niet bij alle klinieken en bij het PBC (Pieter Baan Centrum) even goed gebruikt wordt. Sterker, het is vrijwel zeker dat het PBC nog verouderde testmethoden gebruikt. Bij de klinieken wordt dit instrument ook niet altijd op de juiste strakke wijze consequent doorgevoerd, terwijl dit m.i.v. 01-01-2003 verplicht is. Na de ontvoering van het Chinese meisje (± 1,5 à 2jr. geleden?) geldt deze verplichting ook voor het wel of niet toestaan van (on)begeleid verlof. Ook de opleiding van het personeel die dit instrument moet gebruiken is niet voldoende. Het lijkt erop dat de beleving om dit goed uit te voeren nog ver te zoeken is. Het gevolg hiervan is dat bij de beoordeling van de “daders” er verschillen ontstaan waarbij de ene deskundige (kliniek) zegt dat hij klaar is voor de maatschappij of dat hij op verlof mag en de andere deskundige van mening is dat hij in een longstay zou moeten. Dit is natuurlijk een onacceptabele situatie en komt het hele tbs-beleid ongeloofwaardig over. Gezien de wetgeving en het tbs-beleid is het “risicotaxatie-instrument” momenteel het beste wat we hebben. Zelf vinden wij overigens dat daders, die iemand zomaar zonder pardon omgebracht hebben, levenslang zouden moeten krijgen. Helaas de politiek is (nog) niet zover.
Justitie erkent dat dit “risicotaxatie instrument” op zijn zachtst gezegd nog niet goed wordt gehanteerd. Justitie deelt, net als wij, de mening dat je vraagtekens kunt zetten bij deskundigheid van het PBC. Op verzoek van ons zullen op één van de volgende bijeenkomsten vertegenwoordigers van de klinieken aanwezig zijn.
We hebben geconstateerd dat ook rechters niet allemaal op de hoogte zijn van de inhoud en van de betekenis van het “risicotaxatie-instrument”. Justitie zal kijken of dit niet moet worden meegenomen in de hun opleiding en voor de huidige situatie zou het goed zijn om ze op dat gebied bij te scholen.
Gesprek rechters Na de melding dat het gesprek met de rechters waarschijnlijk begin volgend jaar gaat plaatsvinden werd de bijeenkomst beëindigd.
05 november 2006, Mans Kerstholt
|