Gesprek met Zijne Excellentie Minister-President J.P. Balkenende

  Den Haag               1 mei 2006

Een goed gesprek!

 

Op maandag 1 mei jongstleden hadden 8 personen om 9.30 uur op het centraal station te Den Haag afgesproken.
De 8 zouden een gesprek gaan voeren met Minister-president J.P. Balkenende.
Maar eerst nog even samen koffie drinken en de puntjes op de welbekende i zetten. Na een zoektocht vonden we een open horecagelegenheid. Na wat genuttigd en overlegd te hebben, kwamen we iets voor 11.00 uur aan op Binnenhof 19. Erg vlot werden we binnengelaten door de bewaking om vervolgens door een uiterst vriendelijke bode naar de ontvangkamer gebracht te worden. Er mocht gerookt worden en we werden voorzien van een kop koffie.

 

Om klokslag 11.00 uur kwam de heer Balkenende, samen met zijn woordvoerder de heer van Beek, binnen. Hij was blij dat hij eindelijk eens met ons kon spreken. Hij zei er wel bijzonder tegenop gezien te hebben, omdat wat wij meegemaakt hebben, het ergste is dat een mens kan meemaken. De heer Balkenende kwam vanaf het begin warm, sympathiek en betrokken over.

Hierdoor voelden wij ons op ons gemak en zakten de zenuwen, die bij enkelen aanwezig waren, tot een acceptabel niveau.

De heer Balkenende vond echter het contact met ons belangrijker, dan alleen het algemeen belang van het gesprek.

Jac bood daarna een document met problemen en daarbij behorende oplossingen aan.

 

Eenieder kreeg vervolgens even de gelegenheid om zich voor te stellen en te vertellen over het persoonlijke drama dat hij of zij had meegemaakt. Het vooropgestelde plan was om aansluitend een aantal onderwerpen de revue te laten passeren. De heer Balkenende had echter voor iedereen en zijn of haar verhaal meer aandacht, dan wij hadden gedacht. Hierdoor verliep het gesprek niet zoals we het volgens het plan gedacht hadden. De onderwerpen die wij wilden bespreken, kwamen echter door de vragen van de heer Balkenende en de discussies die daaruit voortkwamen toch bijna allemaal aan de orde. Vooral omdat iedereen zijn eigen onderwerpen in het gesprek zelf naar voren bracht.

 

Mieke sprak over de problemen binnen gezinnen en met name de problemen met kinderen en kleinkinderen.

Jac lichtte de ontwikkelingen bij Slachtofferhulp Nederland m.b.t. de case-manager en hulpverlening door BNMO toe. Tevens meldde hij dat we de steun van de politiek om de subsidie via het Ministerie van Justitie rond te krijgen hard nodig hadden.

Anneke bracht de agressie en bedreigingen van daders en de daarmee gepaard gaande angst bij slachtoffers naar voren. De heer Balkenende begreep dit ten volle, omdat hij door een gevaarlijke stalker was gestalkt en omdat zijn vrouw bedreigd was geweest met een mes. Ook nodigde zij hem nadrukkelijk uit om eens aanwezig te zijn op een lotgenotencontactdag. De heer Balkenende zou bekijken of dit in zijn drukke schema was in te passen.

Jacqueline lichtte toe dat onze rechtsstaat te weinig oog heeft voor de slachtoffers. Wij als nabestaanden zijn geen enkele partij in de rechtzaak, maar wel de belangrijkste getroffenen.

De heer Balkenende beaamde dit, want hij had hier al in zijn studie rechten vraagtekens bij gezet.

Ferry sprak over de te lage straffen en de angst om niet voor zichzelf in te kunnen staan als hij oog in oog stond met de dader. Ook dit kon de heer Balkenende volledig begrijpen.


 

Piet gaf aan welke problemen er rondom TBS en de gebrekkige informatievoorziening speelden.

En Martin sprak tot slot over de terugkeer van daders in de woonomgeving en gedwongen verhuizingen en andere problemen die hiermee gepaard gaan.

 

De heer Balkenende beloofde al onze punten te bepreken met de Ministers Donner en de Geus.
Via de heer van Beek zouden de resultaten van deze gesprekken aan ons teruggekoppeld worden.

Ook zei hij nogmaals met ons contact te willen hebben.

 

Een uur was te kort en daarom duurde het ook iets langer. Als afsluiting gingen we gezamenlijk met de heer Balkenende op de foto. Daarna kreeg iedereen nog een hand en werden we weer uiterst vriendelijk door de bode naar buiten toe geleid.

 

Iedereen had een goed gevoel over het gesprek. We hadden het gevoel gehoord te zijn en de hoop dat de heer Balkenende daadwerkelijk iets met wat wij ingebracht hadden zou gaan doen.

Natuurlijk moeten we wel doorgaan met het vragen van aandacht en alert blijven, want er moet nog veel gebeuren!

Tot slot sloten we de ochtend gezamenlijk af met een lunch.

 

Het was een goed gesprek!

 

Dit vonden: Martin Roos, Mieke van Dorst, Anneke Heins, Jacqueline van Veen, Piet Beekenkamp, Ferry Rombouts en Jac Nooijens.

 

De stichting AANDACHT DOET SPREKEN is een lotgenotencontactgroep voor slachtoffers en nabestaanden van slachtoffers van ernstige geweldsmisdrijven.

 

Wat we doen en nastreven staat o.a. beschreven in de overhandigde brochure.

Onze doelstelling vandaag is u enkele zaken, die van belang zijn voor onze gehele samenleving, onder ogen te brengen. Want wat ons is overkomen, kan iedereen overkomen!

De te bespreken zaken zullen in eerste instantie kort toegelicht worden door enkele personen. Daarna zal in discussievorm elk punt nader aan de orde komen.

 

Nr.

Onderwerp

Wie

1.

Wie/wat is ADS en overhandiging zaken op papier

Jac Nooijens

2.

Voorstelronde

Ieder stelt zichzelf kort voor

3.

Algemeen belang

Jac Nooijens

4.

Gevolgen voor gezin, kinderen, kleinkinderen

Mieke van Dorst

5.

Verbetering positie slachtoffers en nabestaanden

Anneke Heins

6.

Rechtssysteem te veel dadergericht en te weinig slachtoffergericht

Jacqueline van Veen

7.

TBS en informatievoorziening hieromtrent

Piet Beekenkamp

8.

Straffen, voorwaardelijke invrijheidsstelling

Ferry Rombouts &

Martin Roos

9.

Opening discussie

Jac Nooijens

 

 

U hebt gesproken met:

Martin Roos uit Den Haag                   (vader van slachtoffer)

Mieke van Dorst uit Roosendaal          (moeder van slachtoffer)

Anneke Heins uit Oost Souburg           (moeder van slachtoffer)

Jacqueline van Veen uit Zoetermeer  (zus en tante van slachtoffers)

Piet Beekenkamp uit Maassluis            (vader van slachtoffer)

Ferry Rombouts uit Kaatsheuvel          (broer en zwager van slachtoffers)

Jac Nooijens uit Etten-Leur                  (schoonzoon en zwager van slachtoffers)

 

E-mailadres ADS: info@aandachtdoetspreken.nl

Website ADS: www.aandachtdoetspreken.nl

Problematiek en oplossingen op de redelijk korte termijn.

 

Psychische/emotionele problemen:

1.      Traumaverwerking ß à   onderdrukt door rechtzaak (meestal > 2 jaar)
Van groot belang om de doorlooptijd van rechtzaken korter te maken, zodat eerder met rouw- en traumaverwerking kan worden begonnen;

2.      Relatieproblemen   partners, gezinsleden, familieleden, vrienden, kennissen;

3.      Depressies, lusteloosheid, onverschilligheid;

4.      Angst en woede;

5.      Gedragsproblematiek bij jongeren.

a.       Jonge kinderen die verplicht naar de ouder moeten die het delict gepleegd heeft, vertonen vaak, met name in de bezoekperiode, onhandelbaar (ook agressief) gedrag of psychosomatische klachten (hoofdpijn, buikpijn, overgeven, misselijk zijn, etc.);

b.      Oudere kinderen krijgen vaker last van depressies en onverschilligheid, hebben geen vrienden/vriendinnen of gaan agressief of ongewenst gedrag vertonen;

Bovenstaande bijzonder ingewikkelde problematiek maakt het voor vrijwilligers van Slachtofferhulp Nederland onmogelijk om daar op gepaste wijze mee om te gaan. Dit moet bij voorkeur gedaan worden door een instantie met voor deze doelgroep gespecialiseerde hulpverleners.
SHN heeft momenteel contact met BNMO (instelling voor hulp aan getraumatiseerde militaire oorlogsslachtoffers). Zij zijn gespecialiseerd in traumaverwerking en kunnen, door deze kennis en ervaring, van groot belang zijn voor onze lotgenoten.

Door te gaan werken met onze doelgroep doen zij ervaring en kennis op om de doelgroep steeds beter te kunnen gaan helpen bij de verwerking van de opgelopen trauma’s en de gerelateerde problemen.

 

Gerelateerde problematiek, vaak ontstaan door de depressies, lusteloosheid en onverschilligheid enerzijds, maar ook door onbekendheid met de problematiek bij de instanties anderzijds:

1.      Problemen op het werk, school, studie;

2.      Problemen met instanties: ARBO, gemeente, overheid, politie, gerechtshoven;

3.      Financiële problemen;

4.      Gebrek aan kennis van het hele juridische systeem met alle gevolgen van dien.
Dit geldt zowel voor het strafrechtelijke als het civielrechtelijke traject.

Ook bovenstaande uitgebreide en ingewikkelde zaken maken het voor vrijwilligers van Slachtofferhulp Nederland onmogelijk om daar op gepaste wijze mee om te gaan.

SHN heeft in een onderzoek ook bovenstaande onderkend en heeft een idee van ADS om een zogenaamde beroepskracht als casemanager te gaan laten fungeren in ontwikkeling.
De casemanager zal, waar nodig, contacten met instanties onderhouden, psychologische hulp inschakelen en de ondersteuning bieden voor de problemen die in de diverse fasen van het totale proces nodig zijn.

 

Wij vragen de Minister om bovenstaande ontwikkelingen bij SHN daadkrachtig te ondersteunen. Enerzijds m.b.t. een breed draagvlak van de politiek en anderzijds

met name daar waar het budgettering betreft voor beroepskrachten bij SHN en financiering van de hulpverlening door BNMO.


 

Problematiek en oplossingen op de langere termijn.

 

Positie slachtoffers en nabestaanden:

-   geen rol van betekenis in de rechzaak, terwijl ze de belangrijkste getroffenen zijn;

-   psychische gevolgen voor slachtoffers/nabestaanden worden niet meegenomen in de strafmaat;

-   in een rechtzaak zal de officier van justitie/advocaat generaal proberen de waarheid boven te krijgen en een daarbij passende straf te eisen. Zijn tegenhanger, de advocaat van de verdachte, zal altijd proberen vrijspraak te verkrijgen voor zijn cliënt. Zelfs al moet hij de waarheid hiervoor geweld aan doen. Tevens doen advocaten er alles aan om de rechtzaken zo lang mogelijk te laten duren;

-   ons rechtssysteem is er meer op gericht om daders weer zo snel mogelijk terug te brengen in de maatschappij, dan om slachtoffers/nabestaanden te helpen om weer een draaglijk bestaan op te bouwen in de maatschappij.

  .

Oplossingen:

-   meer aandacht voor slachtoffers/nabestaanden door ze te betrekken in het gehele rechtsproces;

-   ook de psychische/emotionele gevolgen voor slachtoffers/nabestaanden meenemen in de strafmaat;

-   een advocaat voor de slachtoffers/nabestaanden of  bij strafzaken m.b.t. zware delicten een multidisciplinair team van deskundigen die een advies uitbrengen aan de meervoudige kamer:

o        Een vertegenwoordiger van de advocatuur die de belangen van de verdachte zo goed en eerlijk als mogelijk zal behartigen;

o        Een vertegenwoordiger van justitie die de belangen van de maatschappij in het algemeen en slachtoffers en nabestaanden in het bijzonder zo goed en eerlijk als mogelijk zal behartigen;

o        Een vertegenwoordiger van het politieapparaat die de onderzoeksresultaten van het rechercheteam kan toelichten en andere onderzoeken kan adviseren;

o        Een gedragsdeskundige die mogelijke psychologische en psychiatrische rapportages kan toelichten of onderzoeken hiertoe kan adviseren.

 

Voordelen:

-   Slachtoffers en nabestaanden worden eerlijker vertegenwoordigd in de rechtspraak en zullen daardoor minder gefrustreerd en boos zijn. En dit zal de rouw- en traumaverwerking ten goede komen.

-   Er zullen per delict minder rechtszittingen nodig zijn;

-   De individuele rechtzaken zullen gemiddeld korter van duur worden;

-   De doorlooptijd van rechtzaken zal veel minder lang zijn.

 


 

TBS en informatievoorziening:

-   TBS heeft vaak als doel om daders weer te laten terugkeren in de maatschappij.
Dit stoelt nog steeds op de gedachte uit de vorige eeuw dat iedereen en alles te “genezen” is.
Inmiddels is echter al voldoende aangetoond dat veel psychiatrische en/of karakterologische aandoeningen/afwijkingen door therapie niet te veranderen zijn.
Oplossing:

-         meer TBS-ers eerder op longstay afdelingen

-   de informatievoorziening is karig en voor ons onbevredigend en onvolledig.
Vaak geen informatie over de verblijfplaats van de daders m.b.t. gevangenis of TBS-kliniek.
Er wordt alleen maar medegedeeld dat een dader proefverlof zal gaan krijgen.
De precieze tijdstippen van de proefverloven worden niet medegedeeld, terwijl dat nu juist de enig echte informatie is waar wij als slachtoffers/nabestaanden wat aan hebben.
Oplossingen:

-         bekendmaken waar de dader verblijft of waar hij naartoe wordt overgeplaatst;

-         datum en tijdstip van proefverlof bekendmaken aan slachtoffers/nabestaanden die hierover geïnformeerd willen worden. Dit betekent gemoedsrust op de dagen waarvan we weten dat daders daadwerkelijk vast zitten.

 

Straffen:

-   de straffen in Nederland zijn nog steeds te laag m.b.t. de zéér zware delicten zoals bijvoorbeeld moord met voorbedachten rade. Ook is er tussen rechtbanken onderling en tussen rechtbanken en gerechtshoven een groot verschil m.b.t. het opleggen van straffen voor de zware delicten.

-   er zijn geen wettelijk gefixeerde minimum straffen voor de zéér zware delicten.

Wij pleiten voor zwaarder straffen voor zware geweld- en zedendelicten en voor een systeem/regelgeving op basis waarvan alle rechtbanken en gerechtshoven voor vergelijkbare delicten nagenoeg tot een zelfde uitspraak zullen komen.

 

Voorwaardelijke invrijheidsstelling:

-   voorwaardelijke invrijheidstelling is een ernstige vorm van volksmisleiding.
Een uitspraak van 18 jaar gevangenisstraf betekent 12 jaar hechtenis en nog 6 jaar voorwaardelijk daarna.
Alleen personen die goed op de hoogte zijn van de rechtspraak in Nederland weten nu dat de dader niet 18 jaar, maar 12 jaar in de gevangenis zal door moeten brengen en dat het gedrag van de dader in de gevangenis geen invloed heeft op het voorwaardelijke deel.
Het voorwaardelijke deel heeft alleen betrekking op gedrag na de gevangenisstraf. Maar welke soort delicten het voorwaardelijke deel tot effectieve uitvoering kunnen laten komen is niet bekend.
Waarom wordt de uitspraak in dit geval niet letterlijk: 12 jaar hechtenis en aansluitend 6 jaar voorwaardelijk?


 

Wij lotgenoten van de lotgenotencontactgroep AANDACHT DOET SPREKEN vragen uw dringende hulp en aandacht voor de volgende zaken:

 

1.      Slachtofferhulp Nederland moet betaalde beroepskrachten als casemanagers in kunnen gaan zetten voor de hulp aan slachtoffers/nabestaanden van zware gewelds- en zedendelicten;

2.      Slachtofferhulp Nederland mag slachtoffers/nabestaanden van zware gewelds- en zedendelicten (psycho)therapeutische hulp aanbieden via BNMO. Hieraan mogen voor de slachtoffers/nabestaanden geen kosten verbonden zijn.

3.      Slachtoffers/nabestaanden gratis een advocaat ter beschikking stellen.
Deze advocaat moet een serieuze partij zijn in de rechtzaak.

4.      Slachtoffers/nabestaanden dienen altijd te worden bijgestaan in kosten ontstaan door het geweldsmisdrijf, hierbij dient een dader in eerste instantie alle financiële gevolgen van zijn daad te dragen. Dit geldt ook voor kosten voor therapie en ziektekosten.

5.      Een dader die zijn partner heeft omgebracht mag geen recht meer hebben op zijn/haar kinderen. Ook zijn/haar familie niet.

6.      Een dader dient verplicht te worden om te verschijnen op de rechtszitting.
Door niet te verschijnen schoffeert hij het slachtoffer en de nabestaanden nogmaals!

7.      Een dader mag niet terugkeren naar de woonplaats waar slachtoffers/nabestaanden wonen.
Niet tijdens proefverloven en niet na detentie.

8.      Minimum straffen invoeren en inspraak slachtoffers bij de opstelling van voorwaarden, verlof en voorwaardelijke invrijheidsstelling.

9.      TBS-informatie verbetering.

10.  Huidige contacten met ministerie van Justitie, Slachtofferhulp Nederland en politici moeten gecontinueerd worden.

11.  Laten verrichten van wetenschappelijk onderzoek m.b.t. gevolgen voor nabestaanden van een omgebracht familielid.